Terug

Periodieke rapportage terugkeerbeleid (2018-2025)

Lopend project

Startdatum: 16 februari 2026

Publicatienummer: 25149

In deze periodieke rapportage over het Nederlandse terugkeerbeleid onderzoeken wij het doelbereik, de doeltreffendheid en doelmatigheid van het gevoerde beleid in de afgelopen zeven jaar.

In Nederland geldt dat vreemdelingen die geen recht (meer) hebben op verblijf, waaronder uitgeprocedeerde asielzoekers, het land moeten verlaten. Dit uitgangspunt komt voort uit het nationale en Europese migratierecht en vormt een essentieel onderdeel van een geloofwaardig en samenhangend migratiestelsel. Het terugkeerbeleid is (in theorie) erop gericht dit vertrek op een zorgvuldige, rechtmatige en uitvoerbare wijze te realiseren.

In dit onderzoek evalueren wij het doelbereik, de doeltreffendheid en doelmatigheid van het Nederlandse terugkeerbeleid in de periode 2018-2025. Hierbij ligt de focus op het in kaart brengen van de verschillende middelen die ingezet worden voor het realiseren van het terugkeerbeleid, en hoe deze middelen bijdragen aan het uiteindelijke beleidsdoel.

 

Doel en Aanpak

De evaluatie vindt plaats binnen het kader van realistisch evalueren. Deze benadering richt zich niet alleen op de vraag óf beleid werkt, maar richt zich vooral op welke onderdelen van beleid werken, voor wie en onder welke omstandigheden. Door te kijken naar de verschillende onderdelen van het terugkeerbeleid (de verschillende betrokken instanties, de beschikbare beleidsinstrumenten, de onderliggende aannames bij het inzetten van die instrumenten) ontstaat er een verdiepend inzicht in de werking van het Nederlandse terugkeerbeleid.

De analyse maakt onderscheid tussen instrumenten gericht op vrijwillige terugkeer (zoals begeleiding en ondersteuning bij zelfstandig vertrek en het stimuleren van vrijwillige terugkeer), maatregelen in het kader van gedwongen terugkeer (bijvoorbeeld de vreemdelingenbewaring en feitelijke uitzetting), en inspanningen op het terrein van internationale samenwerking (bijvoorbeeld met herkomstlanden en binnen Europees verband). Door deze sporen in samenhang te onderzoeken, ontstaat inzicht in hun afzonderlijke en gecombineerde bijdrage aan het realiseren van een effectief en doelmatig, en rechtvaardig terugkeerproces.