Evaluatie Handhaving van het verbod op seksuele intimidatie in het openbaar

Achtergrond

De afgelopen jaren is er veel veranderd in de opvattingen over seksueel grensoverschrijdend gedrag en seksueel geweld. Dat heeft geleid tot aanscherping van de wetgeving op dit vlak. Onderdeel daarvan is de strafbaarstelling, per 1 juli 2024, van seksuele intimidatie in het openbaar. Handhaving van dit verbod gebeurt door de politie. In een aantal zogenaamde ‘koplopergemeenten’ worden daarnaast ervaringen opgedaan met handhaving door buitengewoon opsporingsambtenaren (boa’s).

Het onderzoek

Beide vormen van handhaving zijn het komende jaar onderwerp van evaluatie door Regioplan en de Open Universiteit. Daarbij staat de vraag centraal hoe de handhaving in de praktijk verloopt, welke resultaten dat oplevert en of de handhaving effectief is. Specifiek voor de handhaving door boa’s wordt onderzocht aan welke randvoorwaarden moet worden voldaan om in de toekomst handhaving van dit verbod door boa’s ook in andere gemeenten in te kunnen voeren.

De uitkomsten van de evaluatie worden medio 2026 verwacht.

Internationale verkenning handhavingsbeleid

Het Nederlandse handhavingsbeleid op het gebied van sociale zekerheid lag de afgelopen jaren regelmatig onder vuur, en het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid (SZW) zoekt dan ook naar een nieuwe balans hierin. In opdracht van het ministerie onderzocht Regioplan het handhavingsbeleid in zes andere Europese landen. Hoe ziet dat beleid eruit? En: wat kan Nederland leren van de ervaringen in het buitenland?

Het Nederlandse handhavings- en fraudebeleid in de sociale zekerheid is onderwerp van discussie. Mediagenieke gebeurtenissen als de ‘boodschappenaffaire’ en de toeslagenaffaire hebben gezorgd voor een maatschappelijke en politieke wens voor meer balans en maatwerk.

Herijking

Daarom werkt de directie Stelsel en Volksverzekeringen (SV) van het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid (SZW) aan een herijking van het handhavingsinstrumentarium voor de sociale zekerheid.

Doel is om een balans te vinden tussen enerzijds oog voor de mens achter de uitkering om schrijnende situaties te voorkomen, en anderzijds slagkracht om opzettelijk misbruik van sociale zekerheidsgelden aan te pakken.

Zes andere landen

Als input voor deze herijking voerden wij, in opdracht van het ministerie, een internationaal verkennend onderzoek uit naar het handhavingsbeleid in de sociale zekerheid. Wat kunnen we leren van hoe andere landen hun handhavingsbeleid hebben ingericht? Het onderzoek omvatte deskresearch en interviews met experts uit zes Europese landen: België, Denemarken, Duitsland, Finland, Frankrijk en het Verenigd Koninkrijk.

Aanzienlijke verschillen en overeenkomsten

Het onderzoek heeft laten zien dat de handhavingsstelsels van de zes onderzochte landen aanzienlijke verschillen én overeenkomsten bevatten; onder meer als het gaat om het vertrouwen in burgers en professionals, het maatschappelijk draagvlak voor het socialezekerheidsstelsel, de manier waarop landen kijken naar het onderscheid tussen fouten en fraude, en de praktische uitvoering. Daarnaast bracht het onderzoeksteam de belangrijkste uitdagingen in kaart die in de onderzochte landen spelen rondom het handhavingsbeleid.

In algemene zin lijken zich twee trends af te tekenen: meer ruimte om oog te houden voor de mens achter de uitkering, en een toename van grootschalige data-infrastructuur bij de uitvoering van de uitkeringsregelingen.

Het ministerie van SZW gebruikt de lessen die uit het onderzoek te trekken zijn voor de herijking van het Nederlandse handhavingsbeleid.

Meer weten?

Lees dan het eindrapport, ons eerdere nieuwsbericht, of het artikel in Sociaal Bestek over dit onderzoek.

Seksbranche 2020

In opdracht van het Wetenschappelijk Onderzoek- en Documentatiecentrum (WODC) hebben we een nulmeting uitgevoerd om later mogelijke effecten van de mogelijke, komende Wet regulering sekswerk te meten. Deze nulmeting ging over de aard en omvang van de seksbranche, het gemeentelijk beleid en de organisatie van toezicht en handhaving.

Gemeentelijk beleid

Gemeenten die prostitutiebeleid formuleren maken keuzes: Willen we überhaupt sekswerk in onze gemeente? En zo ja, hoe balanceren we dan tussen drempelverhogende maatregelen om misstanden en mensenhandel buiten de deur te houden en drempelverlagende maatregelen, die ervoor zorgen dat autonome sekswerkers hun werk kunnen doen.

