Werkveld: Ouderen
Evaluatie aanpak valpreventie Gemeente Den Haag
Valongevallen vormen een belangrijk probleem onder senioren. Valongevallen kunnen leiden tot letsel bij ouderen en kunnen daarnaast zorgen voor angst om opnieuw te vallen. Hierdoor kan de zelfredzaamheid van senioren aanzienlijk afnemen, bepaalde activiteiten kunnen of durven zij niet meer alleen te ondernemen. Hierdoor moeten zij vaker een beroep doen op (mantel)zorg of is er sneller een opname in een verpleeg- of verzorgingstehuis nodig. De verwachting is dat, ook in Den Haag, het aantal inwoners met een verhoogd valrisico op blijft lopen.
Aanpak valpreventie ‘Den Haag blijft staan’
De gemeente Den Haag maakt voor de valpreventie-aanpak gebruik van de aanpak ‘Den Haag blijft staan’ van Sportief Plus. Met deze aanpak wordt beoogd meer bewustwording, meer zelfvertrouwen en minder beweegangst te creëren. Het doel van de valpreventietraining is dat senioren uiteindelijk minder zullen vallen waardoor de zorgkosten lager zijn en ze langer thuis kunnen wonen met een hogere kwaliteit van leven. De training richt zich daarom op het stimuleren van duurzaam ander gedrag in een veiligere omgeving.
Onderzoek
Het doel van dit onderzoek is om na te gaan of, maar vervolgens met name ook op welke manier, de aanpak ‘Den Haag blijft staan’ werkt. Om dit te onderzoeken zijn er allereerste relevante gemeentelijke beleidsstukken bestudeerd en is er een werksessie gehouden met de betrokken beleidsmedewerkers en medewerkers van Sportief Plus om de beoogde werking van de aanpak in kaart te brengen. Om na te gaan of dit in de praktijk ook zo werkt zijn (telefonische) interviews met deelnemers van de trainingen gehouden, heeft een groepsgesprek met stakeholders plaatsgevonden, zijn onderzoekers aanwezig geweest bij een aantal trainingen, is er een vragenlijst onder zowel de trainers als de deelnemers gehouden. Om de effecten op de langere termijn inzichtelijk te maken zijn deelnemers een jaar na deelname nogmaals (telefonisch) geïnterviewd.
Resultaten
Op basis van de resultaten van het onderzoek kan worden gesteld dat de training effectief is:
• over het algemeen scoren de deelnemers aan het eind van de training beter op de balans oefeningen dan aan het begin van de training;
• Na een jaar geeft 69 procent van de respondenten aan in de afgelopen twaalf maanden niet te zijn gevallen; degenen die wel zijn gevallen zeggen dat dit niet meer is dan voorheen;
• De valpreventie heeft daarnaast de zelfverzekerdheid van deelnemers bij het bewegen aanzienlijk vergroot;
• Inhoudelijk wordt de training door deelnemers hoog gewaardeerd op laagdrempeligheid, door de mate waarin de oefeningen aansluiten op hun individuele niveau.
Meer weten?
Neem dan contact op met Coco Bastiaansen of lees hier het eindrapport!
Daar waar er een wil tot regie is, is er een weg!
Landelijke hervormingen zoals beoogd met het Toekomstscenario Kind- en gezinsbescherming
en de Hervormingsagenda Jeugd gaan de komende jaren veel vragen van gemeenten.
Gemeenten krijgen een grotere rol in het organiseren én bieden van passende hulp aan hun
inwoners, waaronder jeugdigen en gezinnen. Concreet houdt dit in dat de lokale teams van
gemeenten meer verantwoordelijkheden krijgen, en zowel basale hulpvragen als hulpvragen die
meer specialisme vereisen moeten kunnen oppakken. Complexe casuïstiek is een voorbeeld van casuïstiek die meer specialisme vereist. Regie op complexe casuïstiek helpt om effectieve hulpverlening van de grond te krijgen: dat is een belangrijk inzicht uit onze onderzoeken en uit de Online Kenniskamer die wij organiseerden voor gemeenten, waarover we dit artikel schreven!
