Summary Process and efficacy evaluation Multidimensional Treatment Foster Care (MTFC)

Multidimensional Treatment Foster Care (MTFC) is a behavioural intervention for adolescents (12-17 years of age) with severe antisocial behaviour. One of the aims of the intervention is to decrease recidivism. It consists of intensive supervision within a foster family, in which adolescents receive social skills training.

Between 2012 and 2014, Regioplan conducted a study that was commissioned by the Research and Documentation Centre (WODC) of the Dutch Ministry of Security and Justice, in which the development of a group of MTFC-participants was mapped out and compared with the development of participants in a juvenile correctional institution (JJI). The central question of the study was the extent to which the intervention is effective and adds value compared to usual care in a JJI. The intention was to measure the effectiveness of the intervention in terms of reduction of criminal recidivism, within a maximum of three years after the efficacy study.

The full text of the study is only available in Dutch. However, the summary is also available in English (see below).

Ervaringen van instellingen na een jaar decentralisatie

Een jaar na de decentralisaties in het sociale domein maken instellingen voor zorg en begeleiding zich grote zorgen over de toegankelijkheid en over de kwaliteit van de ondersteuning die zij cliënten kunnen bieden. Dat blijkt uit een enquête uitgevoerd door Regioplan onder ruim 175 instellingen voor zorg en begeleiding. Ruim de helft van de bevraagde aanbieders twijfelt of gemeenten wel goed in staat zijn om te bepalen welke ondersteuning burgers nodig hebben. Steeds meer cliënten zitten thuis omdat er onvoldoende aanbod aan ondersteuning is.

Evaluatie gebiedsteams Wassenaar, Voorschoten, Oegstgeest en Leidschendam-Voorburg

Zijn met de gebiedsteams de voorwaarden geschapen voor een effectieve aanpak in het sociaal domein? Kunnen op de lange termijn de beoogde effecten van de transformatie bereikt worden?

De gebiedsteams hebben een belangrijke functie binnen de transformatie: het organiseren van eigen kracht en preventie. Daarom is de verwachting dat het functioneren van de gebiedsteams een belangrijk effect heeft op de kwaliteit en de kosten van de zorg. We voerden dit onderzoek uit in opdracht van de rekenkamercommissie van de gemeenten Wassenaar, Voorschoten, Oegstgeest en Leidschendam-Voorburg. De rekenkamercommissie concludeert, op basis van het onderzoek, dat de voorwaarden nog onvoldoende geborgd zijn om het beoogde effect van de transformatie te realiseren.

Meer informatie?
Neem contact op met Katrien.

Het onderzoeksrapport vindt u hier.

Impactmeting van de Budget Challenge

In Nederland heeft 22% van de lager en middelbaar opgeleiden tussen 18 en 34 jaar betaalproblemen, zo blijkt uit onderzoek van GGN (2014). De Stichting Weet Wat je Besteedt (WWJB) heeft daarom de Budget Challenge ontwikkeld, gericht op het mbo. In de Budget Challenge worden twee workhops gegeven, onder andere over het kostenbewust gebruik van de mobiele telefoon. De uitkomsten wijzen op een positieve impact van de Budget Challenge ten aanzien van de financiële zelfredzaamheid van studenten van het mbo. De studenten hebben na afloop meer inzicht in de oorzaken, gevolgen en aanpak van financiële problemen. De Budget Challenge lijkt minder impact te hebben op het mobieletelefoongedrag van de studenten.

Procesevaluatie Respect Limits

Respect Limits is een gedragsinterventie voor jongens tussen de twaalf en achttien jaar die voor het eerst een zedendelict hebben gepleegd. De interventie richt zich op het herkennen en respecteren van seksuele grenzen. Het doel is om herhaling van het seksueel grensoverschrijdend gedrag in de toekomst te voorkomen.

Om onderzoek te kunnen doen naar de doeltreffendheid en de effectiviteit van de interventie, moet eerst worden vastgesteld of de interventie in de praktijk wordt uitgevoerd zoals beoogd. Om deze reden hebben wij voor het WODC een procesevaluatie van Respect Limits uitgevoerd. We bekeken het implementatieproces, de uitvoering van de interventie, knelpunten die daarbij spelen en het oordeel van betrokken instanties.

Meer informatie
Voor meer informatie kunt u contact opnemen met Yannick.

Pleegouders en gezag

In opdracht van het Wetenschappelijk Onderzoek- en Documentatiecentrum (WODC) van het Ministerie van Veiligheid en Justitie heeft Regioplan onderzoek gedaan onder pleegouders naar gezag. De resultaten van het onderzoek worden door de staatscommissie ‘herijking ouderschap’ benut om na te gaan of, en zo ja op welke wijze, herijking van wetgeving omtrent juridisch ouderschap gewenst is.



