Behoefteonderzoek master digitale didactiek en digitale veiligheid

In het programma Digitaal Bekwaam MBO wordt multidisciplinair samengewerkt om de ICT-bekwaamheid van lesgevend personeel naar een hoger niveau te tillen. Het programma bestaat uit een zestal speerpunten. Een daarvan is het ontwikkelen van een master gericht op digitale didactiek en veilig digitaal onderwijs. In dit kader is Regioplan gevraagd om te onderzoeken of een master datgene is wat docenten nodig hebben om aan hun professionele groei en ontwikkeling op het gebied van digitale bekwaamheid te werken.

De doelstelling van het onderzoek was tweeledig:

  • het identificeren van specifieke professionaliseringsbehoeften van docenten in het mbo op het gebied van digitale bekwaamheid
  • het formuleren van een advies voor MBO Digitaal dat antwoord geeft op de vraag of de vorm van een master digitale didactiek en digitaal veilig onderwijs het aanleren van digitale bekwaamheid zal stimuleren

Het onderzoek laat zien dat er een duidelijke behoefte is aan verdere ontwikkeling bij docenten, maar hoe precies, dat varieert. Enerzijds is er een groep docenten die (net niet) basisvaardig is, wel baat heeft bij verdere professionalisering op dit gebied, maar niet de interesse heeft en de tijd ervaart om hiermee aan de slag te gaan. Anderzijds is er ook een groep “koplopers” die zich graag in een voortrekkersrol ziet, en zich verder wil ontwikkelen. Hun leervragen bevinden zich op het gebied van de inhoud. Zij zoeken naar inspiratie, willen op de hoogte blijven van (nieuwe) trends als Virtual Reality of AI en hebben behoefte aan theoretische onderbouwing voor de activiteiten die zij momenteel al uitvoeren. Verder ligt er een grote ontwikkelvraag op het gebied van veranderkunde, innovatie en implementatie. Het is de vraag of een nieuwe master digitale didactiek het juiste instrument is om in de leerbehoefte te voorzien. Zo zijn er twijfels bij het onderscheiden van digitale didactiek ten opzichte van didactiek en ondervangt de MLI grotendeels de ontwikkelvraag met betrekking tot veranderkunde.

Aan de hand van de opgehaalde informatie uit vragenlijsten en focusgroepen, formuleerden wij enkele aanbevelingen voor het programma Digitaal Bekwaam:

  • Samenwerking met lerarenopleidingen: Versterk de integratie van digitale vaardigheden in het curriculum van eerste- en tweedegraads lerarenopleidingen en PDG-trajecten, zodat toekomstige docenten vanaf het begin digitaal vaardiger zijn.
  • Bijscholing voor huidige docenten: Onderzoek de mogelijkheden voor bijscholing van huidige docenten, waarbij de Monitor leren en lesgeven met ICT als basis kan dienen.
  • Laagdrempelige professionalisering: Stimuleer informele en inspirerende activiteiten die bijdragen aan de professionele ontwikkeling van docenten.
  • Module voor specialisatie: Verken de mogelijkheid om een losse of aanvullende module te ontwikkelen voor docenten die zich willen specialiseren in digitale didactiek en digitaal veilig onderwijs.

Op basis van deze aanbevelingen werkt MBO Digitaal aan verschillende scenario’s om de professionaliseringsbehoefte beter te adresseren.

Evaluatie Wet Gratis Schoolboeken (WGS)

De afgelopen maanden hebben we, samen met SEO, de Wet gratis schoolboeken (WGS) geëvalueerd. De belangrijkste ontwikkeling die we zien is de voortschrijdende digitalisering van het voortgezet onderwijs. De digitalisering heeft een grote impact op de leermiddelenmarkt, maar ook in de klas.

Veranderende markt
De grotere uitgevers leggen inmiddels het accent op de ontwikkeling van digitale leermiddelen. Deze bieden zij aan als LiFo-product: een gecombineerd pakket van een digitale licentie en een verbruiksboek per leerling. Bij digitale leermiddelen speelt distributie een minder grote rol. Een aantal scholen is daarom begonnen met de aanbesteding direct bij de uitgever. Door dergelijke ontwikkelingen staat de positie van distributeurs onder druk.

Duurdere leermiddelen
Volgens scholen zijn de leermiddelen duurder geworden. Ze komen minder vaak uit met het bedrag dat ze in de lumpsum ontvangen voor leermiddelen. Scholen wijten de kostenstijging in belangrijke mate aan de kosten van het LiFo-product. Bovendien kunnen scholen die willen kiezen voor een papieren versie van de methode dat steeds vaker alleen nog doen door het hele LiFo-pakket af te nemen. Door de stijgende kosten stuurt de schoolleiding meer dan voorheen op de keuze voor leermiddelen.

Zonder laptop geen toegang tot onderwijs?
Door de digitalisering is de toegang tot devices als laptop of chromebook voor veel leerlingen bijna onontkoombaar geworden. Veel scholen wijzen er vooralsnog op dat een device geen leermiddel is en dus niet gedekt wordt door de WGS, ze vragen daarom ouders om een device aan te schaffen voor hun kind. Ouders komen dus voor aanvullende kosten te staan.

Van de evaluatie doen we verslag in drie deelrapporten. In het eerste deelrapport bespreken we de bekostiging en het gebruik van devices. In het tweede deelrapport gaan we in op de ontwikkelingen rondom leermiddelen in het vo. In het syntheserapport brengen we de resultaten van de eerste twee deelrapporten samen. Donderdag 30 september 2021 heeft minister Slob (OCW) de rapporten aan de Tweede Kamer aangeboden. De rapporten lees je hier.

Meer informatie? Neem contact op met Jacob van der Wel.