Belang van regie op complexe casuïstiek
Bij complexe casuïstiek spelen er bij inwoners tegelijkertijd problemen op meerdere leefgebieden, zoals financiële problemen, opvoedproblematiek en psychische problematiek. Deze problemen houden doorgaans verband met elkaar. De hulpverlening is dan gebaat bij een integrale aanpak vanuit een systeemgerichte blik, die is gebaseerd op een diepgaande analyse van de problematiek. Wat we in de praktijk echter veel in complexe casussen zien gebeuren, is dat deze wijze van hulpverlening niet goed tot stand komt. Er zijn dan meerdere hulpverlenende partijen aangehaakt die allemaal actief zijn op hun eigen stukje expertise, zonder dat er (voldoende) verbinding tussen hulpverleningstrajecten wordt gelegd. Dat maakt de hulpverlening ineffectief en leidt tot veel frustraties bij zowel cliënten als hulpverleners.
Complexe casuïstiek vraagt om een stevige vorm van regie door capabele regisseurs die
weliswaar zelf slechts beperkt hulp bieden, maar die wel over hulpverleningsvaardigheden
moeten beschikken om te komen tot een effectieve aanpak. Het is aan gemeenten om deze
vorm van regie in te richten, vanuit de wettelijke verantwoordelijkheden die zij hebben op het
gebied van zorg en ondersteuning. Het inrichten van stevige regie op complexe casuïstiek kan
onderdeel zijn van een algehele herziening van het lokaal veld. Dat is iets waar actuele
ontwikkelingen momenteel om vragen, ontwikkelingen die door de VNG zijn vervat in het
Richtinggevend Kader Toegang, lokale teams en integrale dienstverlening.
Stevige regie betekent dat er iemand is – de regisseur – die vanuit een diepgaande analyse het
voortouw neemt om te komen tot integrale en systeemgerichte hulp en de verbindingen legt die
nodig zijn om tot duurzame oplossingen te komen. Stevige regie houdt in dat een regisseur het
centrale aanspreekpunt wordt voor álle betrokkenen in een casus – cliënt(en) en hulpverleners –
en de hulp coördineert vanuit een alomvattende probleemanalyse, die sámen met cliënten tot
stand is gekomen. Hulpverlening vindt dan in samenhang plaats, zorgt ervoor dat problemen in
de kern worden aangepakt en dat iedereen daar zijn verantwoordelijkheid in neemt.
Lessen uit de Online Regioplan Kenniskamer over ‘Regie op complexe casuïstiek’
In verschillende van onze onderzoeken brachten wij de werkzame elementen van regie in kaart.
Om deze kennis te delen, organiseerden we in mei 2024 een Online Kenniskamer voor
gemeenten, waarin we het met hen hadden over de mogelijkheden, succesverhalen én
knelpunten rondom regie op complexe casuïstiek. Want hoewel regie een effectief middel kan
zijn om in dit soort casuïstiek verder te komen, is het effectief inrichten ervan makkelijker gezegd
dan gedaan. Dit effectief inrichten vraagt namelijk allereerst een zeker geloof in het effect dat
met regie kan worden bereikt. Te vaak horen we echter in onze onderzoeken terug dat ‘de
mogelijkheden in het vrijwillig kader nu eenmaal beperkt zijn’. Dergelijke opvattingen zorgen
ervoor dat regie geen echte kans krijgt. Om die kansen te creëren is het cruciaal dat gemeenten zelf de regie nemen over de implementatie van regie op complexe casuïstiek. Wil je meer weten over lessen uit ons onderzoek over hoe je als gemeente regie effectief kunt implementeren? Lees dan ons artikel over de opbrengsten uit de Online Kenniskamer!
Meer weten over ons onderzoek op dit thema? Neem dan contact op met Katrien de Vaan!
Opbrengsten van de Expertpool Ouderenmishandeling
Vandaag (15 juni) is de Internationale Dag tegen Ouderenmishandeling. Wereldwijd wordt er vandaag aandacht gevraagd voor geweld tegen ouderen, zoals lichamelijk geweld, emotionele mishandeling of financieel misbruik. Het effectief tegengaan van ouderenmishandeling is een vraagstuk waar veel Nederlandse gemeenten nog mee worstelen. Regioplan beheert en coördineert daarom sinds begin vorig jaar een Expertpool Ouderenmishandeling, die gemeenten kan ondersteunen bij vraagstukken rondom het ontwikkelen van een eigen lokale aanpak op dit thema.
Bijeenkomst Expertpool Ouderenmishandeling
Op maandag 12 juni organiseerde Regioplan een bijeenkomst die in het teken stond van de resultaten die het afgelopen anderhalf jaar met ondersteuning van de Expertpool zijn bereikt. Naast de 24 gemeenten die gebruik hebben gemaakt van de Expertpool waren daarbij ook afgevaardigden vanuit andere gemeenten welkom. In vier presentaties kwamen experts en gemeenten aan het woord om toe te lichten wat ze de afgelopen maanden samen hebben bereikt.
