Inburgeren onder de WI.
De resultaten van de inburgeringstrajecten voor niet-uitkeringsgerechtigden in Rotterdam 2007-2009

Regioplan heeft voor de gemeente Rotterdam de resultaten van de inburgeringscursussen bij het invoeren van de WI gemonitord. Regioplan heeft daarvoor een cohort van 1950 inburgeraars gevolgd in de periode 2007-2010. Hieruit blijkt dat de meerderheid van de deelnemers aan de korte trajecten in deze periode het inburgeringsexamen heeft gehaald. De resultaten van de deelnemers aan de langere trajecten, die over het algemeen een lager opleidingsniveau hebben, lieten een veel lager slagingspercentage zien. Over het participatieresultaat van de deelnemers is minder duidelijkheid.

Onderzoek naar de effectiviteit van het inburgerings- en integratiebeleid van de gemeente Amersfoort

Het onderzoek richtte zich, in opdracht van de RKC Amersfoort, op de doeltreffendheid van het inburgeringsbeleid en op de doeltreffend- en doelmatigheid van de subsidiering van kleinschalige integratieactiviteiten door zelforganisaties. De belangrijkste uitkomsten ten aanzien van inburgering zijn dat het zelfvertrouwen, het taalniveau, de kennis van de Nederlandse samenleving en het aangaan van sociale contacten onder nagenoeg alle inburgeraars toeneemt. Participatie in het onderwijs of op de arbeidsmarkt blijft echter nog moeilijk. Wat betreft de subsidiering door de gemeente van integratieactiviteiten blijkt dat de meerwaarde van de subsidies met name ligt in het in stand houden en verder uitbouwen van het netwerk onder zelforganisaties. Daarnaast blijkt dat gestelde doelen door de gemeente voor de subsidieaanvragers niet goed meetbaar zijn en dat een duidelijk beeld van resultaten en effecten van de verleende subsidies ontbreekt.

Meer informatie kunt u hier vinden.

Taalcoaching: meer dan taal alleen. Een waarderingsonderzoek van het project Taalcoach voor inburgeraars.

Ter ondersteuning van hun inburgeringsbeleid zetten verschillende gemeenten taalcoaches in. Het gaat om vrijwilligers die inburgeraars helpen met het leren van de Nederlandse taal. Regioplan heeft in opdracht van het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties gekeken naar de opbrengsten en waardering van de inzet van taalcoaches. Hieruit blijkt dat de ontmoetingen tussen taalcoach en inburgeraars een positieve bijdrage leveren aan het zelfvertrouwen van de inburgeraar, de beeldvorming over migranten en de betrokkenheid van de vrijwilligers bij inburgering.

Inburgering en de hulpverleningsketen

De hulpverlening bij huiselijk en eergerelateerd geweld bereikt de niet-westerse allochtonen onvoldoende. Het betrekken van inburgering in de lokale hulpverlening biedt mogelijkheden. De inburgering kan op drie manieren een aanvulling vormen: door voorlichting tijdens de cursussen, het signaleren van problemen, en het doorverwijzen bij problemen. In het rapport zijn concrete aanbevelingen uitgewerkt voor gemeenten die handvaten bieden voor de koppeling van inburgering en huiselijk en eergerelateerd geweld.

Civic integration and modern citizenship: the Netherlands in perspective

This book on civic integration and modern citizenship has been written within the framework of the Cross Border Welfare State research project. The central aim of this project is to illuminate the complex relationship between immigration, social security and integration in Western democracies from various angles. For the case studies on Flanders, Canada and the United States many interviews have been conducted with scholars, policymakers and stakeholders.
Examined according to the theories of modern citizenship, civic integration in the Netherlands seems to be mainly inspired by the concept of active citizenship. From a historical perspective, the integration policy must be understood from the results of the former integration policy, a changing definition of the integration problem and a new vision of the relationship between government and citizens.
This study was commissioned by Stichting Instituut GAK (a fund that provides grants to projects in the areas of social security and labour market in the Netherlands).

Published by Europa Law Publishing:
ISBN 978-90-8952-065-4

The book can be ordered here

Doorstroom praktijkexamen inburgering

Het inburgeringsexamen bestaat uit een centraal examen en een praktijkexamen. Het ministerie van VROM wilde graag weten hoe de doorstroom naar het praktijkexamen verloopt, omdat er signalen waren dat de doorstroming niet altijd goed verloopt. Door middel van een enquête onder en gesprekken met taalaanbieders en exameninstellingen, aangevuld met een dossieronderzoek bij een aantal exameninstellingen heeft Regioplan onderzocht hoe het met de doorstroom stond. Het bleek dat er geen knelpunten op grote schaal voor kwamen. Ook was er nauwelijks sprake van wachtlijsten. De meeste exameninstellingen konden het praktijkexamen binnen een redelijke termijn afnemen. Wel zijn er een aantal verbeterpunten die de doorstroom verder kunnen bevorderen. Zo kan de situatie rond het samenstellen en beoordelen van de portfolio’s beter. Ook de communicatie tussen onderwijs- en exameninstellingen verdient meer aandacht.

Op weg naar een goed portfolio: een analyse van de meest voorkomende afkeuringsgronden

Regioplan heeft in 2009 voor het ministerie van VROM de doorstroom naar het praktijkexamen inburgering onderzocht. Hieruit bleek dat deze doorstroom over het algemeen goed verloopt, maar dat er soms knelpunten zijn rond de beoordeling van de portfolio’s. Door middel van dossieronderzoek en interviews heeft Regioplan gekeken wat de meest voorkomende fouten bij het afwijzen van portfolio’s zijn. Een belangrijke bevinding is dat er sinds eind 2009 al veel verbeterd is in de informatievoorziening en regels rond het portfolio. Hierdoor zijn de portfolio’s van betere kwaliteit en worden zij minder vaak afgekeurd. Ook het aantal afgekeurde bewijzen per portfolio is afgenomen. Op dit moment worden bewijzen vooral afgekeurd omdat ze onvolledig zijn of niet voldoen aan de inhoudelijke eisen. Administratieve tekortkomingen komen steeds minder voor.

Eerste evaluatie van de pilots inburgering en VVE in Amsterdam

De gemeente Amsterdam wil graag de instroom van kinderen van
inburgeraars in de VVE (voor- en vroeg-schoolse educatie) bevorderen. De
instroom van deze kinderen blijft achter, terwijl zij juist een belangrijke doelgroep zijn. Om de instroom te bevorderen, is de gemeente in samenwerking met de stadsdelen gestart met het opzetten van pilots, die oplossingen moeten bieden voor de bestaande knelpunten. Regioplan heeft in opdracht van DWI de pilots in de opstartfase gevolgd. Hieruit kwamen een aantal succesvolle initiatieven naar voren. Om tot een structureel grotere instroom te komen, zijn er echter nog meer inspanningen nodig. De pilots lopen nog tot eind 2010.

Zicht op inburgering: inburgeraars met een visuele of andere fysieke beperking

Onder de mensen die moeten inburgeren bevinden zich ook mensen met een visuele of andere fysieke beperking. De Wet Inburgering voorziet in verschillende voorzieningen om deze groep te laten inburgeren. Het was echter niet bekend om hoeveel inburgeraars het gaat en tegen welke problemen zij in de praktijk aanlopen.


In opdracht van het ministerie van VROM heeft Regioplan dit onderzocht. Uit het onderzoek blijkt dat het om een beperkt aantal inburgeraars gaat. De examenvoorzieningen voor deze groep voldoen veelal aan de behoefte. De inburgeraars hebben echter ook aanpassingen nodig bij het volgen van een inburgerings- of taalcursus. Op dat vlak kan er nog veel verbeteren en zullen gemeenten en instellingen moeten samenwerken omdat het om een kleine groep gaat.

Inburgering in Leeuwarden

De gemeente Leeuwarden doet mee aan het innovatietraject ‘wijkgerichte inburgering’. Bij de ontwikkeling van dit beleid heeft de gemeente behoefte aan meer zicht op de wensen van de vrijwillige inburgeraars en hun motivatie om te participeren in de samenleving. Regioplan heeft de gemeente hierbij ondersteund door een onderzoek uit te voeren naar de wensen en behoeften van potentiële inburgeraars. Hiervoor is gesproken met potentiële inburgeraars en vertegenwoordigers van verschillende partijen uit het maatschappelijk middenveld.

Uit het onderzoek blijkt onder meer dat de meeste potentiële inburgeraars wel hun Nederlands willen verbeteren, maar dat vaak de tijd en urgentie ontbreekt om in te burgeren. Door bij de werving inburgering meer een gezicht te geven en de cursussen meer te laten aansluiten bij de specifieke behoeften moet het mogelijk zijn om meer inburgeraars bereiken.