35min op weg naar werk, Uitkerings- en arbeidsmarktpositie van 35-minners.

In opdracht van de Stichting van de Arbeid heeft Regioplan voor de derde maal onderzoek gedaan naar de arbeidsmarktpositie van 35-minners. Uit het onderzoek blijkt dat steeds meer werknemers die minder dan 35 procent arbeidsongeschikt zijn verklaard, aan het werk zijn. Volgens de laatste meting heeft 62 procent betaald werk, waarbij geldt dat het percentage werkenden toeneemt naarmate de claimafwijzing langer geleden is. Van de niet-werkende 35-minners heeft het overgrote deel een WW-uitkering.

Advies Schuldhulpverlening Haarlemmermeer

Regioplan heeft de gemeente Haarlemmermeer in 2007 in drie kortlopende projecten van informatie en advies voorzien om de lokale schuldhulpverlening te versterken. De behoefte is om tot meer samenhang in het aanbod van de schuldhulpverlening te komen en om in de uitvoering sterker in te zetten op de preventie van (problematische) schuldsituaties. In ons advies hebben we de samenhang gezocht tussen de schuldhulpverlening en de gemeentelijke uitvoering van de WMO en de re-integratie van bijstandsgerechtigden. Ook is de relatie met de voedselbank gezocht. We hebben de gemeente ook geadviseerd over manier waarop zij de schuldhulpverlening opnieuw zou kunnen aanbesteden. In mei 2008 heeft het college van B&W van de gemeente Haarlemmermeer besloten om ons advies grotendeels over te nemen. De raad heeft dit besluit in juni 2008 overgenomen. We hebben ons advies vastgelegd in drie korte rapportages.

Haalbaarheidsstudie Handhavings Informatie Punt Asbest

In Nederland handhaven diverse instanties de wet- en regelgeving voor asbest: de Arbeidsinspectie, VROM-Inspectie, Inspectie Werk en Inkomen, Inspectie Verkeer en Waterstaat, OM, politie, gemeenten en provincies. Deze ‘asbesthandhavers’ verzamelen op hun eigen manier informatie over hoe door bedrijven en particulieren wordt omgegaan met asbest. Een handhavingsinformatiepunt (HIP) kan ervoor zorgen dat deze informatie tussen de handhavers beter wordt gedeeld. Regioplan heeft in opdracht van het ministerie van SZW een advies uitgebracht over het nut en de noodzaak van een dergelijk informatiepunt. In het advies wordt gewezen op het belang van een betere samenwerking tussen de handhavingspartners als basis van informatie-uitwisseling. Het informatiepunt kan dan vervolgens een instrument worden dat de verschillende handhavingspartners dichter bij elkaar brengt.

Allochtonen in de bouw

In de bouwsector werken relatief weinig mensen met een allochtone herkomst. Gezien de grote bouwproductie en krappe arbeidsmarkt vormen Nederlanders van allochtone afkomst juist een interessante bron van werknemers. Regioplan onderzocht voor de sociale partners in de bouw hoe het komt dat weinig allochtonen in de bouwsector werken en hoe dat mogelijk kan worden verbeterd. In de eerste plaats kiezen allochtonen niet voor een opleiding in de bouw door onbekendheid of negatieve associaties met de sector. Voorts ontbreekt het bouwbedrijven dikwijls aan personeels- of diverstiteitsbeleid waardoor allochtone werkzoekenden en autochtone werkgevers elkaar niet vinden. Tot slot worden allochtonen die toch aan de slag gaan in de bouw niet altijd goed ontvangen. (Onbewuste) discriminatie speelt hierbij een rol, voornamelijk door het principe ‘onbekend maakt onbemind’. Oplossingen ter doorbreking van dit patroon moeten onder meer worden gezocht in het verbeteren van het ‘bouwimago’, het ontwikkelen van duurzaam personeels- en diversiteitsbeleid, een betere begeleiding van allochtone nieuwkomers op de bouwplaats en tot slot het coachen van leidinggevenden in het leren omgaan met een cultureel diverse bouwplaats.