Samen bouwen aan een visie op een lokale aanpak van ouderenmishandeling
Bij het tot stand brengen van een gedegen gemeentelijke aanpak van ouderenmishandeling is het allereerst belangrijk om als gemeente draagvlak te creëren bij de organisaties waar je mee samenwerkt, zoals thuiszorgorganisaties en Veilig Thuis. De ervaring leert daarbij dat het kan helpen om met een beperkt aantal gemotiveerde partners te beginnen aan de hand van een specifiek thema, en vervolgens daarop verder te bouwen aan een meer alomvattende aanpak van ouderenmishandeling. Zo kwam in de presentaties een gemeente aan het woord die gestart was met het ontwikkelen van een aanpak aan de hand van het thema ‘ontspoorde mantelzorg’, en hield een andere gemeente zich bezig met het opzetten van een Lokale Alliantie tegen financieel misbruik. Daardoor ging bij deze gemeenten het thema van ouderenmishandeling voor de betrokken partners meer leven, wat weer een goede basis schept voor verdere samenwerking.
Bewustwordingscampagnes en deskundigheidsbevordering
Dat het draagvlak voor een lokale aanpak van ouderenmishandeling geen vanzelfsprekendheid is, komt onder andere doordat ouderenmishandeling lang niet altijd een zichtbaar fenomeen is. Het gaat veelal nog om ‘verborgen leed’. Dit was ook het uitgangspunt van een bewustwordingscampagne die is ontwikkeld door een van de aanwezige G4-gemeenten. Deze campagne had als doel om professionals én burgers bewuster te maken van de vele verschillende vormen van ouderenmishandeling en hoe die zich kunnen openbaren. Het herkennen van de signalen van ouderenmishandeling stond ook centraal in de training die in een van de presenterende gemeenten aan zorgprofessionals werd aangeboden. Om zorgen over (mogelijke) ouderenmishandeling scherper te krijgen en daar goed naar te kunnen handelen, is het in alle gevallen belangrijk hierover al bij de eerste signalen in gesprek te gaan – zowel als slachtoffer, professional en als bezorgde burger.
Reacties van gemeenten
Ook gemeenten die zelf nog niet bezig zijn met een lokale aanpak ouderenmishandeling gaven na de bijeenkomst aan veel inspiratie uit de presentaties te halen. Zo waren verschillende gemeenten geïnteresseerd in de mogelijkheid om zelf een bewustwordingscampagne op te zetten. Daarnaast stimuleerden de voorbeelden in de presentaties gemeenten om het tegengaan van ouderenmishandeling effectiever op de agenda te zetten.
Verder lezen over ouderenmishandeling?
Neem dan eens een kijkje in:
• het lokaal plan van aanpak Roosendaal.
• de risicoprofielen voor slachtoffers van ouderenmishandeling.
• het Actieplan Ontspoorde Mantelzorg.
• het onderzoek Lokale Allianties.
Bekijk ook het verslag van de slotconferentie Expertpool Ouderenmishandeling.
Ouderen in Delft
Voor de Delftse Rekenkamer (DRK) deden we onderzoek naar het ouderenbeleid in de gemeente Delft. Centrale vragen waren: welk beleid wordt er gevoerd, hoe ervaren de ouderen het beleid en wat zou er verbeterd kunnen worden aan dit beleid? In Delft is geen sprake van integraal specifiek ouderenbeleid; de gemeente voert geen specifiek doelgroepenbeleid uit, maar beschouwt ouderen als één van de doelgroepen voor relevant generiek beleid. De vraag is of de ouderen voldoende ondersteund worden vanuit de gemeente Delft (en haar partners) op de verschillende levensdomeinen waarop gemeentelijke ondersteuning relevant en aan de orde is, of zou moeten zijn.
Op vijf leefdomeinen brachten we enerzijds in kaart welke ondersteuningsbehoeften ouderen hebben en anderzijds welke ondersteuning geboden wordt en welke interventies bestaan op die leefdomeinen. Vervolgens zijn die twee beelden naast elkaar gezet waardoor met een verschilanalyse de raakvlakken en discrepanties inzichtelijk werden. Naast beleidsmedewerkers zijn ook ouderen actief betrokken in dit onderzoek door de inzet van een ouderenpanel.
