Korte training: Beter Beleid door Goed Onderzoek

Bij Regioplan zijn we ervan overtuigd dat goed onderzoek kan bijdragen aan beter beleid en een betere uitvoering. Maar het vertalen van kennis naar beleid en praktijk gaat niet vanzelf.

Gelukkig zijn er onderzoeksmethoden die deze vertaalslag mogelijk maken. Bijvoorbeeld door perspectieven van burgers en professional centraal te stellen, of door theorie en praktijk met elkaar te laten interacteren.

De laatste jaren deden we steeds meer ervaring op met deze onderzoeksmethoden. In de training Beter Beleid door Goed Onderzoek delen we onze kennis van deze methoden. In een dagdeel gaan we met beleidsmakers en -onderzoekers aan de slag met onderzoekskaders als realistische evaluatie, reflexieve monitoring en actieonderzoek. Uiteraard kan de training worden aangepast aan de behoeften van jouw organisatie.

Wil je meer handvatten voor het vertalen van kennis naar de praktijk? En wil je dat de onderzoeken die je laat uitvoeren beter worden benut?

Dan is deze training iets voor jou!

Neem voor meer informatie contact op met Miranda Witvliet of Yannick Bleeker.

Werken bij Regioplan? Check onze vacatures!

Bij Regioplan zijn we regelmatig op zoek naar talentvolle, gedreven onderzoekers. Op dit moment hebben we weer twee interessante vacatures openstaan. Kom jij ons versterken?

ERVAREN ONDERZOEKER ARBEID & ARBEIDSMARKT (32-38 UUR)

De arbeidsmarkt en het arbeidsmarktbeleid zijn op dit moment volop in beweging.

➡️ Wat zijn de gevolgen van de Wet arbeidsmarkt in balans?

➡️ Hoe kunnen we uitzend- en platformwerk veiliger maken?

➡️ Hoe kunnen we de krapte op de arbeidsmarkt verminderen?

Deze en andere vragen proberen we op dit moment bij Regioplan te beantwoorden, voor uiteenlopende opdrachtgevers.

Wil jij hieraan meewerken? Check dan de volledige vacature.

ERVAREN ACTIE-ONDERZOEKER (32-38 UUR)

➡️ Hoe kunnen we een methodiek ontwikkelen voor de aanpak van complexe problemen?

➡️ Wat kunnen professionals doen om mensen met een arbeidsbeperking nog beter te helpen?

➡️ Hoe zou een breed gedragen aanpak van stalking eruit kunnen zien?

Deze en andere vragen schreeuwen om een actie-onderzoek.

Weet jij hoe je dat aan moet pakken? Check dan de volledige vacature.

“Inzichten aanreiken voor effectiever beleid: dat blijft toch het allermooist”

Goed inzicht krijgen in hoe en waarom bepaalde interventies wél, en andere níet werken: dat is wat Miranda Witvliet (directeur Mens & Samenleving bij Regioplan) nog altijd het allerliefste doet. “Uiteindelijk is iedereen erbij gebaat dat beleid ook echt werkt voor de mensen voor wie dat beleid bedoeld is.”

Als promovendus aan de VU deed Miranda Witvliet jarenlang onderzoek naar een interventie om gedragsproblemen bij kinderen in het basisonderwijs te voorkomen. Was de betreffende interventie (Taakspel) ook daadwerkelijk effectief? En wat waren nou precies de werkbare mechanismen binnen die interventie? Een heerlijk onderwerp om voor langere tijd in te duiken, blikt Miranda terug. “Ik vond het erg leuk om uit te pluizen hoe zo’n interventie nou precies werkt. Wat me daarbij vooral aansprak – meer nog dan het schrijven van wetenschappelijke artikelen voor Amerikaanse en Europese vaktijdschriften – was het formuleren van aanbevelingen voor de Nederlandse onderwijspraktijk. Juist die praktische toepassingswaarde van onderzoek – wat heeft de praktijk eraan? – vond ik razend interessant.”

