Kernwoord: Personeelsbeleid
Personeelsbeleid gaat in de kern van de zaak over de inzet en inzetbaarheid van personeel. Maar dit werkveld wordt bij uitstek beheerst door mode termen die de nadruk op aspecten van die inzetbaarheid leggen: o.a. employability en work-ability, flexicurity, Human Capital, HRM, Binden & Boeien. Deze onderwerpen komen dus ook terug in onze onderzoeken en door ons ontwikkelde instrumenten om personeelsbeleid te ondersteunen.
Tweedeloopbaanbeleid bij de brandweer
We onderzochten de stand van zaken van het tweedeloopbaanbeleid van de brandweer. Dit beleid heeft als doel dat medewerkers maximaal twintig jaar in een bezwarende functie actief zijn.
Tweedeloopbaanbeleid
Sinds 2006 heeft de brandweer tweedeloopbaanbeleid voor brandweerlieden met een bezwarende functie. Dit zijn functies met een hoge belasting door het frequent draaien van piket- of roosterdiensten. Het doel van het tweedeloopbaanbeleid is dat medewerkers maximaal twintig jaar in een bezwarende functie actief zijn. Daarna starten zij een tweede loopbaan, intern of extern. Dit beleid heeft het functioneel leeftijdsontslag (FLO) vervangen en geldt voor medewerkers die vanaf 1 januari 2006 in dienst zijn. Het beleid is vastgelegd in CAR-UWO artikel 9a.
Zowel werkgevers als werknemers betrokken
Om de uitvoering van het tweedeloopbaanbeleid zowel te belichten vanuit het perspectief van de werkgever als de betrokken werknemers, hebben de HR-verantwoordelijken van de veiligheidsregio’s een vragenlijst ingevuld. Vervolgens is deze vragenlijst aan de ondernemingsraden voorgelegd met de vraag of zij zich konden vinden in het geschetste beeld. Daarnaast zijn bij vier regio’s casestudies uitgevoerd om meer zicht te krijgen op de achtergrond van het beleid.
We hebben dit onderzoek uitgevoerd in opdracht van het Landelijk Overleg Brandweer specifieke Arbeidsvoorwaarden (LOBA), dat is ingesteld door de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG). Het onderzoeksrapport is niet openbaar.
Evaluatie subsidieregeling A+O fonds Rijk
In het Arbeidsmarkt- en Opleidingsfonds van het Rijk (A+O fonds Rijk) werken de vakbonden en de werkgever Rijk samen. Het fonds wordt grotendeels gefinancierd vanuit een op cao-afspraken gebaseerde subsidie, die wordt verstrekt voor het uitvoeren van activiteiten of het subsidiëren van projecten ten behoeve van het stimuleren van arbeidsmarkt-, werkgelegenheids- en opleidingsactiviteiten. De subsidierelatie dient ten minste eens in de vijf jaar geëvalueerd te worden op doeltreffendheid en de effecten van de subsidie in de praktijk (Awb art. 4:24). Op verzoek van het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koningrijkrelaties (BZK) heeft Regioplan de doeltreffendheid en doelmatigheid van de subsidie over de periode 2011-2015 onderzocht.
Enquête geregistreerde verzekeringsartsen
Een tekort aan verzekeringsartsen heeft er de afgelopen jaren toe geleid dat onder meer werknemers met een tijdelijke arbeidsongeschiktheidsuitkering niet tijdig kunnen worden herkeurd. Het Capaciteitsorgaan wilde een beter beeld van de huidige werkzaamheden en arbeidsduur (personeelscapaciteit) van geregistreerde verzekeringsartsen en de verwachte veranderingen hierin in de nabije toekomst. Daarom hebben wij een enquête onder geregistreerde verzekeringsartsen uitgezet.
De belangrijkste uitkomst van de enquête is dat de beroepsgroep sterk vergrijsd is, waardoor de personeelscapaciteit sterk daalt de komende jaren: de komende vijf jaar zal er behoefte zijn aan minimaal 485 nieuw opgeleide verzekeringsartsen om de met pensioen gaande artsen te vervangen.
Meer informatie?
U kunt contact opnemen met Hetty.
Het rapport ‘Enquête geregistreerde verzekeringsartsen’ kunt u vinden op de website van het Capaciteitsorgaan.
Opgaven gestuurd ingehuurd. Een onderzoek naar het flexibele personeelsbeleid van de gemeente Dordrecht.
Voor de Rekenkamercommissie Dordrecht onderzocht Regioplan het beleid en de praktijk rond externe inhuur bij de gemeente Dordrecht. Het onderzoek was zowel gericht op de omvang van de inhuur als op het inhuurproces en achterliggend beleid. De vaststelling van de omvang is niet gebaseerd op zelfrapportage (bijv. Iv3), maar op onderzoek van de grootboeken. Hiervoor werkte Regioplan samen met Cebeon.
Evaluatie Fysieke Vaardighedentoets Politie
Sinds 2015 is het jaarlijks afleggen van een fysieke vaardighedentoets (FVT) bij regeling verplicht gesteld voor alle operationele politiemedewerkers. Het doel van deze toets is de medewerkers inzicht te geven in hun eigen fysieke vaardigheden. In opdracht van het WODC hebben wij, in samenwerking met het Mulier Instituut, de uitvoering en het doelbereik van de FVT geëvalueerd.
