Beoordelingskader cameratoezicht

Een beslissing om met camera’s toezicht op de openbare orde en veiligheid te houden is in principe tijdelijk. Een beslissing over voortzetting blijkt in de praktijk lastig. Als de veiligheidssituatie ongunstig is, bestaat de neiging om het cameratoezicht te handhaven of te intensiveren. Als de veiligheidssituatie zich gunstig ontwikkelt, willen overheid en burgers de camera’s handhaven omdat ze klaarblijkelijk effectief zijn. Het lijkt erop alsof cameratoezicht dus nooit kan worden beëindigd. Wij hebben een beslisinstrument ontwikkeld om systematische en onderbouwde beslissingen over voortzetting, beëindiging of aanpassing van cameratoezicht te nemen. De uitkomst is gebaseerd op de ontwikkeling van de veiligheid in het gebied, de benutting van de camera’s en de bijdrage van camera’s aan het veiligheidsgevoel. Het instrument wordt in verschillende grote gemeenten toegepast.

Meer informatie?
Neem contact op met Ger.

Plan van aanpak cameratoezicht Diamantbuurt Amsterdam

De Diamantbuurt in Amsterdam-Zuid heeft een lange geschiedenis van jeugdoverlast. Sinds 2011 wordt cameratoezicht ingezet. De stadsbrede evaluatie van 2017 liet zien dat het cameratoezicht in de bestaande opzet niet langer proportioneel was. In opdracht van het stadsdeel Zuid hebben we een nieuw plan van aanpak gemaakt met een actuele probleemanalyse, een kleiner aantal camera’s en nieuwe doelen.

Het onderzoek voeren we uit in opdracht van het stadsdeel Amsterdam-Zuid.

Meer informatie?
Neem contact op met Ger.

Advies cameratoezicht Amsterdam-Zuid

De cameraprojecten in Amsterdam-Zuid bestonden al voor het vaststellen van het nieuwe Amsterdamse Beleidskader Cameratoezicht. Daardoor voldoen deze projecten nog niet volledig aan de uitgangspunten van het beleidskader. Regioplan ondersteunt het stadsdeel bij het in lijn brengen van de projecten met het geldende beleidskader.

Evaluatie cameratoezicht Amsterdam 2012-2013

Cameratoezicht voor het handhaven van de openbare orde is in de gemeente Amsterdam sinds 1997 mogelijk. In 2013 zijn er 19 cameraprojecten in zes stadsdelen met in totaal 205 camera’s. De plaatsingsbesluiten die aan de cameraprojecten ten grondslag liggen lopen op 31 december 2013 af. Dan zal een nieuw besluit over het al dan niet voortzetten van de cameraprojecten genomen worden. Om die beslissing goed onderbouwd te kunnen nemen liet de gemeente Amsterdam een evaluatieonderzoek uitvoeren. De evaluatie levert een advies op over het voortzetten, aanpassen of beëindigen van de verschillende cameraprojecten.



Op basis van de evaluatieresultaten en het advies van de territoriale subdriehoeken heeft de burgemeester van Amsterdam op 14 april 2014 besloten over de cameraprojecten. Het besluit is hier te vinden. Het rapport is nog niet openbaar.

Effectmeting cameratoezicht in Antwerpen. Nut en noodzaak van evaluatieonderzoek.

In een bijdrage aan de praktijkgids cameratoezicht van de Vereniging van Vlaamse Steden en Gemeenten (VVSG) schetsen Ad Schreijenberg (Regioplan) en Johan Desseyn (Tempera) de effectmeting van cameratoezicht die sinds 2011 loopt in de stad Antwerpen. De stad houdt sinds 2001 toezicht met camera’s op straat. Momenteel beschikt de lokale politie over ongeveer 100 toezichtcamera’s. Het artikel geeft een algemene voorstelling van het onderzoeksproject en rapporteert over de resultaten van de eerste meting. Tegelijk illustreert het de troeven, maar ook de valkuilen van effectmetingen omtrent cameratoezicht.


De praktijkgids cameratoezicht is te bestellen op de website van de VVSG

Advies cameratoezicht Amsterdam Nieuw-West

In 2011 heeft er een evaluatie plaatsgevonden van zes cameraprojecten in Amsterdam Nieuw-West. Het evaluatierapport van Regioplan en TNO maakte duidelijk dat aanvullend onderzoek vereist was.



Regioplan heeft dit aanvullende onderzoek in oktober 2012 uitgevoerd. Per cameraproject is een advies opgesteld over het al dan
niet continueren ervan op basis van gegevens over het gebruik van de camera’s en de beelden die zij genereren.



