Access to social protection for self-employed without employees in the Netherlands

Het aandeel zelfstandigen zonder personeel (zzp’ers) in Nederland is in de laatste decennia sterk toegenomen. In opdracht van de Europese Commissie onderzocht Regioplan de oorzaken en gevolgen van het zzp-schap voor de economie, werkenden en het stelsel van sociale zekerheid.

Het rapport is hier te downloaden.

Bij elkaar brengen van statushouders en werkgevers in Den Haag

Het vinden van een betaalde baan is voor statushouders geen gemakkelijke opgave, met als gevolg dat een overgrote meerderheid van deze nieuwkomers afhankelijk is van een bijstandsuitkering. In de gemeente Den Haag worden diverse inspanningen geleverd om statushouders te bemiddelen naar werk. Wij hebben met subsidie van het programma Vakkundig aan het Werk van ZonMw onderzoek uitgevoerd naar de werking en opbrengsten van de instrumenten die in Den Haag zijn ingezet om statushouders en werkgevers bij elkaar te brengen. De uitkomsten hebben betrekking op het beleid zoals uitgevoerd in de periode 2017 tot en met 2018.

Onderzoeksaanpak
Het onderzoek bestond uit een combinatie van effectiviteitsonderzoek en verklarend onderzoek. In de eerste fase is de Haagse aanpak om statushouders richting werk te begeleiden omschreven en de beleidstheorie achter deze aanpak opgesteld. In de tweede fase is een bestandsanalyse en kwalitatief onderzoek onder statushouders, werkgevers en professionals uitgevoerd. Het doel hiervan was om zicht te krijgen op de uitstroom van statushouders naar werk, op de werkzame mechanismen in de begeleiding en daarbij behorende relevante contextfactoren.

Effecten zichtbaar op lange termijn
Uit dit onderzoek blijkt dat het enige tijd kan duren voordat inspanningen van gemeenten om statushouders naar werk te begeleiden zichtbaar worden. In lijn met het landelijke beeld over de arbeidsparticipatie van statushouders constateren we dat van de statushouders die in 2016 een vergunning hebben gekregen 7 procent 18 maanden later aan het werk is, en dan vooral in kleine en tijdelijke banen.

Kansen op arbeidsparticipatie vergroten
Diverse aangrijpingspunten komen uit het onderzoek naar voren om de kans op arbeidsparticipatie te vergroten:

  1. het bieden van maatwerk, waarin het van belang is dat de begeleiding aansluit op wensen en (on)mogelijkheden van zowel statushouders als werkgevers en dat bij de inzet van instrumenten rekening wordt gehouden met de ontwikkelingsfase en achtergrondkenmerken van de statushouders.
  2. het bieden van continuïteit in de begeleiding, via het inzetten van regiehouders of casemanagement en het zorgen voor een warme overdracht.
  3. de vraagzijde (werkgevers) een centrale plek geven in de begeleiding van statushouders naar werk.

Sectoranalyse onderwijs

De Sectoranalyse onderwijs geeft inzicht in het opleidingenaanbod in de sector onderwijs en de ontwikkelingen hierin de afgelopen jaren. Daarnaast wordt getoond hoe de opleidingen binnen de sector aansluiten op de arbeidsmarkt en wat de arbeidsmarktprognoses zijn. De sector onderwijs bestaat in het onderzoek voornamelijk uit lerarenopleidingen. Opleidingen uit het hoger onderwijs behoren tot de scope van het onderzoek, waarbij het doel is meer zicht te krijgen op de macrodoelmatigheid van deze opleidingen. Dit onderzoek is uitgevoerd in opdracht van de Commissie Doelmatigheid Hoger Onderwijs (CDHO) en het ministerie van Onderwijs Cultuur en Wetenschap (OCW).

ESPN FLASH REPORT: Social protection for the self-employed through “bread funds”

As national experts in the European Social Policy Network (ESPN), Regioplan has published a short report on the rise of ‘bread funds’. This report was published on the website of the European Commission.

The self-employed in the Netherlands are not covered by traditional social security schemes, and the majority of them are not insured for the risk of sickness. A ‘bread fund’ is a voluntary collective of 20 to 50 selfemployed who support each other financially in case of sickness for up to two years.  A bread fund functions similarly to an insurance, but is owned by its participants rather than an insurance company.

Evaluatie subsidieregeling A+O fonds Rijk

In het Arbeidsmarkt- en Opleidingsfonds van het Rijk (A+O fonds Rijk) werken de vakbonden en de werkgever Rijk samen. Het fonds wordt grotendeels gefinancierd vanuit een op cao-afspraken gebaseerde subsidie, die wordt verstrekt voor het uitvoeren van activiteiten of het subsidiëren van projecten ten behoeve van het stimuleren van arbeidsmarkt-, werkgelegenheids- en opleidingsactiviteiten. De subsidierelatie dient ten minste eens in de vijf jaar geëvalueerd te worden op doeltreffendheid en de effecten van de subsidie in de praktijk (Awb art. 4:24). Op verzoek van het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koningrijkrelaties (BZK) heeft Regioplan de doeltreffendheid en doelmatigheid van de subsidie over de periode 2011-2015 onderzocht.

Versnelde participatie en integratie van vluchtelingen: de Amsterdamse Aanpak.

In 2016 startte de gemeente Amsterdam als één van de eerste gemeenten met een nieuwe aanpak om de arbeidsintegratie van vluchtelingen te bevorderen. Doel van de Amsterdamse aanpak is dat statushouders sneller dan voorheen beginnen aan werk of opleiding en aan inburgering. Gedurende twee jaar onderzochten wij de werking en de effectiviteit van de Amsterdamse aanpak statushouders, zodat andere gemeenten hiervan kunnen leren.

De Amsterdamse aanpak

De kern van de Amsterdamse aanpak statushouders is vroegtijdige en intensieve begeleiding naar werk of opleiding, door een speciaal team van gespecialiseerde klantmanagers. Deze klantmanagers hebben een lage caseload (1 klantmanager op 50 vluchtelingen), waardoor zij veel tijd hebben om de vluchtelingen intensief te begeleiden. Ook zetten zij diverse instrumenten in die speciaal ontwikkeld zijn voor de doelgroep vluchtelingen, waaronder een assessment en diverse cursussen gericht op kennismaking met de Nederlandse taal en maatschappij.

Snelle start inburgering en participatie

Ons onderzoek laat zien dat vluchtelingen binnen de Amsterdamse aanpak snel starten met de inburgering, deelnemen aan diverse trajecten en intensief worden begeleid richting werk. Vluchtelingen krijgen veel persoonlijke aandacht, en voelen zich gehoord en gesteund door hun klantmanager. Ook komen vluchtelingen in de gemeente Amsterdam vaker dan voorheen, en vaker dan op andere plekken in Nederland, aan het werk. Vluchtelingen werken meestal parttime, om het te kunnen combineren met de inburgering. Ook werken ze meestal in een contract voor bepaalde tijd, en relatief vaak in de horeca.

Aandachtspunten

Naast deze opbrengsten benoemen we ook enkele aandachtspunten voor de toekomst. Zo stopt de eerste baan van de meeste vluchtelingen binnen een jaar. Dit kan komen voor uitval uit de baan, maar kan ook zijn vanwege een overstap naar een andere baan of het starten met een studie. Verder blijft de participatie onder enkele kwetsbare groepen achter, zoals onder vrouwen en Eritreeërs. Dit komt ook uit landelijke onderzoeken naar voren.

