Werkveld: Veiligheid en recht
Schokeffect huisverbod: meer hulp, minder recidive
Regioplan deed onderzoek naar het effect van het huisverbod. Wat blijkt? Het huisverbod, en met name de intensieve hulpverlening die daarmee gepaard gaat, draagt bij aan minder nieuw huiselijk geweld. Over de resultaten van het onderzoek verscheen recent een artikel op het online platform van Secondant.
U kunt het artikel bekijken
via deze link
Evaluatie Landelijk Expertisecentrum Diversiteit (LECD)
Het Landelijk Expertise Centrum Diversiteit (LECD) van de Nationale Politie hield zich in de periode 2000-2015 bezig met diversiteitsvraagstukken binnen de politie. De activiteiten waren zowel gericht op de politieorganisatie zelf als het optreden naar buiten toe. We inventariseerden activiteiten van het LECD en identificeerden effectieve en veelbelovende werkwijzen. Dit deden we in opdracht van het WODC.
Meer informatie?
Neem contact op met Jeanine.
Secundaire analyse kwaliteitsmeting slachtofferzorg
Justitie wil graag inzicht in de tevredenheid over slachtofferondersteuning door justitiële instanties. Met de slachtoffermonitor worden de ervaringen van slachtoffers met deze instanties periodiek gemeten. Het merendeel van de slachtoffers is over het algemeen positief te spreken over de ondersteuning door de politie, het Openbaar Ministerie, de rechtspraak en Slachtofferhulp Nederland.
Toch zijn er ook slachtoffers die juist overwegend negatieve ervaringen opdeden. Hoe kan deze groep slachtoffers getypeerd worden? Om daar zicht op te krijgen, is een secundaire analyse uitgevoerd op de verzamelde data in de slachtoffermonitor (eerste meting). Vervolgens zijn de resultaten van de data-analyse nader uitgediept aan de hand van de praktijkervaringen van medewerkers van slachtofferloketten.
Meer informatie?
Neem contact op met Ger.
Dit onderzoek vond plaats in opdracht van het Wetenschappelijk Onderzoek- en Documentatiecentrum (WODC) van het ministerie van Justitie en Veiligheid.
Lees behalve onze rapportage of de samenvatting, ook het onderstaande artikel dat in het Tijdschrift voor Veiligheid verscheen.
Evaluatie methode Voogdij
Voogdij is het gezag over een minderjarige dat door een ander dan een ouder wordt uitgeoefend. In verreweg de meeste gevallen is voogdij het gevolg van een
kinderbeschermingsmaatregel, waarbij het gezag van de ouders is beëindigd. De voogdij wordt in die gevallen overgedragen aan een gecertificeerde instelling. Sinds 2012 wordt met een methode voogdij gewerkt binnen de instellingen. Regioplan voerde in opdracht van het WODC de evaluatie van de methode voogdij uit.
Handreiking Wet tijdelijk huisverbod
Regioplan is sinds de pilotfase intensief betrokken bij de ontwikkelingen rondom het tijdelijk huisverbod. De kennis die we daarbij hebben opgedaan, hebben we gebruikt voor het schrijven van een nieuwe handreiking over het instrument. De handreiking is bedoeld om gemeenten en professionals inzicht te bieden in de mogelijkheden om het huisverbod in te zetten, en de factoren waarmee dan rekening gehouden moet worden. In de handreiking is alle relevante kennis die er inmiddels over het huisverbod is, verwerkt.
Follow-up genderscan aanpak huiselijk geweld
In het najaar van 2013 voerde Regioplan samen met Projects on Women’s Rights (PoWR) een genderscan uit naar de aanpak van huiselijk geweld in Nederland. Hier kwamen diverse verbeterpunten uit naar voren. Die pakten we in de periode 2014-2016 samen met PoWR, Atria en Movisie op in de ‘follow-up’ van de genderscan. De follow-up richtte zich op het creëren van draagvlak bij gemeenten, partners in de ketenaanpak en professionals in de uitvoering. Daartoe zijn praktische instrumenten voor deze doelgroepen ontwikkeld en is inzichtelijk gemaakt wat de meerwaarde is van gendersensitief handelen. Daarbij staat voorop dat de aanpak van huiselijk geweld in Nederland systeemgericht is en ook moet blijven; gender is een noodzakelijke en waardevolle aanvulling die deze aanpak (nog) effectiever maakt.
