Werkveld: Onderwijs
Effectieve inzet van de academisch opgeleide leraar primair onderwijs
Sinds 2008 kunnen studenten zich aanmelden voor de Academische Pabo. Afronding van deze opleiding levert naast een bachelordiploma voor de opleiding tot Leraar Basisonderwijs ook een Academische bachelor Pedagogische Wetenschappen of Onderwijskunde op. Inmiddels zijn er negentien pabo’s waar de studenten deze opleiding kunnen volgen. Inmiddels ronden de eerste studenten de opleiding af. Het onderzoek, dat we in opdracht van het CAOP hebben uitgevoerd, richt zich op de ervaringen tijdens de stages van studenten van de Academische Pabo en de verwachtingen omtrent de inbreng van leerkrachten met deze opleiding in de toekomst. Hiervoor hebben we een aantal casestudies uitgevoerd waarin met de betrokken partijen is gesproken. Deze partijen bestrijken zowel de pabo als de basisschool. Academisch gevormde leerkrachten worden gezien als een welkome en ook wel noodzakelijke aanvulling op de grotere groep HBO-opgeleide leraren.
Extra vakken en vakken op een hoger niveau in het voortgezet onderwijs
Vaker examen met vakken op hoger niveau
Regioplan onderzocht voor het ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap het aantal leerlingen dat examen heeft gedaan in één of meer vakken op een hoger niveau. In vier jaar tijd is dit gestegen van 130 naar 1100 leerlingen. Ondanks de toename gaat het om minder dan één procent van de examenkandidaten in het voortgezet onderwijs. In tachtig procent van de gevallen gaat het om vmbo-leerlingen in de basis- of kadergerichte leerweg. De meest populaire vakken die op een hoger niveau gevolgd worden zijn Nederlands, Engels en wiskunde, niet toevallig de vakken die belangrijk zijn bij een eventuele doorstroom naar het havo.
Drijfveren en belemmeringen bij scholen
Waarom bieden scholen leerlingen wel of niet de mogelijkheid om vakken op een hoger niveau te volgen? Als belangrijke drijfveren om het wel te doen worden het stimuleren van talent en het vergroten van zelfvertrouwen, motivatie en doorstroommogelijkheden genoemd. Als belangrijke belemmeringen worden vooral organisatorische zaken naar voren gebracht. Het gaat dan om het afstemmen van roosters, het gedifferentieerd lesgeven en administratieve rompslomp. Ook een gebrek aan vraag wordt soms als reden naar voren gebracht.
In samenwerking met Bokhorst Communicatie is een brochure ontwikkeld met praktijkvoorbeelden van scholen waar veel gewerkt wordt met het aanbieden van vakken op verschillende niveaus. Van deze scholen leren we dat het de nodige inspanning kost, maar dat het wel degelijk mogelijk is. En wat zijn de resultaten? Caroline van Wijngaarden afdelingsleider vmbo van het Schoonhovens College zegt daarover: “We zien wel dat de gemiddelde examencijfers iets dalen, maar veel is dat niet. De trots en het enthousiasme van de leerlingen zijn veel groter”.
In het rapport is naast vakken op een hoger niveau ook aandacht besteed aan het volgen van extra vakken.
Regioplan international newsletter 2011
This English newsletter contains a selection of interesting studies conducted by Regioplan in recent years. The overview will give an impression of our expertise and our (international) research activities. Studies being discussed include:
– Undeclared work in the EU
– Migrants leaving the Netherlands
– Migrants from third countries
– Civic integration abroad
– Civic integration and modern citizenship
– Camera surveillance
– Export and import of firearms
– Trade missions
– Deprived neighbourhoods
Evaluatie Wet gratis schoolboeken
In 2008 is de Wet gratis schoolboeken (WGS) ingevoerd. In deze wet is geregeld dat niet langer ouders, maar scholen de kosten voor lesmateriaal betalen. De wet beoogt de schoolkosten voor ouders terug te brengen en de marktwerking op de schoolboekenmarkt te verbeteren. Tegelijkertijd met de invoering van de WGS kwam er aandacht voor de plicht van scholen om grote opdrachten voor schoolboeken Europees aan te besteden. In opdracht van het ministerie van OCW heeft Regioplan de WGS geëvalueerd.
Verzuim en vervanging in het primair onderwijs 2009
Personeelsverzuim is en blijft een belangrijk thema binnen het onderwijs. In opdracht van het ministerie van OCW en het Vervangingsfonds berekent Regioplan jaarlijks verzuimkengetallen over het primair onderwijs. De cijfers over de ontwikkeling van personeelsverzuim geven inzicht in de mate waarin beleidsdoelstellingen zijn gerealiseerd. Ook worden de verzuimkengetallen gebruikt voor beleidsnota’s, zoals de nota werken in het Onderwijs (WIO). Voor 2009 zijn de verzuimkengetallen berekend op basis van de verzuimregistratie van de salarisverwerkers Raet ECS (voorheen CASO), Raet en Merces. De kengetallen zijn apart berekend voor onderwijzend personeel en onderwijsondersteunend personeel en uitgesplitst in overig verzuim en ziekteverzuim.
Vervangingsvraag IJssel-Veluwe
In opdracht van het platform onderwijsarbeidsmarkt regio IJssel-Veluwe heeft Regioplan onderzoek gedaan naar de vervangingsvraag als gevolg van vergrijzing bij het onderwijspersoneel in de komende jaren. We hebben hiervoor in kaart gebracht hoeveel docenten de komende jaren met pensioen gaan. Daarnaast hebben we vastgesteld bij welke vakken en op welke niveaus de grootste tekorten gaan ontstaan. Hierdoor heeft de opdrachtgever een gedetailleerd beeld gekregen van de vervangingsvraag op aan het Platform deelnemende scholen. Daarmee kunnen scholen gericht actie ondernemen op te verwachten tekorten in het docentencorps.