Met behulp van een vragenlijst en aanvullende telefonische interviews hebben we geïnventariseerd of pleegouders problemen ervaren wanneer zij niet het gezag uitoefenen over het kind, of zij behoefte hebben aan deelgezag (als dit juridisch mogelijk zou zijn) en hoe zij denken over pleegoudervoogdij en adoptie.

Arbeidstoeleiding kwetsbare jongeren

Om jongeren met een arbeidsbeperking te helpen met het vinden van een baan werken verschillende partijen met elkaar samen in regionale netwerken. In deze netwerken proberen scholen, gemeenten, UWV en andere partners om de overgang van school naar werk voor kwetsbare leerlingen zo optimaal mogelijk te laten verlopen.

Wij hebben tien succesfactoren opgesteld voor het goed functioneren van de regionale netwerken arbeidstoeleiding. Tevens hebben wij een werkagenda opgesteld waarmee de netwerken zelf aan de slag kunnen om hun samenwerking te verbeteren. Immers: “Zonder netwerk gooi je de leerling over de schutting in de hoop dat hij wordt opgepakt.”

Het onderzoek is uitgevoerd met subsidie van UWV.

Meer informatie
In ons rapport hieronder vindt u meer informatie over het onderzoek. Daarnaast vindt u het verslag van het symposium dat we samen met het AKC hebben georganiseerd voor beleidsmakers, uitvoerders en overige betrokkenen bij de arbeidstoeleiding van kwetsbare jongeren.
Voor meer informatie kunt u contact opnemen met Miranda.

Evaluatie specifieke uitkering en gemeentelijk beleid inzake onderwijsachterstanden

In 2010 is de Wet Ontwikkelingskansen door kwaliteit en educatie (wet Oke) in werking getreden. In het kader van deze wet ontvangen gemeenten sinds 2011 een nieuwe specifieke uitkering ter bestrijding van onderwijsachterstanden. In samenwerking met Cebeon heeft Regioplan de besteding van deze geoormerkte uitkering onderzocht. Het ging hierbij zowel om uitgavenanalyses als om beleidskeuzen van gemeenten.

Uit het onderzoek kwam naar voren dat G37-gemeenten de wettelijke taken naar behoren uitvoeren. Voor niet-G37-gemeenten kon niet met zekerheid worden vastgesteld of de uitvoering van de wettelijke taken voldoende wordt ingevuld. Daarnaast laten de G37 op het gebied van de bovenwettelijke taken een duidelijke verbetering zien, al is er op enkele onderdelen nog winst te behalen.

Het belang van de relatie. Het verband tussen de werkalliantie en de motivatie voor begeleiding bij jongeren met een lvb

Veel jongeren met een licht verstandelijke beperking (lvb) ontvangen langdurige begeleiding bij het dagelijks functioneren. Motivatie voor begeleiding is een belangrijke factor voor het succes daarvan. In dit onderzoek keken we of de motivatie voor begeleiding samenhangt met de relatie die jongeren met een lvb hebben met hun begeleider.

Aan het onderzoek hebben 34 jongeren met een lvb meegewerkt die onder begeleiding wonen bij Stichting Philadelphia Zorg, Cordaan en het Leger des Heils. Ter afsluiting van het project hebben we samen met het Lectoraat LVB en jeugdcriminaliteit van de Hogeschool Leiden een symposium georganiseerd voor uitvoerders, beleidsmakers en andere betrokkenen bij de doelgroep. Het onderzoek is mogelijk gemaakt met subsidie van ZonMw.

Meer informatie
Voor meer informatie kunt u contact opnemen met Miranda.

Voorbereiding proces- en effectevaluatie gewijzigde kinderbeschermingswetgeving

Per 1 januari 2015 is de gewijzigde kinderbeschermingswetgeving in werking getreden. De wetswijziging gaat gepaard met monitoring en evaluatie. In 2015 heeft Regioplan onderzocht op welke wijze de effecten van de gewijzigde kinderbeschermingswetgeving geëvalueerd kunnen worden, wat de situatie is voor de invoering van de gewijzigde wetgeving (nulmeting) en wat de situatie is in de maanden na de invoering van de gewijzigde wetgeving (stand-van-zaken-meting). Onderwerp van onderzoek zijn alleen de wijzigingen in de kinderbeschermingswetgeving. Het gaat dus niet om een evaluatie van de kinderbeschermingswetgeving als geheel, noch om het functioneren van de instanties die bij de uitvoering van de wetgeving betrokken zijn, noch om de effectiviteit van de kinderbeschermingsmaatregelen.