Werkveld: Jeugd
Aanpak jeugdwerkloosheid voor kwetsbare schoolverlaters
Om kwetsbare schoolverlaters een duwtje in de rug te geven richting werk, worden zij extra ondersteund door hun scholen en gemeenten. Wij onderzoeken hoe deze ondersteuning in de praktijk vorm krijgt en welke lessen we hieruit kunnen trekken.
Kwetsbare schoolverlaters aan het werk
Jongeren worden in coronatijden hard geraakt door het plotselinge verlies in werkgelegenheid in bepaalde sectoren. Als onderdeel van het sociaal pakket heeft het kabinet specifieke middelen vrijgemaakt om schoolverlaters met een grotere kans op werkloosheid naar werk of (vervolg)onderwijs te begeleiden. Deze middelen gaan naar scholen (voortgezet speciaal onderwijs, praktijkonderwijs en mbo’s) en gemeenten (afdeling W&I en RMC). Aan hen de taak om samen te werken om kwetsbare schoolverlaters te ondersteunen. Hiertoe ontplooien zijn activiteiten in drie fases: tijdens school, van school en nazorg.

De praktijk in kaart brengen
Het ministerie van SZW wil via een praktijkgericht onderzoek graag inzicht in de ervaringen met de maatregelen van de aanpak jeugdwerkloosheid in de praktijk. Hoe werken de betrokkenen professionals vanuit de scholen en gemeenten op uitvoeringsniveau samen om de jongeren te helpen in de overgang van school naar werk? En welke interventies zetten zij hierbij in, en wat zijn daarmee hun ervaringen? De uitkomsten van het onderzoek worden gebruikt voor toekomstige beleidsontwikkeling en voor de verantwoording richting de Tweede Kamer.
Tussentijdse inzichten
Ons onderzoek bestaat uit een verkenningsfase en een verdiepingsfase. Begin 2022 hebben we de verkenningsfase uitgevoerd, bestaande uit een literatuurstudie naar praktijkvoorbeelden en interviews met regionale coördinatoren jeugdwerkloosheid. De inzichten hieruit zijn geland in een tussenrapportage.
Deze tussenrapportage laat zien dat de aanpak van jeugdwerkloosheid in de arbeidsmarktregio’s golfbewegingen kent, afhankelijk van wanneer hier rijksfinanciering voor beschikbaar is. Dit is onwenselijk voor het behoud van de regionale samenwerking en coördinatie van de aanpak. Verder zien we dat veel interventies erop gericht zijn om jongeren een doorgaande begeleiding te bieden tijdens de transitie van school naar werk, door de begeleiding vanuit de gemeente te vervroegen of juist vanuit de school door te laten lopen.
Dit is in lijn met aanbevelingen uit het IBO jongeren met een afstand tot de arbeidsmarkt, dat in 2019 verscheen. Wel signaleren veel regiocoördinatoren dat er nog te veel in ‘hokjes’ wordt gedacht, omdat bepaalde vormen van ondersteuning bijvoorbeeld alleen beschikbaar zijn voor jongeren zonder startkwalificatie of op Mbo Entree niveau. Ook jongeren die buiten deze ‘hokjes’ vallen, kunnen kwetsbaar zijn en aanvullende ondersteuning behoeven.
Vervolg: Verdieping in de praktijk
In de tweede helft van 2022 vindt de verdiepingsfase van het onderzoek plaats, waarin we een aantal casestudies uitvoeren in arbeidsmarktregio’s. Daarbij gaan we met de verschillende professionals uit de praktijk in gesprek over hun aanpak en samenwerking. Ook voeren we interviews met de jongeren zelf en gaan we activiteiten observeren. Naast een eindrapport ontwikkelen we een actiegericht product voor professionals, mede geholpen door een praktijkpanel met daarin diverse veldpartijen.
Kinderrechtenanalyse UNICEF Nederland
UNICEF is ’s werelds grootste kinderrechtenorganisatie en zet zich ook in Nederland in voor een betere toekomst van ieder kind. Voor UNICEF Nederland voeren wij de komende maanden een kinderrechtenanalyse uit.
