Dwang en drang bij voorschoolse educatie

Op verzoek van het Ministerie van OCW heeft Regioplan een advies opgesteld met betrekking tot de mogelijkheden om kinderen in de leeftijd van twee tot vier jaar met een (dreigende) taalachterstand verplicht gebruik te laten maken van voorschoolse educatie.



Kinderen die met een taalachterstand het primair onderwijs binnentreden lopen een groter risico belemmerd te worden in hun ontwikkeling dan kinderen zonder taalachterstand. Via kinderdagverblijven en peuterspeelzalen worden voorschoolse educatieve programma’s aangeboden die erop zijn gericht om taalachterstanden weg te werken. Niet alle kinderen die hiervoor in aanmerking komen maken gebruik van dit aanbod.



In het regeerakkoord van het Kabinet Rutte is opgenomen dat deelname aan voorschoolse educatieve programma’s moet kunnen worden bevorderd met dwang en drang. Regioplan beoordeelde, samen met een aantal hoogleraren, de wettelijke (on)mogelijkheden daartoe. Tevens werd gekeken of naast dan wel in plaats van dwangmaatregelen ook specifieke drangmaatregelen kunnen worden genomen. Te denken valt daarbij aan maatregelen die gericht zijn op het motiveren van specifieke groepen ouders om gebruik te maken van voorschoolse educatie, zoals bijvoorbeeld ouders die verplicht moeten inburgeren of ouders die gebruik maken van specifieke sociale voorzieningen.



Speciale aandacht gaat in dit advies uit naar de proportionaliteit en de subsidiariteit van de dwang- en drangmaatregelen: is de voorgestelde maatregel in lijn met het doel en de uitgangspunten van wet- en regelgeving die van toepassing is en is de voorgestelde maatregel niet te zwaar voor het doel dat men wil bereiken?



Op basis van het advies worden experimenten gestart in de grote steden.

Eerste evaluatie van de pilots inburgering en VVE in Amsterdam

De gemeente Amsterdam wil graag de instroom van kinderen van
inburgeraars in de VVE (voor- en vroeg-schoolse educatie) bevorderen. De
instroom van deze kinderen blijft achter, terwijl zij juist een belangrijke doelgroep zijn. Om de instroom te bevorderen, is de gemeente in samenwerking met de stadsdelen gestart met het opzetten van pilots, die oplossingen moeten bieden voor de bestaande knelpunten. Regioplan heeft in opdracht van DWI de pilots in de opstartfase gevolgd. Hieruit kwamen een aantal succesvolle initiatieven naar voren. Om tot een structureel grotere instroom te komen, zijn er echter nog meer inspanningen nodig. De pilots lopen nog tot eind 2010.

Onderwijs en sport in een nieuwe stadswijk

Bij de projectontwikkeling van nieuwe wijken ontstaat behoefte aan inzicht in de benodigde voorzieningen voor onderwijs en sport. Om deze behoefte in kaart te brengen moet onder meer informatie over het bestaande aanbod gecombineerd worden met bevolkingsprognoses. In opdracht van een Amsterdams stadsdeel maakte Regioplan een inschatting van de benodigde ruimte voor basisonderwijs, kinderopvang en sport. Bij dit maatwerkonderzoek werd met behulp van deskresearch, bestandsbewerking en interviews snel en pragmatisch ingespeeld op de vraag van het stadsdeel.

Het rapport van dit onderzoek is niet openbaar.

Monitor capaciteit kinderopvang 2008-2011: Capaciteitsgegevens in het jaar 2009

Op verzoek van het Netwerkbureau Kinderopvang brengt Regioplan in de periode 2008-2011 jaarlijks de landelijke capaciteit aan dagopvang en buitenschoolse opvang in kaart. Uit de meting van eind 2009 blijkt dat de groei van de capaciteit onverminderd doorgaat. In de dagopvang is het aantal kindplaatsen ten opzichte van 2008 met 12% gegroeid naar 164.978. De buitenschoolse opvang is opnieuw harder gegroeid met 19% naar 187.474 volledige kindplaatsen.

De sterkste groei zit bij gemeenten kleiner dan 10.000 inwoners. Het aantal organisaties is in 2009 met 303 toegenomen tot 2650.

De KVK-regio’s Amsterdam en Den Haag hebben opnieuw het grootste aantal kindplaatsen per 100 kinderen (Dit geldt zowel voor dagopvang als voor buitenschoolse opvang).

