Duale trajecten taal en werk voor statushouders

De weg naar werk is voor statushouders vaak lang en moeizaam. Steeds meer partijen zetten vanuit het motto ‘eerst werk, dan volgt de rest’ duale trajecten in, waarin gelijktijdig wordt gewerkt aan de ontwikkeling van Nederlandse taal- en werk(nemers)vaardigheden. Ons onderzoek geeft inzicht in de grote verscheidenheid aan trajecten die worden ingezet, aangevuld met enkele inspirerende voorbeelden voor de uitvoeringspraktijk en de professionals in de arbeidsmarktregio’s. We voerden het onderzoek uit in opdracht van SBCM, Cedris en VluchtelingenWerk Nederland.

Meer informatie?
Neem contact op met Arend.

Effectiviteit Aanpak 45-plussers gemeente Almere

In de gemeente Almere werden bijstandsgerechtigden van vijfenveertig jaar en ouder intensief begeleid bij het vinden van werk. Ook met begeleiding blijft het lastig voor deze groep om werk te vinden. De afstand naar de arbeidsmarkt is vaak groot door onder andere fysieke problemen en werkervaring in krimpende sectoren. Klantmanagers zijn desondanks enthousiast, omdat zij merken dat ook klanten die (nog) geen werk vinden, wel actiever worden, bijvoorbeeld als vrijwilliger.

Intensieve begeleiding voor bijstandsgerechtigden in Almere

In de gemeente Almere hebben bijstandsgerechtigden van 45 jaar en ouder die al langere tijd werkloos waren intensieve begeleiding van een klantmanager gekregen. Het doel van de aanpak was om meer klanten uit te laten stromen naar werk en klanten voor wie dat een stap te ver bleek meer te laten participeren in de samenleving. Klantbegeleiders hadden een kleine caseload waardoor ze klanten (twee)wekelijks konden spreken. Daarnaast hadden ze een maatwerkbudget van maximaal 2000 euro per klant tot hun beschikking en konden ze klanten aanmelden voor de training Focus op Werk. In de hele aanpak stond maatwerk centraal: de duur en aard van de begeleiding, de ingezette instrumenten en de intensiteit van het contact werden afgestemd op de situatie van de klant.

Vooral meer kleine banen door intensieve begeleiding

Van september 2017 tot juni 2019 onderzochten we de effectiviteit van de aanpak 45+ van de gemeente Almere. Het onderzoek was ingericht als experiment: een groep geselecteerde bijstandsgerechtigden werd willekeurig ingedeeld in een experimentgroep (die de intensieve begeleiding werd aangeboden) en een controlegroep (die dat niet kreeg). In juni 2019 is gekeken of er verschillen zijn in uitstroom naar werk tussen beide groepen. Klanten uit de experimentgroep hebben iets vaker werk gevonden dan klanten uit de controlegroep: afhankelijk van het meetmoment (6, 12 of 18 maanden na de start van de begeleiding) wat dit verschil 7 tot 9 procentpunten. Dit gaat wel vooral om kleine banen (minimaal 1 uur per week). Als we alleen kijken naar banen van minimaal 48 uur per maand, is er ook wel een licht positief effect, maar dat is niet significant. Dat betekent dat we niet met voldoende zekerheid kunnen zeggen dat het verschil door de aanpak komt en niet op toeval berust.

Voor wie is deze aanpak geschikt?

Deze aanpak blijkt niet de oplossing voor alle oudere bijstandsgerechtigden, maar uit de procesevaluatie blijkt dat het voor veel kanten toch meerwaarde heeft. Ten eerste blijkt dat een kwart van de klanten die intensief begeleid is weliswaar niet naar werk te zijn uitgestroomd, maar wel meer zijn gaan participeren door bijvoorbeeld vrijwilligerswerk, een opleiding of een werkervaringsplaats te doen. Ten tweede blijkt uit ons procesonderzoek (bestaande uit interviews met klanten en uitvoerders) dat er klanten zijn die blij zijn met de hulp die ze krijgen en positieve effecten ervaren. Intensief klantmanagement lijkt met name geschikt voor klanten die zelf de moed opgegeven hebben (niet meer solliciteren) of een verkeerde zoekstrategie hanteren (bijv. in hun oude sector) in combinatie met enkele andere belemmeringen die redelijk eenvoudig kunnen worden aangepakt wanneer een klantmanager daar de tijd voor kan nemen. Deze klanten werden weer gemotiveerd om aan de slag te gaan, gestimuleerd om aan andere sectoren of functies te denken en kregen de mogelijkheid aan bepaalde belemmeringen te werken (een cursus, EMDR-therapie, enz.).

Meer informatie?
Neem contact op met Hetty.

Het onderzoek had een looptijd van twee jaar. Inmiddels zijn alle rapporten verschenen. Deze zijn hieronder te vinden. Daarnaast is er een artikel verschenen in op Zorg+Welzijn met een samenvatting van de aanpak en de resultaten (toegankelijk met abonnement).

Het onderzoek vond plaats in het kader van het ZonMw-programma ‘Vakkundig aan het werk’.

Impact evaluatie INTERREG Nederland Duitsland

De regio’s langs de grens worden in de Europese Unie gezien als verbindende schakels. Nergens anders is de betekenis van het doorbreken van nationale staatsgrenzen beter zichtbaar. Om grensregio’s nog beter met elkaar te verweven, heeft de EU een stimuleringsprogramma opgezet: INTERREG. Vanuit dit programma worden, onder meer, subsidiemiddelen beschikbaar gesteld voor grensoverschrijdende, innovatieve projecten in het grensgebied tussen Nederland en Duitsland. Het accent van deze subsidiëring ligt op twee thema’s: (1) verhoging van de grensoverschrijdende innovatiekracht en (2) vergroting van de socio-culturele en territoriale cohesie, met als doel het wegnemen van de grens als barrière.