Dwang en drang bij voorschoolse educatie
Op verzoek van het Ministerie van OCW heeft Regioplan een advies opgesteld met betrekking tot de mogelijkheden om kinderen in de leeftijd van twee tot vier jaar met een (dreigende) taalachterstand verplicht gebruik te laten maken van voorschoolse educatie.
Kinderen die met een taalachterstand het primair onderwijs binnentreden lopen een groter risico belemmerd te worden in hun ontwikkeling dan kinderen zonder taalachterstand. Via kinderdagverblijven en peuterspeelzalen worden voorschoolse educatieve programma’s aangeboden die erop zijn gericht om taalachterstanden weg te werken. Niet alle kinderen die hiervoor in aanmerking komen maken gebruik van dit aanbod.
In het regeerakkoord van het Kabinet Rutte is opgenomen dat deelname aan voorschoolse educatieve programma’s moet kunnen worden bevorderd met dwang en drang. Regioplan beoordeelde, samen met een aantal hoogleraren, de wettelijke (on)mogelijkheden daartoe. Tevens werd gekeken of naast dan wel in plaats van dwangmaatregelen ook specifieke drangmaatregelen kunnen worden genomen. Te denken valt daarbij aan maatregelen die gericht zijn op het motiveren van specifieke groepen ouders om gebruik te maken van voorschoolse educatie, zoals bijvoorbeeld ouders die verplicht moeten inburgeren of ouders die gebruik maken van specifieke sociale voorzieningen.
Speciale aandacht gaat in dit advies uit naar de proportionaliteit en de subsidiariteit van de dwang- en drangmaatregelen: is de voorgestelde maatregel in lijn met het doel en de uitgangspunten van wet- en regelgeving die van toepassing is en is de voorgestelde maatregel niet te zwaar voor het doel dat men wil bereiken?
Op basis van het advies worden experimenten gestart in de grote steden.
Loopbaanmonitor Onderwijs 2011
Ook dit jaar heeft Regioplan de Loopbaanmonitor Onderwijs uitgevoerd. In deze jaarlijkse monitor wordt in opdracht van het ministerie van OCW onderzoek gedaan naar de arbeidsmarktpositie van recent afgestudeerden aan de lerarenopleidingen. Ruim 9000 afgestudeerde leraren uit het jaar 2010 hebben een uitnodiging ontvangen om de enquête in te vullen.
Uit de resultaten blijkt dat direct na afstuderen twee derde van de afgestudeerde leraren in het onderwijs werkt. Ruim 30 procent van de pas afgestudeerde leraren heeft direct na afstuderen een baan buiten het onderwijs, een kleine baan of werkt (nog) niet. Een halfjaar na afstuderen werkt 77 procent in het onderwijs en een jaar na afstuderen 76 procent. Ook dit jaar hebben de afgestudeerden van de lerarenopleiding basisonderwijs meer moeite om een baan in het onderwijs te vinden dan de afgestudeerden van de lerarenopleiding voortgezet onderwijs.
Verder wordt onder andere gevraagd hoe het de leraren binnen het onderwijs bevalt en hoe lang zij nog binnen het onderwijs werkzaam willen blijven. Aan degenen die buiten het onderwijs of niet werken wordt gevraagd wat daarvan de reden is en of zij wel in het onderwijs zouden willen werken.
Loopbaanwensen en -mogelijkheden voor ondersteunend personeel in het voortgezet onderwijs
Van alle werknemers in het voortgezet onderwijs bestaat ongeveer een vijfde uit ondersteunend personeel. In tegenstelling tot leraren is er over de loopbaanwensen en loopbaanmogelijkheden van deze groep personeelsleden niet veel bekend. Dit komt doordat de aandacht, wanneer het om loopbaanontwikkeling gaat, traditioneel vooral uitgaat naar het onderwijzend personeel.
Naast alle aandacht voor het vergroten van de loopbaanmogelijkheden voor leraren, wil de CAO-tafel VO echter ook aandacht besteden aan de mogelijkheden voor loopbaanontwikkeling voor ondersteunend personeel. In opdracht van SBO heeft Regioplan daarom een verkennend onderzoek verricht naar de loopbaanwensen en loopbaanmogelijkheden van ondersteunend personeel in het voortgezet onderwijs. Naast het rapport is er van dit onderzoek ook een publieksversie verschenen.
Vervangingsvraag Almere-Flevoland
In opdracht van het regionaal platform Almere-Flevoland heeft Regioplan onderzoek gedaan naar de vervangingsvraag als gevolg van vergrijzing bij het onderwijspersoneel in de komende jaren. We hebben hiervoor in kaart gebracht hoeveel docenten de komende jaren met pensioen gaan en vastgesteld bij welke vakken en op welke niveaus de grootste tekorten gaan ontstaan. Daarnaast hebben we deze gegevens uitgesplitst naar de verschillende gemeenten die onder de regio Almere-Flevoland vallen. Hierdoor heeft de opdrachtgever een gedetailleerd beeld gekregen van de vervangingsvraag op aan het Platform deelnemende scholen. Daarmee kunnen scholen gericht actie ondernemen op te verwachten tekorten in het docentencorps.