Vakkundig aan het werk

Regioplan onderzocht de Amsterdamse aanpak statushouders gedurende twee jaar met behulp van subsidie van ZonMw in het kader van het programma ‘Vakkundig aan het werk’. Het onderzoek is gebaseerd op onder andere vragenlijsten en interviews onder statushouders, interviews met uitvoerders en praktijkobservaties. Ook zijn CBS-data geanalyseerd over de arbeidsdeelname van de vluchtelingen in Amsterdam. Naast het eindrapport zijn er twee deelrapporten verschenen. In het eerste deelrapport beschrijven we de werkwijze en de achterliggende beleidstheorie. In het tweede deelrapport beschrijven we op basis van een praktijktoets en een procesevaluatie of de Amsterdamse aanpak in de praktijk werkt zoals beoogd. Tot slot is in juli 2018 een factsheet gepubliceerd met cijfers over de resultaten van de Amsterdamse aanpak.

Meer informatie?
Neem contact op met Yannick.

ESPN Flash Report: Challenges for the Dutch polder model

As national experts in the European Social Policy Network (ESPN), Regioplan has published a short report on developments regarding the Dutch ‘polder model’. This report was published on the website of the European Commission.

The traditional Dutch “polder model” stands for consensus-oriented consultation between the social partners, but is losing impact due to the increasing flexibility of work and the trade unions’ declining level of organisation. The model’s downfall is particularly visible in current debates on the duration of unemployment benefits as well as the number of recent strike announcements.

Langdurig verblijf in de flexibele schil

De afgelopen decennia is er een toename van het aantal flexibele arbeidsrelaties. Daarnaast blijkt uit onderzoek dat een groter wordende groep langdurig in de flexibele schil verblijft. Deze groep werkt langer dan drie jaar op flexibele contracten, al dan niet afgewisseld met korte perioden van uitkeringsafhankelijkheid. Het UWV wilde graag weten wat de kenmerken zijn van groepen binnen de langdurige flexibele schil.

De centrale onderzoeksvraag luidde: wat maakt dat bij degenen die langdurig in de flexibele schil verblijven (en daarbij ook regelmatig een beroep moeten doen op een uitkering) er een positieverbetering (meer gewerkte uren, hoger inkomen, een vaste aanstelling en dergelijke) kan optreden? Om deze vraag te beantwoorden, hebben we een Qualitative Comparative Analysis uitgevoerd op een bestand van UWV. Daarnaast hebben we een groepsinterview en individuele face-to-face interviews afgenomen. Het rapport is niet openbaar.

Evaluatie Participatieverordening gemeente Almere

De gemeente Almere zet in het kader van de Participatiewet verschillende instrumenten in om mensen met een arbeidsbeperking aan het werk te helpen, zoals vastgelegd in de Participatieverordening. Als onderdeel van de evaluatie van deze Participatieverordening heeft Regioplan in opdracht van de gemeente Almere de ervaringen van werkgevers en cliënten met een arbeidsbeperking in kaart gebracht.

Hiervoor heeft Regioplan een combinatie van telefonische en face-to-face interviews gevoerd met 18 werkgevers waar arbeidsbeperkten zijn geplaatst, en 17 arbeidsbeperkte klanten die inmiddels bij een werkgever aan het werk zijn. De notitie met daarin de resultaten zal worden besproken in de gemeenteraad.

Levensloopbanen van werkloze 50-plussers

Langdurige werkloosheid onder 50-plussers kan hard ingrijpen in het leven van betrokkenen. Het CPB constateert dat het huidige beleid onvoldoende effectief is voor de grote groep oudere langdurig werklozen. Dit maakt iedere 50-plusser kwetsbaar op de arbeidsmarkt. Centrale vraagstelling is: hoe vergaat het 50-plussers die werkloos worden en wat is nodig om hun (arbeids)situatie te verbeteren? Om een goed beeld te krijgen van de veranderingen die werkloosheid met zich meebrengt, maken we onder andere gebruik van de LISS-panel dataset. Het onderzoek levert aanknopingspunten voor de verbetering van de arbeidsmarktpositie van werkloze 50-plussers.

Meer informatie?
Neem contact op met Vera.

Zie hier voor meer informatie.