De conclusies en aanbevelingen van het onderzoek waren voor de minister aanleiding om de korpschef een actieplan te laten opstellen in het kader van de verbetering vakbekwaamheid.
Meer informatie
Neem contact op met Hetty.
HRM-beleid van overheden in transitie. Uitdagingen rond flexibilisering
De inzet van personeel in de publieke sector verandert door fluctuaties in de dienstverlening, behoefte aan specifieke expertises, et cetera. Flexibilisering gebeurt intern, maar ook steeds meer door externe inhuur van personeel. Die inhuur is soms omvangrijk, hetgeen bijvoorbeeld geleid heeft tot de zogenaamde Roemer-norm voor departementen. Toch is er weinig en beperkt betrouwbare kwantitatieve informatie over en is de aandacht voor de effecten van flexibilisering beperkt. Besluiten over de inhuur van extern personeel worden weinig op basis van visies of uitgewerkte organisatiestrategieën gemaakt. HRM-afdelingen hebben alleen een dienstverlenende rol en de besluitvorming is vaak ad hoc.
In dit artikel leest u welke uitdagingen er zijn voor de toekomstige rol van HRM.
Arbeidsmarktbarometer po, vo en mbo 2015-2016
Al vele jaren laat het ministerie van OCW de vacatureontwikkeling op de onderwijsarbeidsmarkt in kaart brengen, om zicht te krijgen op de ontwikkeling van het aanbod aan vacatures, de (potentiële) knelpunten die daarbij optreden en hoe de werkgevers daarmee omgaan. Deze Arbeidsmarktbarometer po, vo en mbo richt zich op de vraag naar leraren, directieleden en ondersteunend personeel.
Regioplan voerde dit onderzoek uit voor het schooljaar 2015/2016. De hoofdmoot bestond uit het online inventariseren van vacatures: spidering. De aldus verzamelde informatie werd met tekstanalyse tot een bruikbaar analysebestand teruggebracht. Vervolgens verzamelden we in een survey informatie over de vacaturevervulling.
De inzet van flexibele arbeid bij provincies. Een onderzoek naar omvang, aard en achtergronden.
In opdracht van het Sectoroverleg Provinciale Arbeidsvoorwaarden (SPA) heeft Regioplan onderzoek gedaan naar de inzet van flexibele arbeidsrelaties bij provincies. Het onderzoek had tot doel om inzicht te bieden in de aard, omvang en noodzaak om flexibele arbeid in te zetten. Daarnaast moest het inzichtelijk maken in hoeverre flexibele arbeidsrelaties op structurele provinciale werkzaamheden worden ingezet en/of structureel worden ingezet.
Uit het onderzoek komt naar voren dat flexibele arbeid in iedere provincie wordt ingezet (waarbij payroll de enige flexvorm is die niet in alle provincies voorkomt) en vaak voor een breed scala aan functies, niveaus en typen werkzaamheden. In 2014 varieerde de inzet van 6 tot 31 procent. Gemiddeld besteedden de provincies dat jaar 17,4 procent van de totale personeelskosten aan externe inhuur.
Externe inhuur BEL-combinatie en BEL-gemeenten
Voor de rekenkamercommissie BEL (Blaricum, Eemnes, Laren) onderzocht Regioplan bij de drie gemeenten en de ambtelijke samenwerkingsorganisatie BEL-combinatie in welke mate er sprake is van externe inhuur en welke gevolgen dit heeft voor de wijze van kennisoverdracht naar de vaste werkorganisatie en de continuïteit en kwaliteit van de interne werkprocessen. De vaststelling van de omvang is niet gebaseerd op zelfrapportage (bijv. Iv3), maar op onderzoek van de grootboeken. Hiervoor werkte Regioplan samen met Cebeon.
Ambtsdragers, voormalig ambtsdragers en de Dijkstalwetgeving. Een evaluatie.
In 2010 zijn er, naar aanleiding van adviezen van de commissie-Dijkstal, wijzigingen doorgevoerd in wet- en regelgeving met betrekking tot de rechtspositie van politieke ambtsdragers. Het betreft hier onder andere de verhoging van de ingangsleeftijd van de voortgezette uitkering, verlaging van de maximale duur van de reguliere uitkering, introductie van het loopbaanprincipe en invoering van een sollicitatieplicht met re-integratievoorzieningen. Daarnaast is wettelijk geregeld dat politieke ambtsdragers zowel hun nevenfuncties als neveninkomsten openbaar moeten maken en dat eventuele neveninkomsten verrekend moeten worden.
Samen met Leeuwendaal hebben wij de effecten van de Dijkstalwetgeving onderzocht. Daarvoor zijn onder andere huidige en voormalige politieke ambtsdragers geïnterviewd en geënquêteerd, evenals partijbureau’s, koepelverenigingen, re-integratiebedrijven en pensioenuitvoerders. Het onderzoek vond plaats in opdracht van het ministerie van BZK. Het rapport is in de zomer van 2018 aangeboden aan de Tweede Kamer. Klik hier om naar de Kamerbrief en het rapport te gaan.