Werkveld: Arbeid en sociale zekerheid
FLASH REPORT: COVID-19 financial measures for employers and the self-employed
As national experts in the European Social Policy Network (ESPN), Regioplan has published a short overview on COVID-19 financial measures in the Netherlands. The report was published on the website of the European Commission.
In 2020, the Dutch government introduced several radical financial measures mainly for employers and the self-employed. These measures were taken in order to prevent the COVID-19 restrictions from causing a further economic downturn. The Dutch unemployment rate turned out to be lower than expected in earlier predictions, also compared to other European countries.
Gesubsidieerde banen: opstap naar regulier werk?
De gemeente Den Haag biedt inwoners met een grote afstand tot de arbeidsmarkt de kans om aan de slag te gaan in een gesubsidieerde STiP-baan (Sociaal Traject in Perspectief). Wij onderzochten in hoeverre de STiP-regeling eraan bijdraagt dat deelnemers zich kunnen ontwikkelen en op termijn duurzaam kunnen uitstromen naar regulier werk.
De basisbaan en STiP-banen
In 2020 concludeerde de WRR dat een ‘basisbaan’ het sluitstuk van de sociale zekerheid zou moeten vormen, als antwoord op de veranderende en veeleisende arbeidsmarkt. Dit biedt de 1 miljoen mensen die niet deelnemen aan het arbeidsproces de kans om maatschappelijk nuttig bezig te zijn, en kan bijdragen aan hun bredere welzijn, zo is de gedachte.
De gemeente Den Haag biedt inwoners met een grote afstand tot de arbeidsmarkt al sinds 2017 de kans om aan de slag te gaan in een gesubsidieerde STiP-baan. STiP staat voor ‘Sociaal Traject in Perspectief’, en het werk dat deelnemers uitvoeren is additioneel en vindt bij een reguliere werkgever plaats. STiP-deelnemers hebben een arbeidsovereenkomst en ontvangen een salaris. Tijdens de STiP baan worden ze begeleid en kunnen ze scholing volgen om zich te ontwikkelen. Zo kunnen ze hun arbeidsmarktkansen verbeteren en later mogelijk uitstromen naar een reguliere baan, zo is de gedachte. Op dit punt ziet de STiP-regeling er anders uit dan hoe de WRR de ‘basisbaan’ voorstelt; de WRR ziet doorstroming naar regulier werk namelijk niet per se als doel.
Aanzienlijke uitstroom naar regulier werk
Inmiddels wordt de STiP regeling ruim drie jaar uitgevoerd, en heeft de gemeente Den Haag ons gevraagd om deze te evalueren. Hiervoor spraken we met zowel deelnemers, werkgevers als met uitvoerders en brachten we op basis van CBS-data in kaart hoe het de deelnemers na hun STiP-baan verging. De resultaten laten zien dat ruim de helft (55%) van de deelnemers van wie de STiP-baan is beëindigd, er slaagt om binnen zes maanden een reguliere baan te vinden. Van degenen die hierin slagen, is 30 procent regulier in dienst genomen door dezelfde werkgever waar ze in hun STiP-baan werkten. Deelname aan STiP leidt voor veel deelnemers daarnaast tot bredere baten, zoals een toegenomen zelfvertrouwen en persoonlijke groei. Ook werkgevers geven aan dat de subsidiëring essentieel is om deze doelgroep in dienst te nemen.
Ruimte voor verbetering
Ons rapport bevat ook een aantal adviezen voor de gemeente Den Haag. Zo is er een professionaliseringsslag nodig om de kwaliteitsverschillen in de werkbegeleiding terug te brengen. Ook moeten de verwachtingen van de deelnemers omtrent het scholingsaanbod, dat vooral uit korte cursussen bestaat, getemperd worden. Tot slot adviseren we de gemeente om eerder en structureler aandacht te hebben voor doorbemiddeling naar regulier werk. De komende periode zal de gemeente deze adviezen implementeren in de regeling en in de dienstverlening.
Meer weten over ons onderzoek? Lees hier ons rapport.