Constructief meedenkend

Toen Miranda na haar promotie – nu dertien jaar geleden – de mogelijkheid kreeg om bij Regioplan aan de slag te gaan, was de keuze dan ook snel gemaakt. “Het doen van onafhankelijk, praktijkgericht beleidsonderzoek: dat leek me een mooie positie om echt impact te kunnen maken met onderzoek. En nog altijd kan ik genieten van het werk dat we hier doen: kritisch, maar altijd constructief meedenkend met beleidsmakers. Het is ook nog altijd fijn om te merken dat opdrachtgevers ook echt zitten te wachten op onze resultaten. Dat wil niet per se zeggen dat ze onze aanbevelingen ook altijd een-op-een overnemen – kennis is nu eenmaal niet de enige factor die beleid drijft –, maar vaak reiken we wel degelijk inzichten aan waardoor beleid effectiever ingezet kan worden.”

Jongeren & Werk

Als voorbeeld noemt Miranda het onderzoek dat Regioplan op dit moment uitvoert voor het Platform Jongeren & Werk van de Goldschmeding Foundation. “Dit platform ontplooit allerlei initiatieven om de aansluiting van jongeren in kwetsbare posities op de arbeidsmarkt verbeteren. Hoe kun je ervoor zorgen dat deze jongeren meer kans maken op de arbeidsmarkt? Wij evalueren deze initiatieven; we onderzoeken de werkzame elementen en denken actief mee hoe je als platform zoveel mogelijk impact kunt maken.”

Voedselvaardigheden

“Een ander mooi voorbeeld binnen het thema Duurzaamheid & Leefstijl is onze evaluatie van het programma Jong Leren Eten. Veel jongeren weten niet waar ons voedsel vandaan komt en eten ook onvoldoende groente en fruit. Het doel van Jong Leren Eten is daarom om jongeren tot 18 jaar ‘voedselvaardiger’ te maken, zodat ze gezondere keuzes gaan maken. Dit soort onderzoeken, op het snijvlak van gezondheid en leefstijl, vind ik erg interessant. Hoe zorg je ervoor dat jongeren zo gezond mogelijk leven en lekker in hun vel zitten?”

Perspectief van inburgeraars

Verder noemt Miranda het lopende onderzoek naar het perspectief van inburgeraars. “Het perspectief van inburgeraars is nog nooit op een grootschalige en systematische wijze onderzocht en gedocumenteerd. De komende tijd doen we onderzoek naar de ervaringen van inburgeraars, om zo vast te kunnen stellen in hoeverre de wet- en regelgeving rondom inburgering ook ‘werkt’ voor de inburgeraars zélf. Uiteindelijk is iedereen erbij gebaat dat beleid ook echt werkt voor de mensen voor wie dat beleid bedoeld is, en dat de ‘systeemwereld’ zo goed mogelijk aansluit bij de leefwereld van burgers.”

Meer focus

Het zijn allemaal onderzoeken die goed passen binnen het relatief nieuwe Regioplan-team Mens & Samenleving, vertelt Miranda. “Tot begin vorig jaar, toen we met vier man het stokje overnamen van de vorige directie, waren deze subthema’s verspreid over de andere onderzoeksteams. Doordat we deze thema’s nu hebben samengebracht in één team, is er meer focus ontstaan. Wat ik verder erg leuk vind is dat ik ook als directielid gewoon onderzoek kan blijven doen. Ik ben echt een onderzoeker in hart en nieren, dus het was voor mij essentieel dat ik niet alleen directietaken zou gaan doen. Tegelijkertijd is het ook interessant om nu meer op metaniveau naar ons werk als bureau te kijken. Wat is nu precies onze visie vanuit Regioplan? Wat is onze bijdrage aan de samenleving? En hoe kunnen we vanuit onze positie zo goed mogelijk maatschappelijk impact maken? Als directieteam denken we graag over dat soort zaken na.”

Realistisch evalueren

Maar het echte onderzoekswerk: dát blijft toch het mooist om te doen, benadrukt Miranda. “Per onderzoek denken we na over de vraag hoe we de effecten van beleid het best kunnen meten en zo goed mogelijk toepasbaar kunnen maken voor beleid en praktijk. Een methode die we wat dat betreft steeds vaker inzetten, is realistisch evalueren. Daarbij doe je gericht onderzoek naar de werking van interventies. Hoe werkt een bepaalde interventie nou precies, voor wie en in welke context? Welke mechanismen liggen aan die werking ten grondslag? En wat zegt dat over welke veranderingen je teweeg kunt brengen?”