Contracturen, prijzen en openingstijden in dagopvang en buitenschoolse opvang

In opdracht van het ministerie van OCW heeft Regioplan een vragenlijstonderzoek verricht naar de contracturen, prijzen en openingstijden in de kinderopvang in de periode 2007-2009.

Het aantal contracturen van een volledige kindplaats in dagopvang, naschoolse opvang en vakantieopvang is in de periode 2007-2009 min of meer hetzelfde gebleven (groei van 0,5 tot 1,3 procent). Ook in de openingstijden van deze opvangsoorten hebben zich nagenoeg geen veranderingen voorgedaan.
De uurprijzen van de onderzochte opvangsoorten zijn gedurende de onderzoeksperiode met 2,7% (voorschoolse opvang) tot 9,2% (vakantieopvang) gestegen. Locaties van grotere organisaties hanteren vaker een uurprijs hoger dan 6,10 euro dan locaties van kleinere organisaties.

Langwachtenden kinderopvang

Het ministerie van OCW monitort sinds 2007 de wachtlijsten en wachttijden in de buitenschoolse opvang (BSO) en dagopvang (KDV). De meting van 1 juni 2008, gaf een significant langere wachttijd voor kinderen die op de peildatum nog op de wachtlijst staan dan eerdere metingen. Dat resultaat doet vermoeden dat er een specifieke categorie van kinderen is ontstaan die lang wacht op BSO of dagopvang, een soort ‘harde kern’ van kinderen op de wachtlijst. Eind 2008 heeft het ministerie van OCW aan Pelosa BV, Regioplan Beleidsonderzoek en B&A Consulting gevraagd gezamenlijk een onderzoek uit te voeren om te achterhalen of er inderdaad een‘harde kern’ is en zo ja, wat de oorzaken zijn van het ontstaan van de ‘harde kern’. Het rapport is niet openbaar.

Monitor capaciteit kinderopvang 2008-2011: Capaciteitsgegevens in het jaar 2008

Op verzoek van het Netwerkbureau Kinderopvang zal Regioplan in de periode 2008-2011 jaarlijks de landelijke capaciteit aan dagopvang en buitenschoolse opvang in kaart brengen. De gemeentelijke registers kinderopvang vormen de basis voor deze capaciteitsmetingen. Deze publicatie betreft de eerste meting van de monitor en is gebaseerd op de registergegevens zoals die eind 2008 beschikbaar waren.

Marktwerking in de kinderopvang

In opdracht van de Nederlandse Mededingingsautoriteit (NMa) heeft Regioplan onderzoek gedaan naar de marktwerking in de kinderopvangsector. Het rapport biedt hiertoe een gedetailleerd en veelal kwantitatief inzicht. Daarnaast biedt het rapport ook meer kwalitatieve informatie over knelpunten, die ertoe bijdragen dat marktwerking in de sector nog niet overal optimaal is. Het gaat dan vooral om zogenaamde toetredingsbelemmeringen.

Beeldvorming van ouders over voor- en vroegschoolse educatie (VVE)

In opdracht van het Stadsdeel Oud-Zuid van de gemeente Amsterdam is een onderzoek uitgevoerd naar de kennis en beeldvorming van jonge ouders over de voorschool. Het stadsdeel wilde ook graag een advies over hoe meer ouders voor de voorschool kunnen worden aangetrokken. Het onderzoek is gehouden onder ouders van jonge kinderen en betrokkenen uit het veld. Omdat blijkt dat maar weinig ouders bekend zijn met de voorschool, is het advies de publiciteit te vergroten. Hierbinnen moet ook aandacht worden geschonken aan het creëren en vasthouden van een positiever beeld van de voorschool.

Regelgeving en financiering kinderopvang en peuterspeelzalen

In het kader van de voorgenomen harmonisering van peuterspeelzaalwerk en kinderopvang is onderzocht welke kosten er landelijk omgaan in het peuterspeelzaalwerk. Daarbij zijn zowel de gemeentelijke subsidies als de ouderbijdrage in beschouwing genomen. Daarnaast is bekeken in welke mate de kwaliteitsregels voor peuterspeelzalen zoals gemeenten die stellen, afwijken van de kwaliteitseisen voor de kinderopvang, zoals vastgelegd in het Toetsingskader dagopvang.