Stappen op weg naar werk: lessen voor de arbeidstoeleiding van statushouders gebundeld
Sinds de grote instroom van asielzoekers in 2015 zijn door gemeenten en maatschappelijke organisaties aanpakken ontwikkeld om statushouders sneller en duurzamer te begeleiden richting de arbeidsmarkt. Acht van deze initiatieven zijn met subsidie vanuit het ZonMw-programma ‘Vakkundig aan het Werk’ door verschillende onderzoeksinstellingen onderzocht. Regioplan en het Verwey-Jonker Instituut bundelden deze kennis en destilleerden de belangrijkste inzichten over werkzame aanpakken.
De kennissynthese van werkzame elementen beoogt bij te dragen aan meer evidence based werken door gemeenten en andere organisaties die betrokken zijn bij de arbeidstoeleiding van statushouders. Naast de bundeling van de kennis uit de acht onderzoeken in een kennissynthese, ontwikkelden wij ook een handreiking voor de praktijk voor uitvoerend professionals en beleidsmakers om met elkaar het gesprek aan te gaan met behulp van gesprekskaarten over de inzichten uit de studies en de implicaties daarvan voor de inrichting van de begeleiding van statushouders in de praktijk.
Uit de studies zijn lessen te trekken over de algemene inrichting van de begeleiding zoals het belang van een integrale aanpak, waarbij aandacht is voor de verschillende kansen en belemmeringen die de statushouders op andere leefdomeinen ervaren; het benaderen van gezondheidsvraagstukken vanuit de invalshoek van positieve gezondheid; de rol en begeleidingsstijlen van de professional; en randvoorwaarden voor de inrichting van een effectieve begeleiding.
Naast algemene lessen over de begeleiding van statushouders naar werk zijn ook per fase in het toeleidingsproces – vanaf de intake tot nazorg na plaatsing bij een werkgever – de belangrijkste aandachtpunten en werkzame elementen gebundeld. In onderstaand figuur staan de belangrijkste inzichten waarover in de kennissynthese meer te lezen is, weergegeven.

Meer informatie?
Lees de kennissynthese en de handreiking of neem contact op met Jeanine.
Maatschappelijke Diensttijd Loopbaankansen (MDTL)
In Nederland hebben 120.000 jongeren tussen de 15 en 25 jaar een arbeidsbeperking door een chronische ziekte, lichamelijke of psychische aandoening of handicap. Jongeren met een beperking die een studie volgen ervaren vaak, naast het studeren, weinig mogelijkheden voor het opdoen van werkervaring. Om deze groep meer loopbaankansen te bieden gaan we de komende twee jaar samen met de Loopaangroep, ECIO en Incluvisie aan de slag met de Maatschappelijke Diensttijd Loopbaankansen (MDTL).
In dit project krijgen 250 studenten en jonge werknemers met een beperking een cursus loopbaanontwikkeling en doen de studenten onder begeleiding van de jonge werknemers (via peer-to-peer coaching) werkervaring op. Met als uiteindelijk doel dat jongeren met een beperking meer loopbaankansen krijgen, zodat zij duurzaam mee kunnen doen.
Vanuit Regioplan voeren wij het participatieve actieonderzoek uit. Ook jongeren met een beperking krijgen daarbij de mogelijkheid om zelf als onderzoeker in het project aan de slag te gaan.
MDTL wordt via het actieprogramma MDT mogelijk gemaakt door ZonMw.
Meer informatie?
Voor vragen kan contact op genomen worden met Miranda.
Baanverlies door de coronacrisis een belangrijke reden om een kosteloos ontwikkeladvies aan te vragen
De coronacrisis brengt veranderingen op de arbeidsmarkt met zich mee. Om op deze veranderingen te anticiperen stelde het kabinet deze zomer 22.000 ontwikkeladviezen beschikbaar. Zowel werkenden als werkzoekenden konden kosteloos een ontwikkeladvies aanvragen bij een loopbaanadviseur. Met het ontwikkeladvies krijgen mensen zicht op hun huidige arbeidsmarktkansen, omscholingsmogelijkheden of tips bij het zoeken naar werk. De ontwikkeladviezen waren populair; al na één maand was het maximaal aantal registraties bereikt. Op verzoek van het ministerie van SZW hebben wij met een vragenlijst onder deelnemers onderzocht wat de aanleiding en het doel was om een ontwikkeladvies aan te vragen en wat de kenmerken van de deelnemers zijn.
Wat was de aanleiding en het doel?
Een belangrijke aanleiding om een ontwikkeladvies aan te vragen was baanverlies (mede) vanwege de coronacrisis. Daarbij werd ook stress in de huidige baan vaak genoemd door de deelnemers. Dit vertaalde zich dan ook direct in het doel dat de deelnemers voor ogen hadden toen zij een ontwikkeladvies aanvroegen. Voor meer dan de helft van de deelnemers was het doel om mogelijkheden tot scholing of ontwikkeling te verkennen. Daarnaast hadden ook veel mensen als doel om leuker of geschikter werk te vinden of zochten hulp bij het zoeken naar werk.
Wie zijn de deelnemers?
Deelnemers waren relatief vaak vrouw hoger opgeleid en woonachtig in Noord-Holland. Ongeveer een derde van de deelnemers had geen startkwalificatie of is middelbaar opgeleid. Meer dan twee derde van de deelnemers was hoger opgeleid. Daarbij waren onder de deelnemers ook relatief veel mensen werkzaam in een sector die geraakt is door de coronacrisis, zoals kunst en cultuur, sport en recreatie, en de evenementenbranche. Eén op de vijf deelnemers was ZZP’er, freelancer of ondernemer, terwijl een kwart van de deelnemers geen werk had toen zij een ontwikkeladvies aanvroegen. Bijna de helft van de deelnemers had al meer dan 20 jaar werkervaring.
Meer ontwikkeladviezen beschikbaar
Omdat het maximum zo snel bereikt was heeft het kabinet besloten om opnieuw ontwikkeladviezen aan te bieden. Vanaf 1 december 2020 konden werkenden en werkzoekenden weer een ontwikkeladvies volgen bij een loopbaanadviseur. Deze keer werden er 50.000 adviestrajecten ter beschikking gesteld. Ook dit keer waren de ontwikkeladviezen populair: in iets meer dan een dag hebben 55.000 mensen zich geregistreerd voor een ontwikkeladviestraject, waarmee het maximum aantal registraties in recordtempo bereikt is.
Meer informatie?
Voor meer informatie over dit onderzoek, lees het onderzoeksrapport of neem contact op met Yannick.
Monitor ontwikkeladviezen
De coronacrisis brengt veranderingen op de arbeidsmarkt met zich mee. Om op deze veranderingen te anticiperen stelde het kabinet deze zomer 22.000 ontwikkeladviezen beschikbaar. Zowel werkenden als werkzoekenden konden kosteloos een ontwikkeladvies aanvragen bij een loopbaanadviseur. Met het ontwikkeladvies krijgen mensen zicht op hun huidige arbeidsmarktkansen, omscholingsmogelijkheden of tips bij het zoeken naar werk. De ontwikkeladviezen waren populair: al na één maand was het maximaal aantal registraties bereikt. Op verzoek van het ministerie van SZW hebben wij met een vragenlijst onder deelnemers onderzocht wat de aanleiding en het doel was om een ontwikkeladvies aan te vragen en wat de kenmerken van de deelnemers zijn.
Wat was de aanleiding en het doel?
Een belangrijke aanleiding om een ontwikkeladvies aan te vragen was baanverlies (mede) vanwege de coronacrisis. Daarbij werd ook stress in de huidige baan vaak genoemd door de deelnemers. Dit vertaalde zich dan ook direct in het doel dat de deelnemers voor ogen hadden toen zij een ontwikkeladvies aanvroegen. Voor meer dan de helft van de deelnemers was het doel om mogelijkheden tot scholing of ontwikkeling te verkennen. Daarnaast hadden ook veel mensen als doel om leuker of geschikter werk te vinden of zochten hulp bij het zoeken naar werk.
Wie zijn de deelnemers?
Deelnemers waren relatief vaak vrouw hoger opgeleid en woonachtig in Noord-Holland. Ongeveer een derde van de deelnemers had geen startkwalificatie of is middelbaar opgeleid. Meer dan twee derde van de deelnemers was hoger opgeleid. Daarbij waren onder de deelnemers ook relatief veel mensen werkzaam in een sector die geraakt is door de coronacrisis, zoals kunst en cultuur, sport en recreatie, en de evenementenbranche. Eén op de vijf deelnemers was ZZP’er, freelancer of ondernemer, terwijl een kwart van de deelnemers geen werk had toen zij een ontwikkeladvies aanvroegen. Bijna de helft van de deelnemers had al meer dan 20 jaar werkervaring.
Meer ontwikkeladviezen beschikbaar
Omdat het maximum zo snel bereikt was heeft het kabinet besloten om opnieuw ontwikkeladviezen aan te bieden. Vanaf 1 december 2020 konden werkenden en werkzoekenden weer een ontwikkeladvies volgen bij een loopbaanadviseur. Deze keer werden er 50.000 adviestrajecten ter beschikking gesteld. Ook dit keer waren de ontwikkeladviezen populair: in iets meer dan een dag hebben 55.000 mensen zich geregistreerd voor een ontwikkeladviestraject, waarmee het maximum aantal registraties in recordtempo bereikt is.
Meer informatie?
Voor meer informatie over dit onderzoek, neem contact op met Yannick.
Noor Galesloot MSc
Ik streef ernaar om door middel van beleidsonderzoek bij te dragen aan de re-integratie van kwetsbare doelgroepen. Daarbij vind ik het belangrijk om het perspectief van deze doelgroepen mee te nemen: waar hebben zij behoefte aan en hoe kan beleid daarop aansluiten? Om dit te bewerkstelligen maak ik graag gebruik van zowel kwantitatieve als kwalitatieve methoden. Ik ben geïnteresseerd in een breed scala aan onderwerpen, waaronder diversiteit, arbeidsparticipatie onder jongeren en de armoede- en schuldenaanpak.
Drie lessen over het verminderen van werkloosheid onder vijftigplussers
De rijksoverheid heeft in de afgelopen jaren fors geïnvesteerd in de arbeidsmarktpositie van ouderen. Wat heeft dit opgeleverd? Drie lessen uit ons evaluatieonderzoek.
Werkloosheid onder ouderen: een taai probleem
Wanneer vijftigplussers hun baan verliezen, hebben zij vaak moeite om weer aan het werk te komen. Ze blijven dan ook langer werkloos dan jongere werkzoekenden. Na de economische crisis van 2008 steeg de werkloosheid voor alle leeftijdsgroepen, maar het herstel kwam voor ouderen later dan voor jongeren, en was minder sterk. Er kunnen meerdere factoren aangewezen worden voor hun zwakke arbeidsmarktpositie, waaronder negatieve beeldvorming onder werkgevers, hogere loonkosten, verminderde wendbaarheid en een gebrek aan zoekvaardigheden.
Het Actieplan ‘Perspectief voor vijftigplussers’
In 2016 heeft het ministerie van SZW het actieplan ‘Perspectief voor vijftigplussers’ gelanceerd. De kern van de aanpak is om vijftigplussers te ondersteunen bij het vinden van een nieuwe baan, werknemers wendbaarder te maken op de arbeidsmarkt en werkgevers minder terughoudend te laten zijn bij het aannemen van vijftigplussers. Hiertoe bestaat het actieplan uit verschillende onderdelen die zich deels richten op het ondersteunen van de doelgroep ouderen en deels op het stimuleren van werkgevers om ouderen aan te nemen. Op verzoek van het ministerie van SZW hebben wij het actieplan geëvalueerd. Ons eindrapport is op 29 september 2020 aangeboden aan de Tweede Kamer, en biedt een overzicht van de ontplooide activiteiten en de effecten die daarmee zijn bereikt. Wat leren we hieruit? Hieronder zetten we drie lessen uit het rapport op een rij.