Het uiteindelijke doel, benadrukt Miranda: zo goed mogelijk te bepalen aan welke knoppen je kunt draaien om ervoor te zorgen dat beleid zo goed mogelijk aansluit bij de dagelijkse praktijk en bij de mensen waarvoor het bedoeld is. “Nog altijd vind ik het leuk om methodisch na te denken over onderzoek. En als je dan van opdrachtgevers te horen krijgt dat ze écht iets hebben gehad aan ons onderzoek, werkt dat nog steeds enorm motiverend.”

“Ik wil mijn horizon graag verder verbreden”

Vanuit zijn achtergrond als bewegingswetenschapper weet Roel Blom (31) welk verhaal data kunnen vertellen. Sinds 1 september ondersteunt hij als data-analist onze beleidsonderzoekers. “Bij Regioplan kan ik echt maatschappelijke impact leveren.”

Sport: het loopt als een rode draad door Roels loopbaan. Hij werkte een tijdje als sportschoolmanager en was enkele jaren actief als trainingsexpert/online coach bij Personal Body Plan. Met name in die laatste functie ontdekte Roel de kracht van cijfers, vertelt hij. “Als je een objectief beeld wil krijgen van de progressie die iemand boekt, zul je in de data moeten duiken. Zelf hield ik al mijn trainingen altijd al nauwkeurig bij. Omdat ik nog meer in de inhoud wilde duiken en mezelf wilde blijven ontwikkelen, ben ik vervolgens Bewegingswetenschappen gaan doen aan de VU.”

Bewegingsanalyses

Bewegingswetenschappen draait met name om fysiologisch onderzoek naar het menselijke bewegen. De studie is best wel bèta, schetst Roel. “Aan de hand van natuur- en wiskundige modellen maak je bepaalde bewegingsanalyses en help je bijvoorbeeld sporters met het verbeteren van hun prestaties. Zo heb ik bij voetbalclub AZ een retrospectief onderzoek gedaan naar de voorspelbaarheid van fysiologische testen voor toekomstig succes. Aan de hand van GPS-data analyseerde ik alle bewegingen van voetballers en berekende op basis daarvan hun workload. Ik vond en vind het gewoon enorm leuk om ergens in te duiken en bepaalde zaken uit te zoeken aan de hand van data.”

Maatschappelijke impact

Tijdens zijn studie kwam Roel in aanraking met data-analysetools en programmeertalen als MATLAB en R. “Na mijn afstuderen voelde ik de behoefte om mijn expertise ook buiten de sport in te zetten. Via detacheringsbureau Breinstein ben ik vervolgens voor een traineeship terechtgekomen bij Regioplan, in eerste instantie voor een periode van een jaar. Ik wilde graag een rol bij een organisatie waar ik maatschappelijke impact kan leveren. Wat dat betreft zit ik bij Regioplan vanzelfsprekend goed op mijn plek.”

Datagedreven inzichten

Bij Regioplan ondersteunt Roel zijn collega’s met data-analyses en dashboards en formuleert hij aan de hand van technieken als webscraping en textmining een antwoord op specifieke onderzoeksvragen. “Op dit moment ben ik onder meer betrokken bij het project rondom de Macromonitor Nationaal Programma Onderwijs – waarbij ik bruikbare data haal uit jaarverslagen – en onderhoud ik een dashboard voor het project Diversiteit in Bedrijf. Mijn doel: het werk van mijn collega’s makkelijker maken en hen voeden met datagedreven inzichten. Niet elke beleidsonderzoeker heeft de tijd of kennis in huis om data te analyseren met behulp van specifieke softwaretools – dus daar help ik hen graag bij.”

Horizon verbreden

Bij Regioplan heeft Roel zijn draai inmiddels goed gevonden. “Je wordt in het diepe gegooid en krijgt meteen veel taken en verantwoordelijkheden. Daar leer je enorm veel van. Ik zit hier kortom prima op mijn plek. Leuk om mijn horizon hier verder te kunnen verbreden.”

5 juni: dag van de burgerinitiatieven

Een idee van bewoners om de leefomgeving te verbeteren wordt ook wel een bewoners- of burgerinitiatief genoemd. Zaterdag 5 juni is de dag van de burgerinitiatieven, die worden gevierd tijdens het We Doen Het Samen-festival.

Burgerinitiatieven kunnen het verschil maken

Ook in ons werk komen we vaak inspirerende voorbeelden hiervan tegen. Van mensen die zich inzetten voor veiligheid op straat, tot een door bewoners georganiseerd sociaal-maatschappelijk inloopspreekuur. Ten eerste voorzien zulke initiatieven vaak in een belangrijke praktische behoefte. Maar daarbij kunnen ze een waardevolle aanvulling zijn op meer geijkte manieren waarop burgers invloed uitoefenen op overheidsbeleid, zoals stemmen. Daarvoor is het wel van belang dat de burgerinitiatieven niet slechts gaten vullen in bijvoorbeeld zorg en welzijn. Het is van grote waarde de (ervarings)deskundigheid vanuit deze initiatieven ook te betrekken bij het maken en evalueren van beleid door bijvoorbeeld lokale overheden.

Burgerinitiatieven in ons werk

Om de inzichten en ideeën van inwoners goed te benutten, voeren wij onderzoek en projecten uit waarin dit perspectief centraal staat. Vaak in opdracht van overheden die de zeggenschap van inwoners willen verstevigen. Voorbeelden zijn een actieonderzoek waarbij we met betrokkenen in kaart brengen hoe een gemeente aansluit op de ambities en ideeën van inwoners. Of het begeleiden van wijkdebatten waarin mensen die wonen of werken in een wijk, bijdragen een het identificeren en oplossen van lokale problemen.

Meer weten

Behoefte aan uitwisseling over manieren om het perspectief van inwoners centraal te stellen bij het analyseren en aanpakken van vraagstukken? We praten er graag over met je door.

Wat Youtube reacties ons kunnen vertellen over radicalisering

De coronamaatregelen leiden tot steeds meer woede en frustratie met extreme uitingen tot gevolg. Zo waarschuwde de Nationaal Coördinator Terrorismebestrijding en Veiligheid (NCTV) in oktober voor een groeiende radicale stroming die intimidatie van politici, journalisten en politie niet schuwt (Volkskrant, 2020). Voor ons was dat aanleiding om de radicale uitingen in kaart te brengen op een platform dat nu centraler staat dan ooit: sociale media. Met behulp van een webscraper verzamelden we alle reacties op bepalende persconferenties over corona-maatregelen en gingen in deze reacties op zoek naar radicale uitingen.

Waar komen complottheorieën vandaan?
Op sociale media circuleren uiteenlopende verhalen over Coronavirus. Zo zou het virus een biologisch wapen uit een malafide laboratorium zijn of een genetische mutatie geactiveerd door het 5G-netwerk. Anderen zien de corona uitbraak als een poging van Bill Gates en de wereldelite om de wereldbevolking te verkleinen of een wereldwijd controleregime te lanceren door middel van een vaccin met een minuscule microchip. De grote lijn in al deze verhalen is dat het Coronavirus resultaat is van een samenzwering of kwaadwillende individuen. Uit recent onderzoek blijkt dat vijftien procent van de Nederlanders gelooft dat corona een biologisch wapen is (Ipsos, 2020) en tien procent denkt dat het coronabeleid onderdeel is van een complot tegen de bevolking (Kieskompas, 2020).

Ondanks het gebrek aan bewijs kunnen complottheorieën erg aantrekkelijk zijn. Simplificatie van de complexe en onvoorspelbare gebeurtenissen creëert een psychologisch houvast in tijden van onzekerheid en crisis. Er is echter sprake van tunnelvisie ofwel confirmatiebias: alle informatie die overeenstemt met eigen opvattingen klopt, terwijl informatie van experts en andere autoriteiten die in tegenspraak zijn met de eigen ideeën worden genegeerd. Dit wordt versterkt door sociale media platforms zoals Youtube, waar constant content wordt voorgesteld die in lijn is met eerder bekeken filmpjes.

Radicale uitingen in Youtube reacties
Om te kijken of de reacties op Youtube echt radicale uitingen bevatten zochten we vijf cruciale persconferenties op die door NOS op Youtube zijn geplaatst. Dit waren allemaal persconferenties waarin strengere maatregelen of juist versoepelingen werden aangekondigd. We bouwden een webscraper die alle reacties op deze persconferenties opsloeg. Dit leidde tot een bestand van duizenden comments, zie tabel 1 voor een overzicht. Op basis van deze reacties en literatuur over radicalisering stelden we een codeboom op waarin we verschillende categorieën opnamen die duiden op radicale attitudes en (intenties tot) acties. Elke categorie bevat een lijst van woorden, die we hebben geteld in de reacties.

Tabel 1. Aantal weergaven, aantal reacties en weegfactor naar datum

Van de radicale attitudes kwam geloof in complottheorieën veruit het meeste voor in de Youtube reacties (zie figuur 1). Ruim vier procent van de reageerders geloofde in een alternatieve verklaring van het Coronavirus, die varieerde van 5G tot deep state, van een staatgreep tot een grootschalig plan van Bill Gates om de wereldbevolking te doen krimpen. Ook kwamen beledigingen, met name aan het adres van premier Mark Rutte en minister Hugo de Jonge, geregeld voor (1,4%). Andere elementen die we terugzien in de reacties zijn sociaaleconomische dreiging (0,7%), wij-zij denken(0,4%), rechtspopulisme (0,2%) en anti-EU sentiment (0,1%).

Figuur 1. Percentage van alle reacties waarin minimaal één van de categorieën genoemd is

Veranderingen in aandeel radicale reacties over de tijd
Doordat we persconferenties van verschillende momenten analyseren, kunnen we in beeld brengen of het aandeel radicale reacties verandert over tijd. In overeenstemming met de bevindingen van de NCTV is er een toename in het aandeel reacties waarin een complottheorie wordt genoemd na de eerste persconferentie die hier is meegenomen (zie figuur 2). Opvallend is dat de grootste stijging van het aantal complot reacties plaatvond tussen de conferentie op 12 maart en die op 6 mei, terwijl in de persconferentie in mei een versoepeling van de maatregelen werd aangekondigd. Vervolgens is er een kleine dip bij de persconferentie van 28 september, maar daarna stijgt het aandeel genoemde complottheorieën opnieuw bij de conferentie op 17 november. Reacties met bedreigingen en rechtspopulisme namen na de eerste persconferentie juist af, wellicht vanwege de aangekondigde versoepelingen van de maatregelen. Verdere analyse kan uitwijzen of de reageerders die eerst rechts-populistische reacties plaatsen later reacties gingen plaatsen over complottheorieën.

Figuur 2. Aantal signalen van verschillende kenmerken per 1000 reacties naar datum

Mogelijkheden voor vervolgonderzoek
De resultaten die in dit artikel gepresenteerd zijn, schetsen slechts een eerste beeld. De webscraper die we hebben gebouwd kan meer reacties ophalen, waardoor we de codeboom nog verder kunnen uitwerken. De data die daaruit voortkomen hebben veel toepassingsmogelijkheden. We kunnen bijvoorbeeld de inhoud van de persconferenties verder uitpluizen en in kaart brengen welke boodschappen bijdragen aan meer radicale houding onder de luisteraars. Zie jij een mooie toepassing van deze data? Neem contact op met Laura of Anne.

Onderzoek vanaf anderhalve meter

De coronacrisis heeft grote impact op de samenleving. Ook voor ons werk hebben de maatregelen gevolgen. Wij werken zo veel mogelijk door en gaan, daar waar nodig, op zoek naar alternatieven.

Onderzoek vanaf anderhalve meter

COVID-19 en de maatregelen om de verdere verspreiding daarvan te voorkomen, hebben grote impact op onze samenleving. Het raakt ons allemaal. In ons persoonlijk leven. In ons werk. Waar we zien dat mensen onder zeer zware omstandigheden hun werk uitvoeren (in de gezondheidszorg bijvoorbeeld), staan anderen goeddeels aan de kant. Voor ons werk, als onderzoekers van Regioplan, betekent het vooral dat de fysieke contacten, met opdrachtgevers, collega’s en respondenten, drastisch zijn ingeperkt. Bovendien is het aantal verplaatsingen teruggebracht tot wat noodzakelijk is. Het gebruik van digitale communicatiemiddelen was in ons werk al ingeburgerd. Inmiddels is het de norm geworden en maken we volop gebruik van videogesprekken en digitale groepsvergaderingen.

