Kernwoord: Duurzaamheid
Evaluatie programma Jong Leren Eten
Het programma Jong Leren Eten heeft als doel jeugdigen tot 18 jaar voedselvaardiger te maken door zowel landelijk als regionaal netwerken te versterken en activiteiten gericht op duurzaamheid en op gezond eten aan elkaar te verbinden. Regioplan voert de tussen- en eindevaluatie uit van de twee programmaperiodes (2021-2024).
Veel jeugdigen weten niet waar voedsel vandaan komt en eten ook onvoldoende groente en fruit. Het aanbod van activiteiten die jeugdigen voedselvaardiger kunnen maken, is versnipperd. Het doel van Jong Leren Eten is gericht op samenwerking tussen partners die actief zijn op thema’s duurzaamheid en gezondheid, zodat netwerken rondom voedseleducatie versterkt worden. Jong Leren Eten richt zich op de setting van kinderopvang en onderwijs (po, vo en mbo).
Tussen- en eindevaluatie
De Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO) – de uitvoerder van Jong Leren Eten – heeft Regioplan gevraagd om een tussen- en eindevaluatie uit te voeren van de programmaperiode 2021-2024. De tussenevaluatie wordt begin 2023 uitgevoerd; de eindevaluatie midden 2024.
Regioplan heeft ook de vorige evaluatie van Jong Leren Eten uitgevoerd. Hieruit kwam naar voren dat de samenwerking rondom voedseleducatie is toegenomen en activiteiten gericht op duurzaamheid en gezondheid meer verknoopt zijn geraakt. De netwerkaanpak bleek echter niet volledig geborgd. Voor de tweede (huidige) programmaperiode wordt daarom de focus gelegd op borging van de netwerksamenwerking zodat er verankering is van voedseleducatie gerich op gezonde en duurzame voeding.
Regioplan onderzoekt tijdens de tussenevaluatie in hoeverre Jong Leren Eten op koers ligt om de doelen van de tweede programmaperiode te bereiken. Dit doen we door in gesprek te gaan met onder andere netwerkpartners.
Evaluatie Voedingscentrum
Het Voedingscentrum informeert consumenten over duurzame voeding en voedselverspilling en stimuleert duurzame voedselconsumptie. Hiervoor ontvangt het Voedingscentrum een subsidie van het ministerie van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit (LNV). Wij onderzochten de doeltreffendheid en doelmatigheid van de activiteiten en tools die het Voedingscentrum inzet. Dragen de activiteiten eraan bij dat consumenten minder voedsel verspillen en een duurzamer dieet volgen? Tevens brachten we in kaart of en hoe een meer doeltreffende en doelmatige inzet van de beschikbare middelen van het ministerie mogelijk is. Het onderzoek wordt uitgevoerd over de periode 2013-2018.
Grote output en groot bereik
Uit de evaluatie komt naar voren dat het Voedingscentrum met relatief beperkte budgetten een relatief grote output bewerkstelligt en het de thema’s duurzaamheid en gezondheid goed aan elkaar weet te verbinden. Samenwerkingspartners en experts zijn overwegend positief over de samenwerking en over de wijze waarop het Voedingscentrum activiteiten uitzet. De doeltreffendheid van de activiteiten van het Voedingscentrum zijn moeilijk vast te stellen. Toch wordt de werkzaamheid van de activiteiten ondersteund door diverse bevindingen. Het betreft bijvoorbeeld het grote bereik van de activiteiten onder consumenten en de landelijke daling in voedselverspilling. Ook de uitkomsten van de enquête onder consumenten die in deze evaluatie is uitgezet laten zien dat consumenten die bekend zijn met het Voedingscentrum meer kennis en handelingsperspectieven lijken te hebben ten aanzien van duurzaam voedsel dan consumenten die het Voedingscentrum niet kennen, al zijn de verschillen klein te noemen en kunnen we geen uitspraken doen over causaliteit.
Aandachtspunten
De volgende aandachtspunten komen naar voren
- Sommige doelgroepen, zoals laagopgeleiden, blijven lastig te bereiken. Dit komt mogelijk doordat de inzet onvoldoende op specifieke, gedefinieerde doelgroepen wordt gericht.
- Het Voedingscentrum zou nog meer kunnen doen om te komen tot duurzame voedselkeuzes bij de consument door onder meer te kijken naar het vergroten van vaardigheden en door gedragsverandering te ondersteunen. Deze aspecten zijn lastiger te beïnvloeden, maar wel cruciaal volgens experts.
- Voor partners en consumenten lijkt de focus van het Voedingscentrum als eerste te liggen op gezondheid, dan voedselverspilling en als laatste duurzaamheid. Onderliggend hieraan is het hogere budget van het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport en het gebrek aan helderheid over het begrip ‘duurzaam voedsel’.
Reactie minister van LNV
De minister van LNV onderschrijft de conclusies en neemt de aanbevelingen van de evaluatie over. De rol van het Voedingscentrum zal worden gehandhaafd en het Voedingscentrum zal betrokken worden in de verdere afbakening en definiëring van wat bedoeld wordt met ‘duurzaam voedsel’. Er zal bekeken worden of er meer ruimte is voor de toetsing van de effectiviteit van tools en campagnes.
Meer informatie?
Neem contact op met Miranda.
Lees ook de kamerbrief voor de volledige reactie van de minister.
Het onderzoek werd uitgevoerd in opdracht van het ministerie van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit.