Werkveld: Veiligheid en recht
Wijkaanpak huiselijk geweld Tilburg
Wat kunnen en moeten de partners in de wijk doen in de aanpak van huiselijk geweld? Die vraag staat centraal in dit project. In een aantal Tilburgse wijken werkten we samen met wijkteams en andere partners in de wijk aan een effectieve aanpak. Die aanpak is gebaseerd op een stevig kennisfundament: per wijk brachten we met behulp van innovatieve methoden kwantitatief in kaart wat de belangrijkste risicofactoren voor huiselijk geweld zijn. Een aanpak is immers pas effectief als die lokaal maatwerk levert. Vervolgens stelden we op basis daarvan een preventieve aanpak op waarmee de partners in de wijk actief èn effectief aan de slag kunnen.
Meer informatie?
Neem contact op met Katrien.
Aard en omvang ouderenmishandeling
We deden onderzoek naar de aard en de omvang van ouderenmishandeling in Rotterdam, Tilburg en Boxtel. Daaruit bleek dat ruim 1 op de 20 thuiswonende ouderen slachtoffer wordt van ouderenmishandeling. Het kan daarbij gaan om opzettelijk misbruik, maar het misbruik kan ook voortkomen uit onmacht of relatieproblematiek. Opzettelijk misbruik komt vaak voor in de vorm van financiële uitbuiting en diefstal. Onmacht zien we veelal terug in ontspoorde mantelzorg; situaties waarin de draaglast van de zorg voor de oudere de draagkracht van de mantelzorger overstijgt.
Richtlijnen
Het onderzoek biedt richtlijnen voor verbeteringen in de praktijk:
- Ouderenmishandeling kan gesignaleerd worden door professionals, mits zij voldoende aandacht voor en kennis van het thema hebben;
- Ouderen en hun sociale netwerk zijn en blijven een belangrijke doelgroep voor voorlichting;
- Preventie en interventie zijn gebaat bij inzet op het hele systeem waar een oudere in leeft.
We deden het onderzoek in samenwerking met de Avans Hogeschool en de Leyden Academy on Vitality and Ageing, in opdracht van het WODC en op verzoek van het ministerie van VWS.
Meer informatie
Lees ook de beleidsreactie van de minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport.
Bij vragen kunt u contact opnemen met Katrien.
Veilig financieel ouder worden
Financieel misbruik van ouderen is een veelvoorkomend probleem. Dat is in elk geval de overtuiging van deskundigen. Maar zicht op de aard en de omvang van financieel misbruik is er niet of nauwelijks. Daarbij staat de aanpak van financieel misbruik nog in de kinderschoenen.
Vanuit het actieplan Ouderen in Veilige Handen is een Brede Alliantie opgericht van partijen die financieel misbruik kunnen en willen aanpakken. Banken, ouderenbonden, notarissen, politie, Openbaar Ministerie en Veilig Thuis werken samen aan het opzetten van Lokale Allianties. Wij ondersteunden de voorzitter van deze Brede Alliantie.
Medio 2018 zijn er ongeveer 20 Lokale Allianties actief in Nederland. Dit aantal moet binnen één jaar verdriedubbeld zijn om zo de allianties stevig te verankeren in het lokale beleid rondom de aanpak van ouderenmishandeling. Om die verdriedubbeling te realiseren, is een aanjaagteam ingesteld waar wij deel van uitmaken. Binnen dit team zijn wij verantwoordelijk voor de verankering van het concept Lokale Alliantie in het gemeentelijke beleid.
Meer weten
Lees ook wat wij deden om de implementatie van het actieplan Ouderen in Veilige Handen te ondersteunen.
U kunt contact opnemen met Frank.
Evaluatie Fysieke Vaardighedentoets Politie
Sinds 2015 is het jaarlijks afleggen van een fysieke vaardighedentoets (FVT) bij regeling verplicht gesteld voor alle operationele politiemedewerkers. Het doel van deze toets is de medewerkers inzicht te geven in hun eigen fysieke vaardigheden. In opdracht van het WODC hebben wij, in samenwerking met het Mulier Instituut, de uitvoering en het doelbereik van de FVT geëvalueerd.
De conclusies en aanbevelingen van het onderzoek waren voor de minister aanleiding om de korpschef een actieplan te laten opstellen in het kader van de verbetering vakbekwaamheid.
Meer informatie
Neem contact op met Hetty.
Validatie cijfers winkeldiefstal
De Global Retail Theft Barometer laat over 2015 een zeer hoog niveau van winkeldiefstal in Nederland zien. Hoger dan in vrijwel alle andere landen en ook veel hoger dan eerdere metingen van de (inmiddels beëindigde) Monitor Criminaliteit Bedrijfsleven. Deze uitkomst heeft tot Kamervragen geleid.
Een methodologische beoordeling van de Global Retail Theft Barometer maakt duidelijk dat het cijfer voor Nederland gebaseerd is op een zeer klein aantal waarnemingen, die ieder op zich weinig betrouwbaar zijn. De meting is daardoor niet betrouwbaar. Er zijn evenmin andere betrouwbare bronnen met gegevens over de omvang van winkeldiefstal in Nederland.