De waarde van vrijwillige inzet; van waarde naar waardering

Wat is de waarde van een bestuur van een sportclub? Wat is de waarde van activiteiten van een vrijwilliger die zich inzet voor ouderen? Het moge duidelijk zijn dat deze waarden niet gemakkelijk zijn te duiden, laat staan in geld uit te drukken. Toch kan het in sommige gevallen nuttig zijn om de waarde van vrijwillige inzet in kaart te brengen. Inmiddels worden her en der diverse instrumenten toegepast waarmee de betekenis van vrijwilligerswerk kan worden gemeten. Dat meten roept echter vragen op. Welke instrumenten meten nu eigenlijk welk soort waarde? En is dat wel de waarde die men wil meten? Voor het ministerie van VWS heeft Regioplan Beleidsonderzoek in kaart gebracht wat de behoefte is aan het meten van de waarde van vrijwillige inzet en hoe een meetinstrument er dan uit zou moeten zien.

Woon-werkverkeer in de gemeente Haarlemmermeer

In de gemeente Haarlemmermeer werken zo’n 125.000 personen, waarvan zo’n 62.000 op de luchthaven Schiphol en 63.000 in de woonkernen van de gemeente. Dit levert dagelijks een vervoersstroom van werknemers die zich van en naar hun werk bewegen met het openbaar vervoer, de auto, de motor, de fiets of lopend. De gemeente Haarlemmermeer wil de omvang en het globale karakter van deze vervoersstromen in kaart brengen en heeft daartoe Regioplan Beleidsonderzoek gevraagd een onderzoek naar het woon-werkverkeer uit te voeren. Regioplan heeft derhalve onder 3740 werkgevers in de gemeente Haarlemmermeer een enquête uitgezet. De resultaten van dit onderzoek zijn niet openbaar.

Functiedifferentiatie in het primair onderwijs

Hoe staat het met de functiedifferentiatie in het primair onderwijs? Welke mogelijkheden en belemmeringen zijn er en wat is de motivatie om al dan niet gebruik te maken van functiedifferentiatie? Wordt gebruikgemaakt van het nieuwe functiewaarderingssysteem van FUWA-PO en kunnen werkgevers goed uit de voeten met dit instrument? Dat zijn globaal de hoofdvragen van het verkennende kwalitatieve onderzoek dat Regioplan Beleidsonderzoek in opdracht van het SBO heeft uitgevoerd.

Evaluatie project Niet Zonder Werk Amsterdam Zuidoost

Het concept Niet Zonder Werk van Randstad is een vorm van work first die volledig gericht is op re-integratie. Regioplan evalueerde een pilot in Amsterdam Zuidoost waarin dit concept werd toegepast. Randstad sluit met de deelnemende bijstandscliënten een Re-integratie Werk Overeenkomst van een jaar. De deelnemers krijgen van Randstad een financiële vergoeding en stromen daarmee uit de uitkering. Met behulp van een zelf ontwikkeld analysemodel heeft Regioplan de succes- en faalfactoren van het project in kaart gebracht. De belangrijkste succesfactor bleek de werkgever-werknemerrelatie die de deelnemers met Randstad hebben.

Evaluatie werking loonkostensubsidies gemeente Utrecht

De gemeente Utrecht heeft in 2004 een aantal nieuwe vormen van loonkostensubsidies ingevoerd. Na twee jaar bleek echter dat het instrument veel minder werd ingezet dan van te voren was ingeschat. Regioplan heeft daarom de werking van de loonkostensubsidieregeling geëvalueerd.De oorzaken voor het dit tegenvallende gebruik bleken de conjunctuur, de complexiteit van de regeling, het feit dat re-integratiebedrijven vooral loonkostensubsidies inzetten voor kandidaten die aan de kwaliteitseisen van werkgevers voldoen, onvoldoende acquisitie van banen en de vrijblijvende toeleiding van kandidaten.De belangrijkste aanbeveling die wij doen is om een onderscheid te maken tussen twee varianten van loonkostensubsidies. De eerste voor kandidaten die (bijna) voldoen aan de eisen van de werkgevers (smeerolievariant) en de tweede voor kandidaten die nog niet volledig productief zijn en waarbij intensieve begeleiding en scholing na plaatsing ingezet moeten worden (ontwikkelingsvariant).

Evaluatie PATS-regeling WSW

In opdracht van SBCM, het A&O-fonds van de Sociale Werkvoorziening, heeft Regioplan een evaluatie uitgevoerd van de subsidieregeling PATS. Op basis van deze regeling, die in 2006 is ingevoerd, konden SW-medewerkers individueel een scholingssubsidie van maximaal 500 euro aanvragen. Het doel van PATS was om de SW-medewerkers te stimuleren om hun arbeidsontwikkeling in eigen hand te nemen. In dit onderzoek wordt het verloop en het resultaat van de regeling beoordeeld en wordt advies gegeven voor een eventueel effectief vervolg op de regeling.