Het onderzoek bestond uit vijf activiteiten:
- In de leefwereldanalyse is een schets gemaakt van de leefwereld van de ouderen in Delft en hun behoeften aan ondersteuning op de diverse leefdomeinen. Dat is gedaan door de Omnibusenquête en andere relevante cijfers/ documenten te analyseren, interviews af te nemen bij negen uitvoerende partnerorganisaties en in gesprek te gaan met een ouderenpanel, waarin acht ouderen zaten met kennis van zaken over de positie van ouderen in Delft.
- In de beleidsanalyse is het huidige beleid, de uitvoering en de resultaten beschreven door een analyse van beleidsdocumenten en door interviews met vijf beleidsmedewerkers en twee wethouders.
- In de verschilanalyse is de leefwereld van de ouderen en hun behoefte aan ondersteuning ‘geconfronteerd’ met het gemeentebeleid.
- In een bijeenkomst met de raadscommissie Sociaal Domein en Wonen zijn de uitkomsten van de verschilanalyse gepresenteerd en is samen met de raadsleden gereflecteerd op het huidige beleid en zijn verbetermogelijkheden verkend. Hierbij waren elf raads- en of commissieleden aanwezig.
- En tot slot: verwerken wederhoor en opstellen eindrapport.
Benieuwd naar de resultaten?
Lees het rapport of neem voor meer informatie contact op met Katrien.
15 juni: Internationale Dag Tegen Ouderenmishandeling
Vandaag (15 juni) is het de Internationale Dag Tegen Ouderenmishandeling, een vraagstuk waarmee ook Regioplan zich regelmatig bezighoudt. Wereldwijd wordt er vandaag aandacht gevraagd voor geweld tegen ouderen, zoals lichamelijk geweld, emotionele mishandeling of financiële uitbuiting.
Als het om huiselijk geweld gaat, denken we vaak aan kindermishandeling en geweld in gezinnen. Daarbij lijkt het alsof we ouderen in kwetsbare situaties vergeten.
Dat blijkt ook regelmatig in de uitvoeringspraktijk, waar veel professionals het moeilijk vinden om het thema te bespreken met ouderen in hun omgeving. Ouderen zélf vrezen veelal het contact met dierbaren kwijt te raken, en tegelijkertijd worstelen gemeenten om hun visie op ouderenmishandeling te implementeren.
Expertpool Ouderenmishandeling
Het is noodzakelijk dat er meer focus op het thema komt. Regioplan houdt zich vaak bezig met het vraagstuk ouderenmishandeling. Zo hebben we verschillende onderzoeken gedaan rondom dit thema, ondersteunen we regelmatig gemeenten bij het maken van een plan van aanpak, en coördineren we momenteel ook de Expertpool Ouderenmishandeling. In dit project matchen we experts met gemeenten die ondersteuning willen om hun lokale aanpak van ouderenmishandeling verder vorm te geven.
De pool bestaat uit interne en externe experts. De eerste aanvraagronde is net gesloten, en inmiddels zijn we in gesprek met verschillende gemeentes over hun specifieke behoefte en welke expert hen daar het beste bij kan helpen.
Experts aan het woord
Vanuit Regioplan zijn Eline, Frank en Katrien onze experts op het thema. Zij vertellen graag wat belangrijk is als u in uw gemeente met dit thema aan de slag gaat.
Hoe groot is de problematiek van ouderenmishandeling in Nederland? En hoeveel hebben we hiervan in beeld? Hoe weet je als gemeente waar je je beleid op moet richten? Eline Verbeek licht toe:
“Prevalentieonderzoek wijst uit dat 1 op de 20 thuiswonende ouderen ooit slachtoffer wordt van een vorm van ouderenmishandeling. Per jaar zijn dat ongeveer 1 op de 50 en de verwachting is dat dit een onderschatting is.”
“De problematiek is lastig in beeld te krijgen. Verschillende onderzoeken hebben uitgewezen welke (voornaamste) risicofactoren gelden voor (een verhoogde kans op) slachtofferschap van ouderenmishandeling. Het gaat bijvoorbeeld om eenzaamheid, een verslechterde psychische gezondheid en financiële problemen.”
“Ook een gemeente kan zicht krijgen op deze risicofactoren in de lokale context. Er zijn verschillende bronnen – denk bijvoorbeeld aan cijfers van de GGD, maar ook input vanuit professionals uit het veld – waarmee gemeenten zicht kunnen krijgen op het al dan niet bestaan van deze risicofactoren. Wanneer het lukt deze risicofactoren te clusteren, is het ook mogelijk risicoprofielen vast te stellen. Hiervoor kijk je bijvoorbeeld naar welke risicofactoren vaak gelijktijdig spelen.”