Aanpassen en gebruik maken van de mogelijkheden die er wel zijn

De afgelopen maand hebben we zo veel mogelijk doorgewerkt. De realiteit die snel verandert en soms ook persoonlijke omstandigheden vragen hierbij om een flexibele houding van de onderzoekers. Meer nog dan gebruikelijk. Toch zijn er ook vormen van onderzoek die ‘gewoon’ doorgaan. Bijvoorbeeld deskresearch, waaronder beleidsanalyses, literatuurstudies en data-analyses. Net als voorheen zetten we digitale vragenlijsten uit en plannen we interviews in. Soms gaat het makkelijker omdat mensen beter beschikbaar zijn, maar ook in sectoren waar je het minder snel verwacht, zoals in het onderwijs waar toch veel aandacht uitgaat naar het organiseren van afstandsonderwijs, blijkt het goed mogelijk interviews te houden.

Voor andere onderzoeksactiviteiten slagen we er, in overleg met onze opdrachtgevers, vaak in om alternatieven te vinden. Hiervan vindt u hieronder enkele voorbeelden.

De digitale effectenarena

Voor ons onderzoek naar de maatschappelijke effecten van de leer-werkvoorziening Flevodrome (voor de gemeente Lelystad) hebben we professionals uitgenodigd om mee te doen aan een effectenarena. Hierin delen professionals hun ervaringen met de uitvoering van de leer-werkvoorziening en vertellen ze wat dit oplevert voor de deelnemers. Omdat we hiervoor niet meer bij elkaar komen, vond de bijeenkomst plaats via een videoverbinding. Dat vroeg wel om wat aanpassingen.

In een videogesprek mis je non-verbale signalen die je bij een fysieke ontmoeting direct opvallen. Je hebt ook wat minder mogelijkheden om het gesprek tijdens de bijeenkomst te structureren. Het is dus extra van belang om het gesprek goed voor te bereiden en de opzet vooraf te delen met de deelnemers. Dat hielp ons om het gesprek gestructureerd te houden.

Verder hebben we naast de technisch gespreksleider een tweede onderzoeker erbij betrokken. Deze kreeg een vrijere rol, bracht bijvoorbeeld tussendoor wat punten in, en lette erop dat iedereen aan het woord kwam. Deelnemers vonden het een goede bijeenkomst en ook leverde het mooie input voor het onderzoek op. De digitale effectenarena is wat ons betreft dus voor herhaling vatbaar.

Neem voor meer informatie over de digitale effectenarena contact op met Miranda 

Video call met WhatsApp

Voor de evaluatie van de Participatieraad Amsterdam waren groepsgesprekken gepland met leden van de raad. De raad geeft gevraagd en ongevraagd advies aan de wethouder Sociale Zaken en de directeur Participatie van de gemeente. De raad bestaat uit (vertegenwoordigers van) klanten van de Participatiewet.

In overleg met de opdrachtgever zijn de groepsgesprekken vervangen door video calls via WhatsApp. Aan deze video calls kunnen maximaal vier personen tegelijk deelnemen. Het voordeel van het gebruik van WhatsApp is dat veel mensen ermee bekend zijn. Om mee te kunnen doen volstaat een smartphone. Ook mensen zonder goed ingerichte thuiswerkplek kunnen er dus prima aan deelnemen. Onze ervaringen met deze video calls zijn positief. De deelnemers vonden het leuk om op deze manier betrokken te zijn en de input die zij leverden, is zeer relevant voor het onderzoek.

Neem voor meer informatie over de group video call contact op met Yannick.

“Het gaat niet om de keuze van de ideale tool, maar om de keuze van een tool waar de doelgroep enthousiast van wordt. Een goede gespreksleider kan een vruchtbaar gesprek leiden met iedere tool en met iedere doelgroep.” (Joris Timmerman)

Onze projecten gaan door

Wij volgen de adviezen naar aanleiding van het coronavirus op. Wij werken daarom zoveel mogelijk vanuit huis, maar zijn goed bereikbaar. Met vragen en verzoeken kunt u ons bellen en e-mailen op de gebruikelijke telefoonnummers en e-mailadressen.

Onze projecten gaan gewoon door, in gevallen waar dit niet mogelijk is nemen wij contact met u op.