In opdracht van het Gemeenschappelijk INTERREG-Secretariaat (Euregio Rijn-Waal) voeren wij, in samenwerking met Ramboll Management Consulting, een impactevaluatie uit van het programma INTERREG VA Deutschland-Nederland. De evaluatie richt zich op twee aspecten. Enerzijds wordt de uitvoering van het subsidieprogramma geëvalueerd, waarbij de aandacht onder meer uitgaat naar de selectie van subsidieprojecten en de voortgang van het bereiken van programmadoelen. Anderzijds worden de effectiviteit, de efficiëntie en de impact van het samenwerkingsprogramma onder de loep genomen.

De impactevaluatie heeft betrekking op twee perioden, 2018/2019 en 2021/2022, zodat de effecten van het programma in de loop van de tijd kunnen worden vastgesteld. Evaluatie van (financiële) projectdocumenten, interviews met en een enquête onder stakeholders en workshops maken deel uit van het onderzoek.

Meer informatie?
Neem contact op met Jos.

Evaluatie Wet versterking bestuur pensioenfondsen

De Wet versterking bestuur pensioenfondsen beoogt verbetering te brengen in de tekortkomingen die tijdens de economische crisis naar boven kwamen. Dit artikel presenteert de belangrijkste uitkomsten van de evaluatie van deze wet.

ESPN FLASH REPORT: Wage subsidies for disabled workers in the Netherlands

As national experts in the European Social Policy Network (ESPN), Regioplan has published a short report on wage subsidies for disabled workers in the Netherlands. This report was published on the website of the European Commission.

In order to create jobs for people with disabilities, Dutch employers can receive a wage subsidy. The new Dutch government has set out to replace this instrument with wage dispensation, which carries several disadvantages for workers with disabilities. This has sparked a national debate among stakeholders and political parties.

Detachering: Individuele studietoeslag (Inspectie SZW)

De Inspectie SZW doet, op verzoek van de staatssecretaris van SZW, onderzoek naar de individuele studietoeslag. Deze regeling heeft als doel jongeren van 18 jaar en ouder met een arbeidsbeperking, die onderwijs volgen, een financieel steuntje in de rug te geven.

De afgelopen jaren is de individuele studietoeslag diverse malen in de Tweede Kamer aan de orde gekomen. Het ging hierbij vooral om de onderlinge gemeentelijke verschillen in de hoogte van de individuele studietoeslag en de onbekendheid bij de doelgroep. De recente besprekingen in de Tweede Kamer hebben geleid tot de toezegging van de Staatssecretaris om de Tweede Kamer eind 2018 te voorzien van informatie over de uitvoering van de regeling.

Onafhankelijke gespreksleider Intelligence Group

De Intelligence Group, HetRecruitingKantoor (HRK), Recruitment Tech en Yellow Yard hebben gezamenlijk Regioplan ingehuurd om in het kader van business development twee focusgroepen met interim recruiters te leiden. De opdrachtgevers hebben de sessies vanuit een kamer ernaast live gevolgd via een videoverbinding. Op driekwart van de sessie konden zij via de gespreksleider extra vragen inbrengen.

 

Grip op groei; Zelfregie op de arbeidsmarkt

Tegen de achtergrond van krachtige nieuwe technologie is het werken in veel sectoren veranderd. Ook het werk van de gemeenteambtenaar. Het project ‘Grip op groei’ heeft tot doel de zelfregie en inzetbaarheid te vergroten van ambtenaren in het middensegment van de gemeentelijke arbeidsmarkt. Wij ondersteunen het A+O fonds op verschillende manieren en momenten tijdens dit project. We onderzoeken onder andere op welke wijze gemeenteambtenaren van dit initiatief profiteren.

Meer informatie?
Neem contact op met Jos.

Hoe vinden werkzoekenden met een arbeidsbeperking en werkgevers elkaar?

In Nederland hebben de sociale partners afgesproken om in ruim tien jaar tijd 125 000 extra banen te creëren voor werknemers met een arbeidsbeperking. Om deze ambitieuze afspraak te laten slagen, moeten werknemers met een arbeidsbeperking en werkgevers elkaar in toenemende mate zien te vinden. Hiervoor is arbeidsmarktinformatie essentieel. Regioplan deed onderzoek naar de beschikbare informatie en ontwikkelde op basis daarvan een ontwikkelprogramma gericht op het ontsluiten van de ontbrekende arbeidsmarktinformatie.

Dit artikel is een samenvatting van dat onderzoek. De rapportage van het volledige onderzoek vindt u hier.

Sectoranalyse onderwijs

De Sectoranalyse onderwijs geeft inzicht in het opleidingenaanbod in de sector onderwijs en de ontwikkelingen hierin de afgelopen jaren. Daarnaast wordt getoond hoe de opleidingen binnen de sector aansluiten op de arbeidsmarkt en wat de arbeidsmarktprognoses zijn. De sector onderwijs bestaat in het onderzoek voornamelijk uit lerarenopleidingen. Opleidingen uit het hoger onderwijs behoren tot de scope van het onderzoek, waarbij het doel is meer zicht te krijgen op de macrodoelmatigheid van deze opleidingen. Dit onderzoek is uitgevoerd in opdracht van de Commissie Doelmatigheid Hoger Onderwijs (CDHO) en het ministerie van Onderwijs Cultuur en Wetenschap (OCW).