Dit onderzoek laat op basis van een grootschalige enquête onder gemeenten zien hoeveel gemeenten prostitutiebeleid hebben, hoe het beleid in Nederlandse gemeenten te typeren is. En welke keuzes gemeenten in hun beleid maken.

Het blijkt dat ongeveer de helft van gemeenten prostitutiebeleid heeft. Dit is minder dan vijf jaar geleden, toen nog driekwart prositutiebeleid had. Veruit de meesten staan een maximaal aantal seksbedrijven toe. De gemeenten richten hun beleid met name op vergunningseisen, vestigingscriteria, handhaving en toezicht, gezondheidsaspecten en ook het bestrijden van mensenhandel.

Thema’s als de versterking van de maatschappelijke positie van sekswerkers, uitstapbeleid, participatie van seks-werkers in beleid, destigmatisering en versterking van de arbeidsmarktpositie komen relatief weinig in het beleid voor.

Halvering van vergunde seksbedrijven

Het aantal vergunde seksbedrijven in Nederland lijkt sinds 5 jaar geleden gehalveerd. Relatief veel gemeenten geven vergunningen aan seksclubs, privéhuizen en escortbureaus en in mindere mate aan de zelfstandige escort, raamsekswerk en thuisontvangst.

Dit onderzoek geeft ook een blik op de doorgaans onvergunde internetbranche. Gedurende een jaar werden er op de advertentiewebsites die we in ons onderzoek hebben meegenomen meer dan 27.000 unieke advertenties geplaatst.

Toezicht en handhaving

Samen met de politie zijn gemeenten de belangrijkste spelers in de organisatie van toezicht en handhaving. De bestuurlijke controles in de vergunde branche worden uitgevoerd door gemeentelijke handhavers, de politie of door beide.

Ook in de onvergunde branche zijn de gemeente en de politie de belangrijkste partijen. Hier worden de controles vaak nog door de Afdelingen Vreemdelingenpolitie, Identificatie en Mensenhandel (AVIM) uitgevoerd.

Bij sommige gemeenten ligt de regie en uitvoering voor toezicht en handhaving volledig bij de gemeente, in andere gemeenten is men nog zoekende naar een juiste rolverdeling. Er spelen hier meerdere knelpunten.

Gemeenten zeggen soms dat ze de capaciteit en de expertise niet hebben. Daarnaast mogen gemeenten momenteel geen gegevens van onvergund werkende sekswerkers noteren en uitwisselen. Dat bemoeilijkt de handhaving.

Overigens zijn er gemeenten die gegevens van sekswerkers nog vermelden in bestuurlijke rapportages. Verder worden de grote beleidsverschillen tussen gemeenten genoemd als obstakel in het houden van toezicht op de branche.

Meer weten?

Neem contact op Yannick of lees ons rapport.

Evaluatie van de beginnersregeling

Jonge bestuurders zijn veel vaker bij dodelijke verkeersongevallen betrokken dan meer ervaren bestuurders. De beginnersregeling geeft beginnende bestuurders strafpunten voor het begaan van ernstige verkeersovertredingen. Bij twee strafpunten kan een nieuw rijvaardigheidsonderzoek worden opgelegd. De regeling blijkt bij de doelgroep slechts beperkt bekend te zijn. De uitvoering is complex en vereist veel handwerk. Het aantal punten is gering, mede omdat een strafpunt alleen kan worden opgelegd na een overtreding waarvoor iemand staande wordt gehouden (dus bijvoorbeeld niet na flitsen). In het onderzoek zijn verschillende verbeterpunten geïdentificeerd. Tegelijkertijd blijft er twijfel aan de doeltreffendheid. Toch is de symboolfunctie belangrijk.

Stand van zaken hoogwaardig handhaven 2017

‘Hoogwaardig handhaven’ is een besturingsmodel dat is ontwikkeld om burgers te stimuleren om spontaan de regels na te leven die verbonden zijn aan het ontvangen van een (bijstands-)uitkering. Dit gedachtengoed wordt in de praktijk met succes toegepast, maar bevat nog veel onbenutte potentie. Er is dus werk aan de winkel!

‘Hoogwaardig handhaven’ (ook wel: Programmatisch handhaven) is ontwikkeld om burgers te stimuleren om spontaan de regels na te leven die verbonden zijn aan het ontvangen van een (bijstands-)uitkering. De daartoe strekkende prikkels worden ‘ingebakken’ in het uitkeringsverstrekkingsproces. Het gaat om een combinatie van goede informatieverstrekking, een soepel lopend administratief proces, gerichte controles (bijvoorbeeld risicogestuurd) en een sluitende sanctionering in geval van overtreding. Eerdere onderzoeken, onder meer van Regioplan, leerden dat dit concept zijn plaats heeft gevonden in de bedrijfsprocessen van sociale diensten. In 2017 is opnieuw de stand van zaken opgenomen. Dat is gebeurd door een panel van gemeenten te bevragen over dit onderwerp, met behulp van webenquêtes en verdiepende interviews.