UNICEF Nederland wil graag zicht op belangrijke strategische thema’s wat betreft ongelijkheid en kwetsbaarheden van kinderen en jongeren in Nederland. Wij voeren daarom in de periode januari – april 2022 een kinderrechtenanalyse uit, waarin we op basis van een documentstudie en interviews thema’s addreseren waar kinderrechten in Nederland in het geding zijn. De analyse moet ook leiden tot zicht op witte vlekken, knelpunten en kansen voor de inclusie en ontwikkeling van kinderen in Nederland.
Niek van Ansem MSc
In mijn dagelijks leven hield het mij al veel bezig hoe allerlei soorten problemen door de politiek worden aangepakt en wat daarin de verschillen zijn, tussen landen maar ook tussen gemeenten. In die brede interesse ligt mijn drijfveer voor beleidsonderzoek besloten. Dat komt tot uiting wanneer ik complexe beleidsthema’s en -vraagstukken toegankelijk in woorden moet vangen, zodat een diepgaand rapport tegelijkertijd lekker leest. Die vertaalslag vind ik een bijzonder leuke uitdaging in de vele creatieve fases die het onderzoeksproces kent. Een rode draad in mijn nieuwsgierigheid is daarbij de vraag hoe jeugdigen en gezinnen beter kunnen worden geholpen als er problemen spelen op meerdere leefgebieden.
Thuiszitters een zorg in Apeldoorn?
De afgelopen maanden hebben wij in opdracht van de Rekenkamercommissie van Apeldoorn onderzoek gedaan naar de aard en omvang van het schoolverzuim en het aantal thuiszitters in Apeldoorn. Het rapport, getiteld ‘Thuiszitters een zorg?’, geeft niet alleen inzicht in de aard en omvang van de problematiek van de afgelopen jaren, maar biedt ook een doorkijk naar de achterliggende redenen.
Definitiewijziging thuiszitters
Vanaf schooljaar 2016-2017 heeft het ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap de definitie voor thuiszitters bijgesteld naar leerlingen die vier opeenvolgende weken ongeoorloofd verzuimen. Voorheen werden onder de thuiszitters ook de leerlingen gerekend die langdurig geoorloofd verzuimden vanwege bijvoorbeeld medische gronden (langdurig zieke leerlingen). Na de definitiewijziging is het aantal thuiszitters in Apeldoorn dat door leerplicht is geregistreerd sterk gedaald ten opzichte van de periode voor de definitiewijziging.
Deze daling rijmt niet met de algemene beleving van gemeenteraadsleden en ouders in Apeldoorn die geen daling maar juist een stijging menen te zien in het aantal jeugdigen dat thuiszit binnen de gemeente. De gemeenteraadsleden en ouders hebben daarom zorgen geuit over een groep leerlingen die mogelijk niet meer in beeld is als gevolg van de definitiewijziging. Onder meer door dit gebrek aan inzicht in de volledige omvang van het aantal thuiszitters was er behoefte aan onderzoek dat zou nagaan wat het aantal thuiszitters de afgelopen jaren is geweest en wat de achterliggende oorzaken ervan zijn.
Algemeen beeld
In het onderzoek hebben we allereerst de algemene stand van zaken geschetst voor wat betreft het beleid, de uitvoering en de ervaringen van stakeholders omtrent schoolverzuim en thuiszitters. De huidige cijfers laten zien dat de verzuim- en thuiszittersaantallen van Apeldoorn onder het landelijk gemiddelde liggen. De daling in het aantal thuiszitters wordt echter met name verklaard door de definitiewijziging van het begrip. De officiële leerplichttellingen geven geen volledig beeld van het aantal jeugdigen dat daadwerkelijk thuiszit. Daarnaast lijkt de gemeente nog onvoldoende inzicht en grip te hebben op leerlingen die zorgwekkend verzuimen (bijvoorbeeld leerlingen met frequent ziekteverzuim), onder meer door beperkingen in wet- en regelgeving om in te grijpen bij dit type verzuim.