“Mede op basis van de kennis uit deze risicoanalyse kies je vervolgens jouw prioriteiten en focus voor de aanpak. Het is raadzaam hiervoor samen op te trekken met professionals uit het veld: zij staan dicht bij de ouderen en kunnen waardevolle input leveren voor de lokale aanpak.”
Meer weten over hoe u een risicoanalyse uitvoert en hoe u deze aan uw aanpak koppelt? Eline helpt u graag verder!
Hoe geef je als gemeente vorm aan je rol op het thema ouderenmishandeling? Wat kan en moet je? Is er een koppeling te maken met het kwaliteitskader? Katrien de Vaan geeft aan:
“Ouderenmishandeling vraagt om een verbinding van diverse gemeentelijke domeinen: veiligheid, zorg en welzijn. Daarbinnen moet een gemeente partners betrekken die vaak niet of veel minder intensief betrokken zijn bij de reguliere aanpak van huiselijk geweld en kindermishandeling. Denk aan zorginstellingen, gemeentelijke Wmo-consulenten en mantelzorgondersteuners.”
“De rol van de gemeente in deze aanpak is vooral het voeren van regie: het geven van de juiste opdracht aan uitvoerende partijen, het leggen van verbindingen tussen ketenpartners, en het faciliteren van de aanpak door te investeren in capaciteit en deskundigheid. Regioplan helpt gemeenten bij het inrichten van deze rol: door beleidsvorming te ondersteunen, door inzicht te bieden in de verantwoordelijkheden die voortvloeien uit het Kwaliteitskader Werken aan veiligheid voor lokale (wijk)teams en gemeenten, en door middel van handreikingen zoals voor de aanpak van ontspoorde mantelzorg en de inzet van het huisverbod.”
“Momenteel faciliteren wij bovendien de landelijke Expertpool Ouderenmishandeling, waar gemeenten later dit jaar opnieuw een aanvraag voor in kunnen dienen.”
Hoe ondersteun je professionals bij signalering? Wat is daarin een eerste stap? Hoe maak je het bespreekbaar? Marleen Derks, trainer Huiselijk Geweld en lid van de expertpool, geeft aan:
“Veel meer ouderen dan vaak wordt gedacht hebben te maken met ouderenmishandeling. Ouderen zijn vaak kwetsbaarder en hebben een beperkter netwerk. Ook schaamte speelt een grote rol.”
“Dat vraagt voelsprieten van iedereen die met ouderen werkzaam is. Signalen vangen is niet zo simpel! Blauwe plekken zijn soms zichtbaar, maar financieel misbruik of verbaal geweld is een stuk lastiger te ‘vangen’. Wanneer bespreekt u dat die lege koelkast zorgen oproept? En hoe doet u dat? Het is belangrijk dat professionals worden opgeleid in het herkennen van de signalen en handelingsbekwaam worden in het bespreekbaar maken van zorgen.”
“Met ouderen praten over zorgen is een belangrijke stap. Dat vraagt een rustig moment om te praten en écht interesse te tonen in hoe het met iemand gaat. Een tip hierbij is het stellen van open vragen en zonder oordeel luisteren naar wat er wordt gezegd. Een training aan professionals is een belangrijke eerste stap in het voorkomen en aanpakken van ouderenmishandeling.”
Draait het allemaal om bewustwording als het gaat om ouderenmishandeling? En wat is dan de sleutel in goede communicatie? Arno Sellenraad en Margien Timmer van Leene Communicatie, lid van de expertpool, benadrukken:
”Natuurlijk is het belangrijk dat een steeds grotere groep mensen – en ook professionals – weten dat dit vaker plaatsvindt dan misschien gedacht, maar met bewustwording alleen zijn we er niet. Het is vooral belangrijk te vertellen wat de signalen zijn waar je op moet letten en wat je in zo’n situatie kunt doen. Dan kun je meteen een verschil maken.”
“De sleutel is om op een delicate, maar impactvolle manier de omgeving van de kwetsbare oudere te bereiken. Door vervolgens te sturen op hoe de omgeving kan handelen, maakt u de kans zo groot mogelijk dat dit de start is van een oplossing voor de kwetsbare oudere. Bijvoorbeeld via een eerste gesprek of door het betrekken van een professional.”
Schakel onze expertise in!
Het blijft belangrijk om oog te hebben voor ouderenmishandeling.