Het dagelijks bestuur van het stadsdeel heeft kennis genomen van de
conclusies en belangrijkste aanbevelingen. Ook is burgemeester Van der Laan per brief gevraagd mee te werken aan de uitvoering van de aanbevelingen.

Niet het middel, maar de juiste inzet bepaalt het effect

Regioplan-onderzoeker Ad Schreijenberg schreef voor het managementblad Beveiliging een artikel over de effectiviteit van veiligheidsmaatregelen in het openbaar vervoer. Het artikel verscheen in het nummer van Beveiliging van 18 oktober 2012.



Monitoronderzoek laat zien dat het openbaar vervoer in Nederland ieder jaar veiliger wordt. Blijkbaar zetten OV-bedrijven dus de juiste maatregelen in om er voor te zorgen dat het aantal incidenten afneemt en we ons veiliger voelen. Welke maatregelen hier de grootste bijdrage aan leveren is moeilijk te zeggen. Net zoals het per maatregel moeilijk te zeggen is of er überhaupt een effect van uitgaat. Het pakket aan maatregelen werkt. Toch is dat, zeker in crisistijden, een onbevredigende gedachte. Het kan zomaar zijn dat sommige (dure) maatregelen ingezet worden terwijl ze amper iets opleveren. Van welke maatregelen is het waarschijnlijker dat ze werken dan van andere? Daar geeft het artikel een antwoord op.

Evaluatie cameratoezicht Amsterdam-West

Naar aanleiding van ernstige incidenten is in het gebied in en rondom de
Jan van Galenstraat in Amsterdam-West in oktober 2010 flexibel cameratoezicht ingesteld. De camera’s hebben tot doel om jongerenoverlast, overvallen, auto-inbraken en vernielingen tegen te gaan. Naast de inzet van camera’s is een pakket van andere veiligheidsmaatregelen uitgevoerd in het gebied.



Regioplan stelt in de evaluatie vast dat er niet gesproken kan worden van actief gebruik van de camera’s. Daarnaast wordt niet actief samengewerkt door de verschillende professionals die bij het cameratoezicht betrokken zijn. En ten slotte zijn technische problemen blijvend van aard gebleken. Door storingen zijn er vaak geen camerabeelden.



Op basis van deze bevindingen stellen we vast dat het cameratoezicht niet langer proportioneel is:

– de veiligheidssituatie is verbeterd;

– het is niet zonder meer aannemelijk dat de veiligheidssituatie verslechtert als de camera’s worden verwijderd (veel van de andere maatregelen uit het bredere pakket zijn beëindigd zonder negatieve gevolgen);

– en het cameratoezicht wordt in de praktijk niet actief gebruikt.

Advies cameratoezicht Edam-Volendam

In het coalitieakkoord 2010-2014 van de gemeente Edam-Volendam wordt verwezen naar de mogelijkheid tot het inzetten van cameratoezicht in de gemeente. De gemeente Edam-Volendam signaleert dat ervaringen van Nederlandse gemeenten met cameratoezicht wisselend zijn. De gemeente heeft Regioplan om advies gevraagd over de (on)mogelijkheden en de noodzaak van cameratoezicht binnen de gemeentegrenzen.

Detachering: Sociale veiligheid in het openbaar vervoer

De Rekenkamer Rotterdam detacheerde onderzoeker Ad Schreijenberg om mee te werken aan een onderzoek naar de sociale veiligheid in het Rotterdamse openbaar vervoer.



In opdracht van de Stadsregio Rotterdam heeft de Rekenkamer Rotterdam dit onderzoek verricht. De Stadsregio Rotterdam verstrekt jaarlijks ongeveer € 35 miljoen aan de RET om de sociale veiligheid in het openbaar vervoer te verbeteren. Hiertoe zet de RET verschillende instrumenten in, zoals controleteams, conducteurs, een gesloten instapregime voor de metro en camera’s. De laatste twee maatregelen zijn voor de sociale veiligheid effectiever gebleken dan de inzet van controleurs en conducteurs. Dit schrijft de Rekenkamer Rotterdam in haar rapport ‘veilig op weg. effecten stadsregionaal beleid op sociale veiligheid openbaar vervoer.’.

Ad heeft in het kader van het onderzoek zijn kennis over veiligheidsmaatregelen en hun effectiviteit ingezet en meegeschreven aan de rapportage. Daarnaast was hij verantwoordelijk voor een groot deel van de statistische analyses en heeft hij interviews gehouden met betrokkenen.