Handhaving belegd bij de uitvoering

Uit het onderzoek blijkt dat de bekendheid van het concept hoogwaardig handhaven minder is geworden dan in 2010. Met name de bekendheid met en het gebruik van specifieke, aan hoogwaardig handhaven verbonden instrumenten blijken te zijn afgenomen. Dat betekent echter niet dat gemeenten minder aandacht besteden aan handhaving. Zowel de capaciteit als het werkaanbod blijken te zijn gestegen. De aandacht voor preventie blijkt onverminderd groot te zijn. Op terrein van handhaving wordt intensief samengewerkt met vele partijen. Binnen het sociale domein staat deze samenwerking in de meeste gemeenten nog in de kinderschoenen. Daarnaast leert het onderzoek dat de aandacht van bestuur en management voor handhaving in de afgelopen jaren is afgenomen. Het beeld dringt zich op dat de handhaving op dit moment met name wordt gedragen door de uitvoering.

Aanbevelingen voor gemeenten

Op basis van het onderzoek zijn aanbevelingen geformuleerd: actualiseer dit gedachtengoed; maak de effecten ervan beter zichtbaar; zorg voor bestuurlijke agendering; vergroot de kennis over de omgang met de privacywetgeving en pak deze verbeteringen gezamenlijk en planmatig aan.

Privacy in the big data era: Guaranteeing anonymity when disclosing sensitive information

On July 1st our colleague Maikel Groenewoud gave a presentation about privacy in the big data era at the Social Sciences and the Internet Conference 2016 in Eindhoven. In this digital era, this information age, more and more data is being collected, combined, stored and automatically generated which brings new privacy challenges. There are various privacy challenges such as the re-use of data for purposes other than for which it was originally collected and the use of data by so-called third parties. In the research literature about privacy in relation to ‘big data’, several solutions are proposed including randomization and privacy by design. In his presentation he illustrates how the anonymity of people’s data can potentially be guaranteed when using the randomized response method.

Privacy and survey research: Guaranteeing anonymity when disclosing sensitive information

Our colleague Maikel Groenewoud has given a presentation about privacy and survey research at the Amsterdam Privacy Conference 2015. The main focus of his presentation was on illustrating how the anonymity of respondents’ answers can be guaranteed when investigating sensitive topics, by using the randomized response method.

The exponential increase in data being generated and collected in modern society has caused increasing concerns about privacy issues, especially in relation to the disclosure of sensitive information. Randomized response is traditionally used in the data collection process to give respondents a guarantee of privacy. Potentially, a form of this technique can also be applied to so-called ‘big data’.

Effectiviteit fraudebestrijding bijstandsuitkeringen gemeente Amersfoort

Voor de Rekenkamercommissie Amersfoort onderzocht Regioplan de opzet en effectiviteit van de gemeentelijke aanpak van bijstandsfraude. Het rapport is hier te vinden.

Evaluatie alcholverboden Amsterdam-Centrum 2014

In het centrum van Amsterdam zijn gebieden aangewezen waarin geen alcohol in de openbare ruimte gedronken mag worden. Ook het bezit van geopende blikjes en flesjes met alcoholhoudende drank is in die gebieden verboden. Het doel van de verboden is om ernstige, hardnekkige overlast van alcoholmisbruikers tegen te gaan.

Het stadsdeel evalueert elk jaar of de alcoholverboden in de aangewezen gebieden moeten blijven bestaan, en of er eventueel andere gebieden zijn waar een alcoholverbod wenselijk is. In 2014 voerden wij voor de derde keer dit evaluatieonderzoek voor het stadsdeel uit. Daarbij maakten we gebruik van het eerder door ons ontwikkelde ‘afwegingsinstrument alcoholverbod’.

Meer informatie?
Neem contact op met Ger.

Onderzoek en advies over synergie tussen fraudemeldpunten

Er zijn meerdere organisaties in Nederland waar je terecht kan als je een melding wil doen van fraude. In opdracht van het Ministerie van Veiligheid en Justitie deden we onderzoek naar deze fraudemeldfunctie. De gedachte is dat er vormen van afstemming, samenwerking en synergie denkbaar zijn waarmee de meldfunctie en daarmee de fraudebestrijding versterkt kan worden. Regioplan stelde daarvoor een aantal scenario’s op.