Motieven voor en waardering van hoger beroep
Waarom gaan rechtzoekenden in hoger beroep, wat verwachten ze van de appelprocedure, welke ervaringen doen zij daar op en hoe waarderen zij deze procedure uiteindelijk?
De discussie over een effectieve en efficiënte inrichting van de rechtspraak richt zich onder meer op het hoger beroep. De vraag die daarbij rijst, is in hoeverre de procedure van hoger beroep beantwoordt aan haar doelstellingen. Empirische gegevens daarover zijn schaars. Dit onderzoek richt zich op de keuze van rechtzoekenden om wel of geen hoger beroep in te stellen en op hun waardering van de procedure van hoger beroep.
Het onderzoek toont dat bij bestuursrechtelijke en strafrechtelijke zaken rationele kosten-batenoverwegingen domineren bij het al dan niet instellen van hoger beroep. Simpel gezegd: men procedeert verder omwille van een gunstiger uitspraak. In civiele zaken is het beeld gevarieerder: naast kosten-batenoverwegingen spelen hier ook overwegingen ten aanzien van de ervaren rechtvaardigheid van de procedure en de uitkomst. De uitkomst van de procedure blijkt de belangrijkste verklarende factor voor de waardering van de rechtszoekenden voor de hoger beroepsprocedure in de drie rechtsgebieden.
Meer informatie?
U vindt het rapport hier. Daarnaast is een artikel over het onderzoek verschenen in Trema, u vindt het artikel hieronder.
U kunt ook contact opnemen met Bob.
Evaluatie cameratoezicht Amsterdam 2012-2013
Cameratoezicht voor het handhaven van de openbare orde is in de gemeente Amsterdam sinds 1997 mogelijk. In 2013 zijn er 19 cameraprojecten in zes stadsdelen met in totaal 205 camera’s. De plaatsingsbesluiten die aan de cameraprojecten ten grondslag liggen lopen op 31 december 2013 af. Dan zal een nieuw besluit over het al dan niet voortzetten van de cameraprojecten genomen worden. Om die beslissing goed onderbouwd te kunnen nemen liet de gemeente Amsterdam een evaluatieonderzoek uitvoeren. De evaluatie levert een advies op over het voortzetten, aanpassen of beëindigen van de verschillende cameraprojecten.
Op basis van de evaluatieresultaten en het advies van de territoriale subdriehoeken heeft de burgemeester van Amsterdam op 14 april 2014 besloten over de cameraprojecten. Het besluit is hier te vinden. Het rapport is nog niet openbaar.
Genderscan aanpak huiselijk geweld
Samen met Projects on Women’s Rights (PoWR) onderzocht Regioplan de gendersensitiviteit van de aanpak van huiselijk geweld in Nederland. Uitgangspunt bij deze ‘genderscan’ was dat gender een rol speelt bij het ontstaan en voortduren van partnergeweld. Wil de aanpak effectief zijn, dan moet die daar rekening mee houden. Het onderzoek betrof het landelijk en regionaal/lokaal beleid, het ingezette instrumentarium en de uitvoering van de aanpak van partnergeweld.
Het onderzoek laat zien dat het binnen een sekseneutraal geformuleerd beleid, dat zich richt op alle plegers en alle slachtoffers, goed mogelijk is om gendersensitief te handelen. Dat vereist dan wel dat betrokken beleidsmakers, ontwikkelaars van interventies en uitvoerders zich bewust zijn van de relevantie van gendergerelateerde factoren, en daar ook naar handelen. Dat is in Nederland nog niet altijd het geval, hetgeen leidt tot specifieke verbeterpunten voor de aanpak.
Op dit moment werkt Regioplan samen met PoWR, Atria en Movisie aan de follow-up van de genderscan.
Huiselijk geweld in Caribisch Nederland
In 2012 ondertekende Nederland het Verdrag van de Raad van Europa inzake het voorkomen en bestrijden van geweld tegen vrouwen en huiselijk geweld (Verdrag van Istanbul). Het is de bedoeling dat dit verdrag op termijn ook van kracht wordt in Caribisch Nederland. Daarom heeft Regioplan onderzocht wat de stand van zaken met betrekking tot huiselijk geweld op deze eilanden is. Ook is nagegaan wat er nodig is om in dit gebied te komen tot een volwaardige, en bij de problematiek en aard van de eilanden passende, sluitende aanpak van huiselijk geweld en kindermishandeling. Medio 2014 worden afspraken gemaakt tussen de Nederlandse regering en Caribisch Nederland over het daadwerkelijk vormgeven van die aanpak.