Werkveld: Gendergelijkheid, lhbtiq+ en emancipatie
Eén plek, meer veiligheid? Onderzoek naar de meerwaarde en haalbaarheid van een Filomena in Kennemerland
Steeds meer regio’s onderzoeken of het Filomena-concept kan bijdragen aan een effectievere aanpak van huiselijk geweld en gendergerelateerd geweld. De gemeente Haarlem wil weten welke meerwaarde een Filomena voor Kennemerland kan hebben, welke investering daarvoor nodig is en welke organisatievorm het beste aansluit bij de behoeften van de regio.
In opdracht van de gemeente Haarlem onderzoekt Regioplan of en in welke vorm het Filomena-concept kan bijdragen aan een sterkere aanpak van huiselijk geweld, gendergerelateerd geweld en kindermishandeling in de regio Kennemerland. Filomena is een integrale aanpak waarbij slachtoffers op één locatie toegang krijgen tot specialistische hulp, forensisch onderzoek, strafrechtpartners en opvang, zodat zij niet zelf langs verschillende organisaties hoeven.
Het onderzoek brengt de maatschappelijke meerwaarde, kosten, baten, risico’s en randvoorwaarden van een Filomena in Kennemerland in kaart. Daarbij worden niet alleen de bestaande Filomena-aanpak, maar worden ook alternatieve organisatievormen onderzocht die dezelfde kernprincipes behouden. De resultaten moeten de gemeente en betrokken partners helpen een goed onderbouwde keuze te maken over de haalbaarheid, inrichting en eventuele realisatie van een Filomena in de regio.
Simon Bakker MSc MA
Als beleidsonderzoeker houd ik mij vooral bezig met kwalitatief onderzoek, omdat ik graag diep de praktijk induik en luister naar de mensen die het vraagstuk zelf ervaren. Zo krijg ik scherp wat er werkelijk speelt. Die inzichten verbind ik met elkaar en vertaal ik naar bruikbare oplossingen waarmee opdrachtgevers direct aan de slag kunnen.
Met een achtergrond in sociale & culturele psychologie en de journalistiek breng ik zowel analytische scherpte als oog voor het verhaal van mensen mee. Bij Regioplan werk ik onder meer aan onderzoeken op het gebied van kansengelijkheid, jeugd en gender.
Jaimy Jozefzoon MSc
Bij Regioplan werk ik met enthousiasme aan maatschappelijke vraagstukken rondom inclusie, migratie, participatie en kansengelijkheid. Met mijn achtergrond in toegepaste, sociale en culturele psychologie breng ik kennis mee over hoe gedrag, sociale context en systemen samenhangen.
Als onderzoeker vind ik het belangrijk dat beleid goed onderbouwd is en aansluit bij de leefwereld van de mensen om wie het gaat. Daarbij draag ik graag bij aan analyses die leiden tot heldere, toepasbare aanbevelingen.
dr. Roos van der Zwan
In mijn werk richt ik me op vraagstukken rondom ongelijkheid in de samenleving, zoals genderongelijkheid in de verdeling van werk en zorg, de positie van mensen met een beperking en van statushouders. De laatste jaren heb ik vooral onderzoek gedaan naar ongelijkheid op de arbeidsmarkt, maar ik ben ook graag bezig met de thema’s migratie en integratie. Hierbij gebruik ik het liefst een combinatie van kwantitatieve en kwalitatieve onderzoeksmethoden. Ik heb gemerkt dat die combinatie vaak helpt om een onderzoeksvraag goed te kunnen beantwoorden. Ik vind het daarbij belangrijk om ook het perspectief mee te nemen van de mensen waar het over gaat.
Risico’s op fataal geweld: goed kijken en echt zien!
Hoe kunnen risico’s op fataal relationeel geweld, waaronder femicide, op tijd worden gezien en juist worden getaxeerd? Dit onderzoek laat zien dat het niet eenvoudig is om vast te stellen welke veiligheidsbeoordelings- en risicotaxatie-instrumenten wanneer en op welke manier moeten worden ingezet. Zowel het instrumentarium als de samenwerking tussen betrokken partijen vraagt om verbetering.
Fataal geweld in relaties (waaronder femicide) op tijd signaleren vormt voor betrokken instanties een grote uitdaging. Risico’s op fataal geweld worden zichtbaar in patronen, terwijl instanties vaak alleen losse signalen zien. In dit onderzoek zijn we nagegaan of het bestaande instrumentarium geschikt is om deze risico’s goed te vangen en in te schalen. Dat blijkt niet het geval: zowel het instrumentarium zelf is hier onvoldoende op toegerust, als de samenwerking tussen instanties waarin signalen bij elkaar moeten komen om de patronen te kunnen zien.
We analyseerden de meest gebruikte instrumenten voor veiligheidsbeoordeling en risicotaxatie en betrokken daarin de kernpartners van de aanpak in Europees en Caribisch Nederland: Veilig Thuis/Advies- en Meldpunt Huiselijk geweld en Kindermishandeling, politie, openbaar ministerie, reclassering, GGZ, vrouwenopvang, Raad voor de Kindermishandeling. We spraken deze partijen over het gebruik van de instrumenten en over de gewenste samenwerking om tot goede veiligheidsbeoordeling en risicotaxatie te komen.
