Werkveld: Sociaal domein
Wmo Klantonderzoek Leeuwarden
Dit onderzoek voor de gemeente Leeuwarden – onder inwoners die hulp en ondersteuning krijgen vanuit de Wmo – richt zich op hun tevredenheid over de bejegening, het verkregen advies en de eventuele voorzieningen waar zij gebruik van maken. Het onderzoek besteedt daarnaast aandacht aan de vraag in hoeverre deze inwoners geholpen zijn met de oplossingen die vanuit de gekantelde Wmo-werkwijze voor hun beperkingen worden ontworpen. Het is daarmee ook een onderzoek naar het effect van de Wmo, voor wat betreft dit onderdeel van de wet. De vragenlijst die Regioplan ontwikkelt is ook toepasbaar in andere gemeenten.
Handreiking gemeentelijk maatwerk voor personen met een chronische ziekte en/of beperking
Het TransitieBureau Wmo van de VNG en VWS heeft een handreiking opgesteld waarmee gemeenten worden geïnformeerd over de mogelijkheden voor gemeentelijk maatwerk voor personen met een chronische ziekte en/of beperking. Het doel van de handreiking is gemeenten te informeren over de stand van zaken van de afschaffing van de Wtcg en de CER en te faciliteren bij de uitwerking van hun lokale beleid. De handreiking is tot stand gekomen met ondersteuning van Regioplan.
Handreiking sturen op de Wmo
Hoe hou je als raad grip op de ontwikkelingen rondom de nieuwe Wmo? Naar aanleiding van onderzoek voor de Rekenkamercommissie van Alkmaar schreven we een handreiking. We bevalen de raad aan om die handreiking allereerst te gebruiken om te toetsen hoe wordt omgegaan met clienten. De handreiking kan op die manier gebruikt worden voor elke prioriteit waar de gemeenteraad aandacht aan wil besteden.
De handreiking is hier te vinden.
Hulpbehoefte en hulpaanbod cultureel-etnische en religieuze LHBT’S
Regioplan en het Amsterdam Center for the Study of Lived Religion van de Vrije Universiteit hebben in opdracht van het ministerie van OCW onderzoek uitgevoerd naar de mate waarin cultureel-etnische en religieuze Lesbiennes, Homoseksuelen, Biseksuelen en Transgenders (LHBT’s) onvrijheid ervaren om hun seksuele oriëntatie en gedrag vorm te geven op een door hen gewenste wijze, de wijze waarop zij met deze onvrijheid omgaan en de mate waarin hulpverleningsinstanties zicht hebben op de hierboven genoemde problematiek en daarop inspelen.
Het onderzoek laat zien dat er duidelijk behoefte bestaat aan hulp en dat de betrokkenen die vooral zouden willen (hebben) ontvangen van professionals en, anderzijds, van LHBT-zelforganisaties. Van zo’n professional verwachten ze dat het een goede vertrouwenspersoon is die ervaring heeft met de doelgroep en een gedegen opleiding achter de rug heeft. Veel minder belangrijk vinden ze persoonsgebonden kenmerken van de hulpverlener.
Gespecialiseerde voorzieningen (van zowel professionele als zelforganisaties) zijn vrijwel alleen te vinden in de grote steden. De kennis van specifieke problematiek is maar op een beperkt aantal plekken aanwezig en de weg daarnaartoe is lang en hobbelig, doordat hulpverleners in de eerste lijn (huisartsen, maatschappelijk werkers e.d.) onvoldoende op de hoogte zijn van de mogelijkheden die er in den lande bestaan, of onvoldoende sensitief zijn voor de bijzondere moeilijkheden waar de betrokkenen zich voor gesteld zien. Informatie op het internet voorziet slechts ten dele in deze behoefte.
Uitvoering Wmo in Baarn: de Kanteling
Wat is het effect van de gekantelde werkwijze bij de uitvoering van de Wmo? Over die vraag boog de Rekenkamercommissie van Baarn zich. Regioplan hielp de commissie daarbij. We voerden groepsgesprekken met Wmo-cliënten over hoe zij ‘de Kanteling’ ervaren en in hoeverre zij zich geholpen voelen. Het onderzoek leverde relevante informatie op voor de decentralisatie van de AWBZ, aangezien daarbij wordt voortgebouwd op de ideeën over eigen kracht, sociaal kapitaal en het primaat van preventie achter de Kanteling.
Het rapport is hier te vinden, onder afgeronde onderzoeken.
De Delftse zorgstructuur rondom scholieren: De gemeente een zorg?