• Wilt u weten hoe uw gemeente zich kan inzetten tegen ouderenmishandeling en wat Regioplan u kan bieden? Spar dan vooral een keer met Katrien.
• Wilt u meer weten over de pool van experts die gemeenten ondersteunen bij hun lokale aanpak van ouderenmishandeling? Neem contact op met Katrien
Verder lezen over ouderenmishandeling?
Neem dan eens een kijkje in:
• het lokaal plan van aanpak Roosendaal.
• de risicoprofielen voor slachtoffers van ouderenmishandeling.
• het Actieplan Ontspoorde Mantelzorg.
• het onderzoek Lokale Allianties.
Onderzoek financiële kwetsbaarheid jonge senioren
Steeds meer ouderen tussen de 55 en 65 jaar bevinden zich in een financieel kwetsbare positie. Dat blijkt uit onderzoek dat we hebben gedaan in opdracht van de ouderenorganisaties KBO-PCOB, Koepel gepensioneerden, ANBO, FASv en NOOM.
Op dit moment heeft iets meer dan 10% (meer dan 147 duizend huishoudens) in de leeftijdsgroep tussen 55 en 65 jaar een laag inkomen (in 2019 € 1090 netto per maand voor een alleenstaande en € 1530 voor een paar zonder kinderen). De meeste (bijna 82 duizend) zitten al jaren in deze situatie. Het gaat bijvoorbeeld om mensen met schulden, een lage opleiding of een niet-westerse migratieachtergrond. Het aandeel lage inkomenshuishoudens onder 55-65-jarigen is in de periode 2015-2019 gestegen van 9,4% naar 10,3%. Verder blijkt dat bijna een kwart (ca. 24%) van de jonge senioren een uitkering heeft. Dat is fors te noemen. Deze cijfers zijn afkomstig uit onze analyse waarbij we gebruik hebben gemaakt van openbare bronnen en statistieken, waaronder gegevens van het CBS, UWV, CPB en het SCP. De seniorenorganisaties voor wie wij dit onderzoek hebben uitgevoerd maken zich zorgen over de weinig rooskleurige perspectieven van jonge senioren die jarenlang van een gering inkomen moeten rondkomen.
Meer informatie?
Lees het onderzoeksrapport, persbericht over ons onderzoek of het nieuwsartikel ‘Steeds meer 55-plussers koersen af op financiële nood’ dat naar aanleiding van het onderzoek verscheen in de Telegraaf.
Implementatietraject Impactmonitor huiselijk geweld en kindermishandeling is gestart
Hoe kan kennis uit de Impactmonitor huiselijk geweld en kindermishandeling ingezet worden voor een effectievere aanpak HGKM? Regioplan biedt zowel beleid als praktijk van gemeenten, regio’s en hun ketenpartners ondersteuning in het gebruik van de Impactmonitor.
De Impactmonitor Huiselijk Geweld en Kindermishandeling (verder: Impactmonitor) is een middel dat draagt aan het verbeteren van de aanpak van Huiselijk Geweld en Kindermishandeling (HGKM). Het benutten van de beschikbare kennis bij agendering, aansturing, inrichting en uitvoering van de aanpak van HGKM helpt bij het komen tot een effectievere aanpak.
Per 1 september zijn wij gestart met het ondersteunen van Geweld hoort nergens Thuis-regio’s bij het werken met de Impactmonitor. Dit doen wij in opdracht van VWS, het programmateam GHNT en de VNG. Hierbij worden zowel beleid als praktijk van gemeenten, regio’s en hun ketenpartners betrokken in het gezamenlijk benutten van de impactmonitor. De ondersteuning is gericht op zowel kennisverspreiding over bestaan en inhoud van de Impactmonitor als het praktische gebruik (hoe vind ik welke cijfers?). Ook bieden wij ondersteuning bij de inzet van de cijfers voor ontwikkeling en evaluatie van beleid en voor het sturen op de uitvoering van de aanpak. Daarbij wordt ook informatie opgehaald om de monitor verder te ontwikkelen, waarbij wordt aangesloten bij lokale, regionale en andere actuele ontwikkelingen.
Gebruiken van de Impactmonitor Huiselijk Geweld en Kindermishandeling
Hoe kan kennis uit de Impactmonitor Huiselijk Geweld en Kindermishandeling ingezet worden voor een effectievere aanpak HGKM? Regioplan ontwikkelde een aantal instrumenten die gemeenten, regio’s en hun ketenpartners daarbij helpen.