Daarnaast worden de schotten in de geldstromen tussen onderwijs en zorg worden (nog steeds) als erg hoog ervaren. De betrokken professionals hebben behoefte aan betere afspraken over casusregie en terugkoppeling en meer flexibiliteit en maatwerkoplossingen in de aanpak van de thuiszittersproblematiek. De gesproken ouders van thuiszittende leerlingen geven aan zich onvoldoende gehoord te voelen door de school en zorgverleners. Kern is dat ouders en kinderen met name een persoonlijk en open gesprek hebben gemist met de school en zorgverleners.
Aanbevelingen Rekenkamercommissie
Aan het college hebben wij aanbevolen om alle thuiszitters (ook die met een geoorloofde reden thuiszitten) te rapporteren in de jaarlijkse leerplichtverslagen en om het beleid omtrent geoorloofd verzuim meer in lijn te brengen met de preventieve verzuimaanpak. Dit kan door de (al ingevoerde) M@ZL-methodiek (Medische Advisering van Ziekgemelde Leerling) op meer vo-scholen uit te rollen (M@ZL is een beproefde methodiek voor een integrale aanpak van zorgwekkend ziekteverzuim bij scholieren in het vo en mbo). Ook vragen we aandacht voor het evalueren van de vernieuwde regieafspraken, het creëren van een frictiebudget tussen onderwijs en zorg en het organiseren van jaarlijkse gesprekken tussen raadsleden en (ouders van) thuiszittende jeugdigen.
Reactie college en gemeenteraad
Het college geeft in zijn bestuurlijke reactie aan de conclusies van de Rekenkamercommissie te onderschrijven en de aanbevelingen voortvarend op te willen pakken. Het rapport ‘Thuiszitters een zorg?’ is inmiddels in de Politieke Markt van Apeldoorn (PMA) besproken met gemeenteraadsleden. Wethouder Nathan Stukker (portefeuillehouder Onderwijs) heeft toegezegd een jaarlijkse update van de voortgang op de aanbevelingen te geven bij het jaarverslag Leerplicht. Voor dit jaar zal rond juni via de raadsbrief de informatie worden verstrekt, en dan zal specifiek op het vraagstuk van het frictiebudget en het regievraagstuk worden ingegaan.
Meer informatie
De PMA en het gespreksverslag zijn via de gemeentelijke website terug te zien en lezen. Raadpleeg het volledige onderzoeksrapport voor meer informatie of neem contact op met onderzoeker Suna Duysak.
Bliksemtraject veranderlogica
Gemeenten en hun uitvoeringspartners zijn continu bezig de effectiviteit en efficiency van beleidsmaatregelen te optimaliseren. Is dat ook voor u herkenbaar? En heeft u daarbij behoefte aan handvatten om scherpe keuze te maken, het beleid te monitoren en hierover te kunnen rapporteren? Wij kunnen u helpen met een bliksemtraject veranderlogica om beleid effectiever en efficiënter op te zetten.
Een veranderlogica (Theory of Change) maakt zichtbaar hoe het beleid maatschappelijke impact nastreeft. In een bliksemtraject brengt u samen met uw partners systematisch in kaart wat de relatie is tussen de doelen van het beleid en de interventies die worden ingezet om die doelen te bereiken. Zo wordt expliciet gemaakt welke werkende mechanismen ertoe moeten leiden dat de interventies bijdragen aan het realiseren van de beoogde doelen. Werken met een uitgewerkte veranderlogica zorgt voor analytische scherpte om beleidskeuzes beter te identificeren en tegen elkaar af te wegen. Bijvoorbeeld als input voor een nieuwe beleidsperiode of bij het ontwerpen of aanscherpen van een aanpak.
Traject op Maat
U kunt zelf uw traject samenstellen uit vijf onderdelen. Wij denken natuurlijk graag mee in uw keuze voor een compacte werkwijze passend bij uw vraag en de lokale context. Ter afsluiting van het traject ontvangt u concrete producten die u in kan zetten om uw aanpak verder te versterken.