Daaruit tekende zich een duidelijk beeld van de gewenste werkwijze af:
- In de fase waarin wordt gehandeld op een signaal/melding/incident is een snelle weging op basis van zo veel mogelijk, maar relatief oppervlakkige informatie nodig. Het bestaande Risicotaxatie-instrument Huiselijk Geweld (RiHG) kan, mits doorontwikkeld, daarvoor gebruikt worden. Aansluiting bij de ontwikkeling van de Regionale Geïntegreerde Crisisinterventie onder Veiligheid Voorop is wenselijk.
- In de fase van vertragen en verdiepen, wanneer het slachtoffer veilig is maar er wel sprake is van structurele onveiligheid, is meer gelegenheid tot het verkrijgen van een diepgaander en volledig beeld van de situatie. We bevelen aan om daarvoor te gaan werken met de (doorontwikkelde) GIA Risicoscreening en om Veilig Thuis hier een stevige regierol in te geven.
Voor een betere veiligheidsbeoordeling en risicotaxatie voor fataal geweld is betere samenwerking cruciaal. Alleen dan zal een passend instrumentarium effectief kunnen zijn.
Effecten kortere partneralimentatie nog niet meetbaar, maar hardheidsclausule beschermt mogelijk onvoldoende
Sinds 2020 duurt de partneralimentatie in principe nog maximaal 5 jaar, in plaats van 12 jaar. Dit is gewijzigd met de Wet herziening partneralimentatie. Wat het effect is van deze wet, is nu nog niet te zien, blijkt uit de tussenevaluatie. We zien wel dat de zogenoemde hardheidsclausule voor schrijnende gevallen mogelijk onvoldoende bescherming biedt.
De wetgever wil met de Wet herziening partneralimentatie ontvangers van alimentatie stimuleren om sneller te gaan werken en financieel onafhankelijk te worden. En degenen die de alimentatie moeten betalen, kunnen eerder een nieuw leven opbouwen als zij minder lang financiële verplichtingen hebben. Als derde punt zou de herziening ervoor kunnen zorgen dat echtscheidingsprocedures makkelijker worden door eerlijkere alimentatieregelingen.
De wet bevat ook uitzonderingssituaties, bijvoorbeeld als bij een lang huwelijk de ontvanger kort voor de pensioengerechtigde leeftijd is of in de situatie dat de kinderen nog jonger dan 12 jaar zijn. Dan is een langere alimentatieperiode mogelijk. Er is bovendien een hardheidsclausule die kan worden ingezet bij ‘schrijnende situaties’ voor de alimentatiegerechtigde.
Evaluatie te vroeg
Bij de invoering van wet is afgesproken dat die in 2027 wordt geëvalueerd. Deze tussenevaluatie is daarvoor een voorbereiding. Onderzoeksbureau Regioplan voerde die uit in opdracht van het WODC. We voerden een nulmeting (in retroperspectief) uit en onderzochten de voorlopige effecten van de wet. De gehoopte effecten van de wet zijn op de meeste punten nog niet waarneembaar. Sinds de invoering van de wet in 2020 is er namelijk nog geen gehele alimentatieperiode geweest om te onderzoeken.
Stijging al ingezet
Op dit moment stijgt weliswaar de arbeidsparticipatie en financiële onafhankelijkheid van vrouwen die recht hebben op partneralimentatie, maar dat was al ingezet vóór de invoering van de wet. Hierin zit overigens wel een verschil tussen praktisch en theoretisch opgeleiden. Bij die eerste groep duurt het langer voordat zij financieel onafhankelijk zijn na een scheiding. Ook op andere punten is weinig verandering te zien sinds de invoering van wet, zoals het aantal hoger beroepszaken. Dat daalt wel, maar ook die trend is al eerder ingezet.
Hardheidsclausule
We zien wél dat de hardheidsclausule aandacht vraagt. Daarop werd nog beperkt aanspraak op gemaakt: 8 keer. Dit doordat de wet nog relatief kort van kracht is. Het ging om verzoeken om verlenging van de alimentatie vanwege ziekte of beperkte bestaanszekerheid van de ontvanger. De rechter wees die aanspraken allemaal af. Dat zou erop kunnen wijzen dat rechters de hardheidsclausule te strikt toepassen, tegen de bedoeling van de wetgever in. We adviseren om dit bij de eindevaluatie goed onder de loep te nemen.
Lees het rapport, de managementsamenvatting of bekijk de infographic hier.
Tussenevaluatie Wet herziening partneralimentatie

Sinds 2020 duurt de partneralimentatie in principe nog maximaal 5 jaar, in plaats van 12 jaar. Dit is gewijzigd met de Wet herziening partneralimentatie. We reconstrueerden de beleidslogica, stelden indicatoren op, voerden een nulmeting uit en we deden een tussenevaluatie.
24103-Eindrapport-Wet Herziening Partneralimentatie-18sept25
24103-Managementsamenvatting-Wet Herziening Partneralimentatie-18sept25
24103-EN-Managementsamenvatting-Wet Herziening Partneralimentatie-18sept2025
24103-Infographic-Wet Herziening Partneralimentatie-18sept25
Actieonderzoek deskundigheidsbevordering gendergerelateerd geweld
In opdracht van ministerie van VWS en JenV voeren Regioplan en Avans Hogeschool een actieonderzoek uit naar deskundigheidsbevordering op het gebied van gendergerelateerd geweld bij verschillende organisaties in de zorgsector en strafketen.
Gendergerelateerd geweld is een noodzakelijk en urgent onderwerp waar verschillende organisaties in de zorgsector en strafketen een belangrijke rol in hebben. Deskundigheidsbevordering is cruciaal voor een effectieve preventie, signalering en aanpak van gendergerelateerd geweld. Daarbij gaat het om het verankeren van de bestaande definitie en het ontwikkelen van eenduidige taal en instrumenten voor de praktijk, maar ook op het vergroten van bewustzijn van genderrollen, controlepatronen en machtsdynamiek.
In opdracht van ministeries van VWS en JenV voeren Regioplan en Avans Hogeschool een actieonderzoek uit. Ze werken daarin nauw samen met een klankbordgroep van vertegenwoordigers van deze organisaties toe naar een gezamenlijk plan van aanpak voor deskundigheidsbevordering op het onderwerp van gendergerelateerd geweld. Om te komen tot zo’n gezamenlijk plan van aanpak, bestaat het onderzoek uit de volgende fases:
- Fase 0: Voorbereiding.
- Fase 1: Inventariseren van de huidige situatie, zoals het huidige aanbod van deskundigheidsbevordering. Dat doen we door deskresearch uit te voeren en een uitvraag te doen bij de klankbordgroep. Verder werken we toe naar een gezamenlijke definitie en begrip van gendergerelateerd en afbakening met de klankbordgroep. Ook zetten we een enquete uit om inzicht te krijgen in hoe het huidige aanbod wordt gebruikt.
- Fase 2: Behoeften in beeld brengen. We inventariseren de behoeften aan deskundigheidsbevordering bij deelnemers van de klankbordgroep, maar ook breder bij belangrijke bestaande samenwerkingsverbanden tussen de belangrijkste belanghebbenden. Dat doen we op een manier die op zichzelf al zo leerzaam mogelijk is voor de betrokkenen.
- Fase 3: Verbinden en verankeren van deskundigheidsbevordering. In co-creatieve sessies met de klankbordgroep werken we iteratief toe naar een gezamenlijk plan van aanpak voor deskundigheidsbevordering.
In elk van de fases werken we het projectplan uit met de klankbordgroep, en stellen die waar nodig bij op basis van tussentijdse inzichten en lessen. Dat proces leidt niet alleen tot een plan voor deskundigheidsbevordering, maar is in zichzelf ook al leerzaam, waarbij betrokkenen al gaandeweg een beter en meer gedeeld begrip krijgen van de thematiek en elkaars werkpraktijk.
Nieuw project: Actieonderzoek Deskundigheidsbevordering gendergerelateerd geweld
De campagne ‘Waar ben je?’ van het ministerie van Justitie en Veiligheid is Donderdag 25 september van start gegaan. Deze campagne maakt mensen bewust van de signalen van dwingende controle en roept hen op contact op te nemen met Veilig Thuis voor hulp en advies.
Het herkennen van signalen is essentieel om Geweld in Afhankelijkheidsrelaties aan te pakken. In het kader van de aanpak Geweld in Afhankelijkheidsrelaties willen organisaties uit de zorgsector, organisaties uit het strafdomein en de ministeries van VWS en JenV een eenduidige aanpak ontwikkelen om de deskundigheidsbevordering rond gendergerelateerd geweld structureel naar een hoger niveau te tillen.
In opdracht van ministeries VWS en JenV zijn Regioplan enn Avans Hogeschool gestart met een actieonderzoek naar de deskundigheidsbevordering met betrekking tot gendergerelateerd geweld. In dit actieonderzoek focussen we op deskundigheidsbevordering: het verankeren van de bestaande definitie en het ontwikkelen van eenduidige taal en instrumenten voor de praktijk, maar ook op het vergroten van bewustzijn van genderrollen, controlepatronen en machtsdynamiek. Deskundigheidsbevordering is essentieel voor effectieve preventie, signalering en samenwerking.
Sabi Belhaj-Haddou MA
Mijn nieuwsgierigheid naar de manier waarop historische en maatschappelijke processen elkaar beïnvloeden, drijft me om de complexiteit van deze thema’s te onderzoeken. Door kwalitatieve en kwantitatieve methoden te combineren, probeer ik maatschappelijke vraagstukken te doorgronden en beleidsadvies te ontwikkelen dat de positie van kwetsbare groepen versterkt. Het is dan ook mijn doel is om met gedegen onderzoek bij te dragen aan een inclusievere en rechtvaardigere samenleving. Bij Regioplan houd ik me bezig met het onderzoeken van vraagstukken die betrekking hebben op integratie, migratie, gender en diversiteit.