De Impactmonitor Huiselijk Geweld en Kindermishandeling (verder: Impactmonitor) ontsluit data die gebruikt kunnen worden bij de agendering, aansturing, inrichting en uitvoering van de aanpak van Huiselijk Geweld en Kindermishandeling (HGKM) en beoogt zo bij te dragen aan de verbetering van de effectiviteit van die aanpak.
Regioplan ondersteunde in het najaar van 2021 en het voorjaar van 2022 regio’s bij het werken met de Impactmonitor. Daarbij werden beleid en uitvoeringspraktijk van gemeenten, regio’s en hun ketenpartners betrokken. De ondersteuning was gericht op zowel kennisverspreiding over het bestaan en de inhoud van de Impactmonitor als op het praktische gebruik ervan (hoe vind ik welke cijfers?). Ook bood Regioplan ondersteuning bij de inzet van de cijfers voor ontwikkeling en evaluatie van beleid en voor het sturen op de uitvoering van de aanpak. Daarbij werd ook informatie opgehaald om de monitor verder te ontwikkelen.
Het project heeft geresulteerd in een rapportage waarin inzichten voor verbetering van het gebruik van de Impactmonitor gebundeld zijn, en die ook een advies bevat voor de verdere ontwikkeling van de Impactmonitor. Ook zijn verschillende instrumenten ontwikkeld om het gebruik te ondersteunen en daarmee het kennisgestuurd werken in regio’s te versterken.
Huiselijk geweld in coronatijd: naar een ‘coronaproof’ aanpak voor de gemeente Arnhem
De coronacrisis en bijbehorende maatregelen hebben grote impact op de manier hoe we in Nederland werken, wonen en leven. Dit levert vragen en zorgen op over het effect van de coronacrisis op de prevalentie van huiselijk geweld en kindermishandeling (HGKM). Ook de gemeente Arnhem kampt met deze vragen. Zij wilden graag zicht op de prevalentie van HGKM in 2020 en of de Arnhemse aanpak bijsturing vraagt in én na de tijd vol coronamaatregelen. Wij deden onderzoek naar de HGKM-problematiek en aanpak in 2020 in Arnhem.
Onderzoek naar de impact van de coronacrisis
De aandacht voor HGKM en mogelijke gevolgen van de coronacrisis op deze problematiek is groot. Zowel wereldwijd als in Nederland is er op landelijk en lokaal niveau aandacht voor de signalering en aanpak van HGKM. Ook zijn er in het afgelopen jaar meerdere onderzoeken geweest naar de impact van de coronacrisis op HGKM. Deze onderzoeken geven echter nog geen eenduidig beeld over de prevalentie van HGKM. In verschillende landen is een stijging van het aantal HGKM-gevallen geconstateerd en verschillende hulporganisaties zien het aantal berichten of telefoontjes toenemen. Maar hoe zit dat in Arnhem? Welke gevolgen hebben de coronamaatregelen zoals de avondklok, de sluiting van de scholen en het thuiswerken voor de veiligheid in relaties en gezinnen? Leidt de lockdown waarin we als maatschappij meer binnen zijn gaan leven, en gezinnen meer ‘op elkaars lip’ zitten tot meer onveiligheid? En welke impact hebben de maatregelen op de aanpak? Is de problematiek minder zichtbaar geworden voor professionals? Hoe maak je als professional veiligheidsinschattingen vanuit je eigen huis? En welke impact hebben de maatregelen op de ketensamenwerking?
De prevalentie in Arnhem
Door middel van een analyse van Veilig Thuismeldingen en data van hulpverleningsorganisatie Moviera hebben we inzicht verschaft in de prevalentie van HGKM in 2020 en mogelijke veranderingen ten opzichte van 2019. Uit verschillende onderzoeken weten we welke risicofactoren er zijn voor het ontstaan van geweldssituaties. Tijdens de coronacrisis is het risico van een aantal van deze factoren nog groter. Op basis hiervan kan een toename van geweld verwacht worden. Dit zien we echter niet terug in de data van Veilig Thuis. Naast de daling van het aantal adviezen en meldingen constateren we dat ouderenmishandeling steeds meer uit beeld lijkt te verdwijnen.
De Arnhemse aanpak
De gemeente Arnhem heeft op verschillende manieren (chatfunctie, campagnes, intensiveren contact ketenpartners) gedurende de coronacrisis extra inzet gepleegd ten behoeve van de aanpak HGKM. De (gedeeltelijke) digitalisering van de uitvoering van de hulpverlening is de grootste aanpassing. Dit lijkt enkel een aanpassing in vorm, maar heeft wel degelijk een effect op de effectiviteit van de HGKM-aanpak: een beperktere signalering van (nieuw of opgelaaid) geweld, het ontstaan van nieuwe kwetsbare groepen en professionals die behoefte hebben aan gemeentelijke kaders en ondersteuning om in coronatijden veilig voor henzelf en cliënten te handelen.
Is de lokale HGKM-aanpak coronaproof?
In ons rapport is te lezen hoe we op basis van Veilig Thuismeldingen en data van Moviera de prevalentie in de gemeente Arnhem inzichtelijk hebben gemaakt. En hoe we met behulp van een analyse van risicofactoren, een literatuurstudie, interviews met landelijke en lokale professionals en reflectiesessie met ervaringsdeskundigen zicht hebben gekregen op de aanpak in coronatijd en de ervaringen, behoeftes, en best practices hebben meegenomen in een advies voor een meer ‘coronaproof’ aanpak. Het rapport biedt ook voor andere gemeenten een checklist van aandachtspunten voor bijsturing van de lokale HGKM-aanpak in coronatijd, zowel voor de gemeente als voor de professionals.
Enkele belangrijke aanknopingspunten voor een ‘coronaproof’ HGKM-aanpak zijn:
- Er is een versterkt bewustzijn over HGKM onder professionals, maar met name voor kinderen. Zet in op kennis en bewustwording bij professionals over de risico’s van de coronacrisis met extra aandacht voor signalering van en hulpverlening bij partnergeweld en ouderenmishandeling. -Vooral ouderenmishandeling dreigt buiten beeld te raken.
- Agendeer bij professionals de aandacht voor het ontstaan van nieuwe risicogroepen en kwetsbare situaties: bijvoorbeeld jongeren, mensen met een licht verstandelijke beperking, mantelzorgers, cliënten die niet digitaal vaardig zijn of de apparaten niet hebben, en ouders die een omgangsregeling hebben.
- Zet in op een risico-gestuurde aanpak: een deel van de HGKM-problematiek is verborgen. Daarom is het van belang om in de aanpak te sturen op ondersteuning van de nog verborgen problematiek, o.a. door risicofactoren voor HGKM een duidelijkere plek in die aanpak te geven. Kijk hierbij specifiek welke risicofactoren in verhoogde mate gelden in de betreffende regio of gemeente en verbind de lokale HGKM-aanpak hieraan.
- De digitalisering van de hulpverlening biedt kansen, maar creëert ook risico’s zowel voor cliënten als professionals. Er zijn nieuwe mogelijkheden om hulp te vragen (chatfunctie) en hulpverlening doorgang te laten vinden via beeldbellen ontstaan en die worden ook breed ingezet en gebruikt. Tegelijkertijd geven professionals en ervaringsdeskundigen aan dat het signaleren van (nieuwe) onveiligheid via digitale wegen zeer lastig is. Onveilige situaties kunnen hierdoor gemist worden, met mogelijke escalatie tot gevolg.
- Faciliteer lokale en regionale afstemming over richtlijnen, handvatten en werkwijzen. Stuur bijvoorbeeld actief op het behouden van de mogelijkheid om veilig fysieke afspraken en hulpverlening door gang te laten vinden.
Meer weten over dit onderzoek of wat wij voor jou kunnen betekenen? Lees het onderzoeksrapport.
Huiselijk geweld ten tijde van Corona
De coronacrisis en bijbehorende maatregelen hebben grote impact op de manier hoe we in Nederland werken, wonen en leven. Dit levert vragen en zorgen op over het effect van de coronacrisis op de prevalentie van huiselijk geweld en kindermishandeling (HGKM). Ook de gemeente Arnhem kampt met deze vragen. Zij wilden graag zicht op de prevalentie van HGKM in 2020 en of de Arnhemse aanpak bijsturing behoeft. Wij deden onderzoek naar de HGKM-problematiek en aanpak in 2020 in Arnhem.
Met behulp van een analyse van risicofactoren, een literatuurstudie, interviews met landelijke en lokale professionals en reflectiesessie met ervaringsdeskundigen zicht hebben gekregen op de aanpak in coronatijd en de ervaringen, behoeftes, en best practices hebben meegenomen in een advies voor een meer coronaproof aanpak. Het rapport biedt ook voor andere gemeenten een checklist van aandachtspunten voor bijsturing van de lokale HGKM-aanpak in coronatijd, zowel voor de gemeente als voor de professionals.