Klik op de afbeelding om het bliksemtraject te zien:
In de praktijk: Veilige Steden
Binnen het programma Veilige Steden hebben deelnemende steden een theory of change opgesteld. Hiermee hebben zij o.a. samen met de veldpartners een gezamenlijke visie op de problematiek helder gemaakt en prioriteiten voor de komende programmaperiode bepaald.
Wilt u meer weten over het aanbod? Neem gerust contact met ons op, we denken graag met u mee.
Onderzoek Platform Jongeren & Werk
Een betere wereld, waarin alle jongeren hun talenten kunnen ontwikkelen en vrije keuzes kunnen maken om onderwijs te volgen en te werken. Een Nederland waar jongeren werk kunnen vinden en aan het werk blijven, óók de meest kwetsbare jongeren. Dit is wat het Platform Jongeren & Werk wil bereiken, door professionals in het veld te versterken en verschillende betrokkenen met elkaar te verbinden. Het Platform Jongeren & Werk wordt gerund door Rebel en mede mogelijk gemaakt door de Goldschmeding Foundation.
Wij zijn als onafhankelijk onderzoekspartner aangesloten bij het Platform Jongeren & Werk. We bekijken de werking van de allianties die door het platform worden ondersteund en onderzoeken de impact van het platform. De verschillende publicaties die we op basis van ons onderzoek opstellen verschijnen op de website van het platform.
Meer informatie?
Voor meer informatie kunt u contact opnemen met Miranda.
Evaluatie Brede Regeling Combinatiefuncties
Via de Brede Regeling Combinatiefuncties (BRC) kunnen gemeenten met cofinanciering van het Rijk functionarissen (buursportcoaches en cultuurcoaches) inzetten die sport of cultuur verbinden met andere domeinen, zoals onderwijs, zorg of welzijn. Mede met deze regeling wil de rijksoverheid eraan bijdragen dat iedereen een leven lang met plezier kan sporten en bewegen en toegang heeft tot cultuur. Samen met Cebeon evalueerden we de inrichting en de werking van de regeling.
Het onderzoek naar de BRC moest inzicht geven in de relatie tussen enerzijds de bestuurlijke en financiële inrichting van de regeling en anderzijds de impact ervan. Ons onderzoek laat zien dat de afspraken tussen Rijk en gemeenten rond de BRC en de koppeling met andere landelijke akkoorden, waar de BRC-doelstellingen bij aansluiten, gemeenten stimuleren om er via lokale beleidsplannen invulling aan te geven. Ze maken gebruik van de ruimte om eigen keuzes te maken bij de inzet van de combinatiefunctionarissen, buursportcoaches en cultuurcoaches. De combinatie waarbinnen de betrokken overheden gezamenlijk doelen bepalen en de gemeenten beleidsvrijheid hebben over de inzet van een afgebakend budget, lijkt vooralsnog goed te werken. Voortzetten van de regeling vraagt echter wel om een mogelijk herformulering van aspecten ervan. Dit om ervoor te zorgen dat de regeling voldoende ruimte en garanties biedt voor de beleidsvrijheid van de gemeenten en voor het bereiken van de landelijke doelstellingen.
Meer informatie? Lees ons onderzoeksrapport of neem contact op met Kees en/of Miranda.
Leren in de educatie, lesgeven, begeleiden en faciliteren
Stichting Expertisecentrum Oefenen.nl en Uitgeverij Eenvoudig Communiceren presenteerden 9 september het boek ‘Leren in de educatie, lesgeven, begeleiden en faciliteren’. Het praktische boek is waardevol voor iedereen die werkt in het volwassenenonderwijs.