Evaluatie van de beginnersregeling
Jonge bestuurders zijn veel vaker bij dodelijke verkeersongevallen betrokken dan meer ervaren bestuurders. De beginnersregeling geeft beginnende bestuurders strafpunten voor het begaan van ernstige verkeersovertredingen. Bij twee strafpunten kan een nieuw rijvaardigheidsonderzoek worden opgelegd. De regeling blijkt bij de doelgroep slechts beperkt bekend te zijn. De uitvoering is complex en vereist veel handwerk. Het aantal punten is gering, mede omdat een strafpunt alleen kan worden opgelegd na een overtreding waarvoor iemand staande wordt gehouden (dus bijvoorbeeld niet na flitsen). In het onderzoek zijn verschillende verbeterpunten geïdentificeerd. Tegelijkertijd blijft er twijfel aan de doeltreffendheid. Toch is de symboolfunctie belangrijk.
Onderzoek naar de gemeentelijke anti-discriminatievoorzieningen
Gemeenten zijn bij wet verplicht om gemeentelijke anti-discriminatievoorzieningen (adv) in te richten waar burgers terechtkunnen voor ondersteuning en registratie bij ervaren discriminatie. Van alle adv’s brachten we in kaart hoe zij zijn ingericht en gefinancierd en welke taken zij uitvoeren. Daarnaast keken we hoe effectief de ondersteuning van slachtoffers van discriminatie is.
Binnen de huidige context zijn zelfstandig georganiseerde anti-discriminatievoorziening (adv’s) die regionaal opereren het beste in staat om potentiële slachtoffers van discriminatie te ondersteunen. In deze adv’s zijn alle belangrijke randvoorwaarden aanwezig voor een effectieve ondersteuning.
Het onderzoek vond plaats in opdracht van het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties (BZK).
Meer informatie?
Neem contact op met Jeanine.
Monitoring My Red Light
My Red Light is een initiatief uit Amsterdam dat sekswerkers in de gelegenheid stelt om in zelfbeheer hun beroep uit te oefenen. Op vier adressen aan de Wallen zijn veertien nieuwe ramen geopend. Ons is gevraagd om dit nieuwe initiatief twee jaar lang te monitoren.
In de monitor gaan we op zoek naar de impact op het gebied van economische en persoonlijke empowerment en maatschappelijke acceptatie van de branche. Want sekswerk in zelfbeheer klinkt natuurlijk mooi, maar in hoeverre draagt een dergelijk initiatief nu daadwerkelijk bij aan een schone, veilige en gezonde werkomgeving? En wat is de impact op de vaardigheden van sekswerkers? En op het imago van de branche? Op onder meer deze vragen zoeken we de komende twee jaar een antwoord.
Meer informatie?
Neem contact op met Yannick.
Evaluatie Wet voorwaardelijke sancties en Wet rechterlijke vrijheidsbeperkende maatregelen
In 2012 zijn de Wet voorwaardelijke sancties (Wvs) en Wet rechterlijke vrijheidsbeperkende maatregelen (Wvm) in werking getreden. Wat was het doel van deze wetten, zijn die doelen gehaald en zijn er verbeterpunten?
De Wvs is gericht op recidivebeperking. Door het opleggen van voorwaarden, zoals een training of een behandeling, kan gedrag beter worden beïnvloed dan met een relatief korte gevangenisstraf. De persoonsgerichte benadering in de Wvs geeft meer structuur aan een al langer bestaande uitvoeringspraktijk. Uit het onderzoek blijkt dat de Wvs in een behoefte voorziet en dat de beoogde voorwaarden voor gedragsverandering en recidivevermindering in de praktijk worden gerealiseerd. De verankering van de bijzondere voorwaarden heeft geleid tot een verbetering in de uitvoeringspraktijk.
De Wvm maakt het mogelijk dat contactverboden, gebiedsverboden en een meldplicht als zelfstandige sanctie worden opgelegd, dus niet alleen als bijzondere voorwaarde bij een sanctie. De Wvm blijkt een weinig toegepaste maatregel, enerzijds omdat het een maatregel is voor bijzondere situaties, anderzijds hangt dit mogelijk ook samen met de relatieve onbekendheid van deze sanctiemogelijkheid.
Meer informatie?
Wij hebben de Wvs en Wvm geëvalueerd samen met de Vrije Universiteit in opdracht van het Wetenschappelijk Onderzoek- en Documentatiecentrum (WODC) van het ministerie van Justitie en Veiligheid.
Neem contact op met Ger.
Jongensslachtoffers van seksuele uitbuiting en binnenlandse mensenhandel
Over de aard en de omvang van seksuele uitbuiting en mensenhandel van jongens is erg weinig bekend. De grootste belemmerende factor voor zicht op aard en omvang is dat het zich in het verborgene afspeelt. Het fenomeen is onzichtbaar voor de samenleving als geheel, maar ook voor hulpverleningsinstellingen en organisaties blijft de doelgroep vaak verborgen.
Signalering jongensslachtoffers
Volgens professionals staat de signalering van de jongensslachtoffers nog in de kinderschoenen. Welke mogelijke kenmerken wijzen op slachtofferschap is moeilijk te zeggen. De onbekendheid met het fenomeen en de grote diversiteit onder de jongens uit deze doelgroep maken het lastig om eenduidig te bepalen welk gedrag bij deze jongens als opvallend en verontrustend moet worden gezien. Een passend zorg- en ondersteuningsaanbod ontbreekt dan ook wanneer het om jongensslachtoffers gaat. Het is volgens professionals niet voldoende om te wachten tot de casuïstiek binnendruppelt. De jongensslachtoffers die in dit onderzoek zijn gevonden hebben hulp nodig, los van de precieze aard en definitie van hun slachtofferschap. Het onderzoek laat zien dat dit de hulpverlening voor grote uitdagingen stelt.
Meer informatie?
Neem contact op met Katrien.
Dit onderzoek hebben wij, in samenwerking met Shop Den Haag, uitgevoerd in opdracht van het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport.