Kernwoord: Arbeidsongeschiktheid
Arbeidsongeschikte werknemers kunnen een beroep doen op de wet Werk en Inkomen naar Arbeidsvermogen (WIA). Werknemers kunnen aanspraak maken op deze uitkering na een ziekteperiode van twee jaar. UWV is verantwoordelijk voor de re-integratie van arbeidsongeschikte werknemers. Iemand die meer dan 65% arbeidsgeschikt (ofwel minder dan 35% arbeidsongeschikt) is, krijgt geen WIA-uitkering, maar heeft wel recht op subsidies en andere ondersteuning om te kunnen blijven (of gaan) werken.
Evaluatie Very Able
Regioplan heeft de door CNV Jongeren georganiseerde banenmarkt Very Able geëvalueerd. De banenmarkt was gericht op Wajong’ers en werkgevers, en heeft plaatsgevonden op 21 oktober 2005 in Utrecht. De evaluatie is gefinancierd door het UWV Wajongsubsidiefonds. De doelstelling was te bepalen in welke mate en onder welke voorwaarden een banenmarkt een effectief instrument is om jonggehandicapten aan het werk te helpen. De belangrijkste conclusie is dat het project als kleinschalig evenement voor het verschaffen van informatie over Wajong en werk aan Wajong’ers en het uitwisselen van ervaringen tussen Wajong’ers, geslaagd is. Voor het organiseren van een echte banenmarkt is een vooronderzoek noodzakelijk. Daarin moet worden vastgesteld hoe groot de groep Wajong’ers is met hbo+ voor wie een banenmarkt nuttig kan zijn. Verder moet onderzocht worden welke werkgevers bereid zijn via een banenmarkt jonggehandicapten te werven voor hun vacatures.
Minder dan 35% arbeidsongeschikt: blijven werken of toch niet?
Regioplan heeft in opdracht van de Stichting van de Arbeid onderzoek gedaan naar de situatie van werknemers die minder dan 35% arbeidsongeschikt zijn verklaard. Aanleiding voor het onderzoek is de afspraak die gemaakt is in de Stichting van de Arbeid dat voor deze werknemers “op het niveau van de arbeidsorganisatie tot maatwerkoplossingen dient te worden gekomen”. Uit het onderzoek komt naar voren dat een groot deel van de werknemers (43%) na de WIA-beoordeling geen werk meer heeft. Belemmeringen die werkgevers en werknemers ervaren bij re-integratie liggen vooral op het vlak van gezondheid en het gebrek aan passend werk.
Procesevaluatie Reïntegratiepilots UWV
UWV heeft vorig jaar drie pilots uitgevoerd waarin een deel van het zittend bestand van WAO-ers is uitgenodigd voor een gesprek waarin de mogelijkheden voor re-integratie werden besproken. Indien re-integratie mogelijk bleek, zijn deze cliënten op een re-integratietraject geplaatst. Onderdeel van de pilots was tevens het casemanagement door UWV tijdens de trajecten. Regioplan heeft in opdracht van UWV een procesevaluatie uitgevoerd naar de verschillende uitvoeringspraktijken binnen de pilots. De uitkomsten van deze procesevaluatie zullen worden gebruikt om de ideale uitvoeringspraktijk te ontwikkelen voor een landelijke uitrol. Om het perspectief van de betrokken WAO-gerechtigde in de evaluatie te betrekken, heeft Regioplan tevens het klanttevredenheidsonderzoek uitgevoerd onder klanten die in de pilots zijn opgeroepen voor een gesprek.
Langdurig WAO-ers: Voorgoed aan de kant?
Als vervolg op het onderzoek Van bijstand naar werk (1998), is een onderzoek uitgevoerd naar de vraag waarom sommige langdurig WAO’ers na een periode zonder betaald werk alsnog in (parttime) betaald werk terugkeren, terwijl anderen daar niet in slagen. Er zijn 600 WAO-dossiers bestudeerd en bijna 100 WAO’ers geïnterviewd. Ook is gesproken met werkgevers, verzekeringsartsen, arbeidsdeskundigen en re-integratieconsulenten. Van de onderzochte langdurig arbeidsongeschikten bleek 20-25% (parttime) betaald werk of andere re-integratieactiviteiten te verrichten. We noemen hen stromers. Opvallend was dat deze stromers hun re-integratie-inspanningen veelal op eigen initiatief ondernemen; uitvoeringsinstellingen en re-integratiebedrijven erkennen dat zij weinig tot geen ervaring hebben met de begeleiding van langdurig arbeidsongeschikten.
Kwantitatief onderzoek sluitende aanpak 2001
In de EU zijn afspraken gemaakt over de bestrijding van langdurige werkloosheid. Eén van de afspraken bepaalt dat aan eenieder die werkloos wordt en niet op eigen kracht werk vindt, binnen een jaar aanbod (’traject’) wordt gedaan ter ondersteuning van de terugkeer naar de arbeidsmarkt. Dit beleid is in Nederland bekend onder de naam ‘de sluitende aanpak’. Regioplan deed onderzoek naar de omvang van de doelgroep en de productie van de trajecten over het verslagjaar 2001. Ook de resultaten van het beleid (krijgt de doelgroep binnen een jaar een traject?) zijn vastgesteld.
In en uit de zorg. Het reïntegratieproces bezien door werkgever en WAO’ers uit de zorg
In opdracht van de Organisatie van Strategisch Arbeidsmarktonderzoek (OSA) heeft Regioplan onderzoek gedaan naar het re-integratieproces in de zorgsector. Een belangrijke conclusie van het onderzoek is dat WAO’ers over het algemeen positief tegenover re-integratie staan, maar dat een aanzienlijk deel van hen gedurende het re-integratietraject teleurgesteld raakt. Een belangrijke reden hiervoor is dat de verwachtingen die de WAO’ers hebben van het re-integratietraject niet stroken met de werkelijkheid. De WAO’ers vinden dat het re-integratiebedrijf veel minder voor hen heeft gedaan dan zij vooraf verwachtten. De onderzoekers pleiten dan ook voor meer maatwerk en betere voorlichting over wat WAO’ers van een re-integratietraject mogen verwachten.