Het boek ‘Leren in de educatie, lesgeven, begeleiden en faciliteren’ is een boek met artikelen over volwassenen in de context van een leven lang ontwikkelen. Directeur Rashid Azimullah van Expertisecentrum Oefenen.nl overhandigde op 9 september het eerste exemplaar aan Jonne Groot, Projectleider actieprogramma Tel mee met Taal van het ministerie van OCW. Onze collega Yannick Bleeker schreef een artikel over het realistisch evalueren van cursussen in de volwasseneneducatie. In drie stappen legt hij uit hoe je met beperkte tijd en middelen de kwaliteit van cursussen kunt onderzoeken en verbeteren. Het boek is te bestellen op de website van de uitgeverij. De artikelen uit het boek zijn ook online beschikbaar via deze link.
Implementatietraject Impactmonitor huiselijk geweld en kindermishandeling is gestart
Hoe kan kennis uit de Impactmonitor huiselijk geweld en kindermishandeling ingezet worden voor een effectievere aanpak HGKM? Regioplan biedt zowel beleid als praktijk van gemeenten, regio’s en hun ketenpartners ondersteuning in het gebruik van de Impactmonitor.
De Impactmonitor Huiselijk Geweld en Kindermishandeling (verder: Impactmonitor) is een middel dat draagt aan het verbeteren van de aanpak van Huiselijk Geweld en Kindermishandeling (HGKM). Het benutten van de beschikbare kennis bij agendering, aansturing, inrichting en uitvoering van de aanpak van HGKM helpt bij het komen tot een effectievere aanpak.
Per 1 september zijn wij gestart met het ondersteunen van Geweld hoort nergens Thuis-regio’s bij het werken met de Impactmonitor. Dit doen wij in opdracht van VWS, het programmateam GHNT en de VNG. Hierbij worden zowel beleid als praktijk van gemeenten, regio’s en hun ketenpartners betrokken in het gezamenlijk benutten van de impactmonitor. De ondersteuning is gericht op zowel kennisverspreiding over bestaan en inhoud van de Impactmonitor als het praktische gebruik (hoe vind ik welke cijfers?). Ook bieden wij ondersteuning bij de inzet van de cijfers voor ontwikkeling en evaluatie van beleid en voor het sturen op de uitvoering van de aanpak. Daarbij wordt ook informatie opgehaald om de monitor verder te ontwikkelen, waarbij wordt aangesloten bij lokale, regionale en andere actuele ontwikkelingen.
Gebruiken van de Impactmonitor Huiselijk Geweld en Kindermishandeling
Hoe kan kennis uit de Impactmonitor Huiselijk Geweld en Kindermishandeling ingezet worden voor een effectievere aanpak HGKM? Regioplan ontwikkelde een aantal instrumenten die gemeenten, regio’s en hun ketenpartners daarbij helpen.
De Impactmonitor Huiselijk Geweld en Kindermishandeling (verder: Impactmonitor) ontsluit data die gebruikt kunnen worden bij de agendering, aansturing, inrichting en uitvoering van de aanpak van Huiselijk Geweld en Kindermishandeling (HGKM) en beoogt zo bij te dragen aan de verbetering van de effectiviteit van die aanpak.
Regioplan ondersteunde in het najaar van 2021 en het voorjaar van 2022 regio’s bij het werken met de Impactmonitor. Daarbij werden beleid en uitvoeringspraktijk van gemeenten, regio’s en hun ketenpartners betrokken. De ondersteuning was gericht op zowel kennisverspreiding over het bestaan en de inhoud van de Impactmonitor als op het praktische gebruik ervan (hoe vind ik welke cijfers?). Ook bood Regioplan ondersteuning bij de inzet van de cijfers voor ontwikkeling en evaluatie van beleid en voor het sturen op de uitvoering van de aanpak. Daarbij werd ook informatie opgehaald om de monitor verder te ontwikkelen.
Het project heeft geresulteerd in een rapportage waarin inzichten voor verbetering van het gebruik van de Impactmonitor gebundeld zijn, en die ook een advies bevat voor de verdere ontwikkeling van de Impactmonitor. Ook zijn verschillende instrumenten ontwikkeld om het gebruik te ondersteunen en daarmee het kennisgestuurd werken in regio’s te versterken.