Het onderwijs is samen met de gemeente verantwoordelijk voor het bieden van zorg aan leerlingen die extra ondersteuning nodig hebben. De zorg voor jeugd is sterk in beweging. Regioplan heeft daarom samen met de Delftse Rekenkamer onderzoek gedaan naar het functioneren van de zorgstructuur rondom leerlingen en de aansluiting tussen de zorg binnen het onderwijs en het gemeentelijk beleid rond zorg voor jeugd. Het rapport biedt de Delftse gemeenteraad handvatten voor het oppakken van haar kaderstellende en controlerende taak ten aanzien van de (nieuwe integrale) zorg voor jeugd.
Evaluation of “Makkie”
Makkie is a community currency programme in the Amsterdam neighbourhood called the Indische Buurt, a neighbourhood with an overall weak socio-economic status. Makkie was started in 2012 to strengthen the local economy and social cohesion. It serves as a reward mechanism to encourage reciprocal voluntary work or volunteering in neighbourhood organisations. Makkie is a paper and digital currency that residents can earn through activities performed for issuing partners and may be used as payment for services at so-called redeeming partners. In addition, Makkie has a digital platform on which services can be requested and offered. The paper currency can also be used for mutual exchanges between citizens.
Two years after the introduction of Makkie in the Indische Buurt, Amsterdam East assigned Regioplan Policy Research to evaluate Makkie.
Klanttevredenheid Kenniscentrum WMO en Wonen Noord-Holland. Meting 2013 en 2014
Bij de uitvoering van de Wmo heeft de provincie onder andere het Kenniscentrum Wmo en Wonen ingesteld. Het Kenniscentrum biedt gemeenten in Noord-Holland een platform voor laagdrempelige kennisuitwisseling en richt zich op wethouders en ambtenaren van alle Noord-Hollandse gemeenten. Deze gemeenten werken in regioverband samen om hun eigen Regionale Sociale Agenda (RSA) uit te voeren.
De provincie vindt het van belang dat het aanbod van het Kenniscentrum aansluit bij de behoefte. Om die reden wordt er jaarlijks een klanttevredenheidsonderzoek uitgevoerd onder de gebruikers en niet-gebruikers van het Kenniscentrum. Regioplan heeft in 2013 en 2014 het onderzoek uitgevoerd. Uit beide onderzoeken blijkt dat de activiteiten van het Kenniscentrum aansluiten bij de wensen en behoeften van de doelgroep.
Beter decentraal! Gemeentelijke successen bij decentralisatie AWBZ
De voorbereidingen op de decentralisatie van de AWBZ zijn in volle gang. Diverse gemeenten hebben al waardevolle ervaringen opgedaan met het anders organiseren van zorg en ondersteuning op lokaal niveau. Regioplan bracht voor de Raad voor de Volksgezondheid en Zorg (RVZ) goede voorbeelden in kaart, en droeg daarmee bij aan het RVZ-advies ‘Gemeenten, gezondheid en zorg’. De quickscan onderstreept het belang van sociale samenhang, het betrekken van en investeren in burgers. Een integrale aanpak en maatwerk zijn geen loze termen, maar voegen daadwerkelijk kwaliteit toe aan het leven van mensen met een ondersteuningsbehoefte.
Het advies van RVZ vindt u hier.
Uitvoering Wmo Individuele Voorzieningen Amersfoort
Het onderzoek, dat is uitgevoerd voor de Rekenkamercommissie van de gemeente Amersfoort, laat zien dat de gemeente er in beleid en uitvoering sinds begin 2012 in is geslaagd om de kanteling van de Wmo vorm te geven. Zowel de consulenten als de cliënten zijn in grote lijnen tevreden over het functioneren van dit proces.
Het doel van het beleid is mensen dusdanig te compenseren in hun beperkingen dat zij volwaardig kunnen deelnemen aan het maatschappelijk verkeer, terwijl zij daarbij tegelijkertijd minder een beroep doen op de individuele voorzieningen die de gemeente in het kader van de Wmo verstrekt. De gemeente houdt echter geen zicht op de mate waarin dit doel bereikt wordt. Evenmin is duidelijk wat de meerwaarde is van de kantelgesprekken, waarin fors wordt geïnvesteerd. Het enige goed zichtbare effect van het nieuwe beleid, namelijk de afname van het aantal aanvragen en de kostenbesparingen die in 2012 ten opzichte van 2011 zijn behaald, wordt waarschijnlijk vooral veroorzaakt door het feit dat inwoners minder vaak recht hebben op een voorziening, niet door de toegenomen nadruk op eigen kracht en sociaal netwerk.