- Een ontwikkeladvies maakt ouderen wendbaarder en bevordert een positieve houding
Oudere werkenden (en hun leidinggevenden) konden vanuit het Actieplan een traject volgen bij een loopbaanadviseur, om hun loopbaanbewustzijn en wendbaarheid te bevorderen. Veel ouderen hebben gebruik gemaakt van het ontwikkeladvies. De deelnemers oordelen hier positief over, en het traject zorgt bij hen voor een positievere houding, zelfkennis en zelfvertrouwen. Ook zijn ze meer gaan nadenken over hun loopbaan. Deze lessen zijn momenteel zeer actueel, nu het Rijk vanuit het programma NL Leert ontwikkeladviezen aanbiedt voor werkenden om zich te (her)oriënteren op hun arbeidsmarktpositie tijdens en na de coronacrisis.
- De huidige financiële instrumenten prikkelen werkgevers niet om ouderen aan te nemen
Het loonkostenvoordeel en de no-riskpolis zijn financiële instrumenten die beogen werkgevers te prikkelen om oudere werkzoekenden in dienst te nemen. Ons onderzoek laat zien dat de no-riskpolis zeer beperkt gebruikt wordt. Het loonkostenvoordeel wordt vaker ingezet, maar werkgevers zien dit eerder als ‘leuke bijkomstigheid’ dan dat het een doorslaggevende reden is voor aanname van een oudere werkzoekende. De minister heeft aangekondigd vervolgonderzoek te gaan doen naar de situaties waarin deze financiële instrumenten wel kunnen bijdragen.
- Oudere WW’ers zijn gebaat bij extra intensieve dienstverlening
Dankzij het Actieplan hebben oudere WW’ers vaker intensieve persoonlijke ondersteuning ontvangen van UWV bij het vinden van werk. De oudere WW’ers zijn hier positief over. De meerwaarde ligt vooral in het ontwikkelen van hun zoekvaardigheden en hun oriëntatie op kansrijk werk. Wel zou UWV in hun ogen meer aandacht mogen besteden aan de bemiddeling naar werk. Toekomstig onderzoek zal nog uitwijzen wat de netto-effectiviteit is van de intensieve dienstverlening ten opzichte van de reguliere online dienstverlening van UWV.
En nu?
De huidige coronacrisis zorgt voor snel stijgende werkloosheid. Vooralsnog worden echter vooral jongeren geraakt, en zien we opvallend genoeg dat de werkloosheid onder 55-plussers ten opzichte van vorig jaar juist is gedaald. De minister heeft echter aangekondigd de ontwikkeling van de werkloosheid onder ouderen zorgvuldig te blijven monitoren, en een aantal maatregelen uit het Actieplan te continueren.
Meer informatie?
Voor meer informatie over dit onderzoek, of ander onderzoek naar de arbeidsmarktpositie van ouderen, neem contact op met Adriaan.
Technologie die werkt voor mensen met arbeidsbeperking
Technologie biedt waardevolle opbrengsten op het gebied van werkplezier, taakverbreding en werkbehoud voor mensen met een arbeidsbeperking. Dat blijkt uit zeven pilots waarin onder andere werkgevers en technologieontwikkelaars een jaar lang bestaande technologische ontwikkelingen hebben getest op de werkvloer.
Een voorleesbril, een exoskelet, spraakherkenning, een slimme bril, communiceren met beelden, een slimme heggenschaar en een energiemanagementdashboard zijn de technologieën die zijn gebruikt om werknemers met een arbeidsbeperking te ondersteunen op de werkvloer. Dit geldt bijvoorbeeld voor werknemers die moeite hebben met zien, horen, lichamelijk zwaar werk, hun concentratie of energiebalans.
Zeven pilots
Kunnen we bestaande technologieën op de werkvloer ook toepassen voor mensen met een arbeidsbeperking? Dat was twee jaar geleden de vraag van de Coalitie voor Technologie en Inclusie. UWV en het ministerie van SZW organiseerden vervolgens een challenge om partijen uit te dagen om verschillende bestaande vormen van technologie te testen op de werkvloer. Werkgevers, werknemers, technologieontwikkelaars en arbeidsdeskundigen konden hiervoor samen een pilotvoorstel indienen. De zeven beste voorstellen kregen subsidie van UWV om hier gedurende een jaar mee aan te slag te gaan.
In de praktijk getest
De technologische oplossingen zijn bij reguliere bedrijven en in de sociale werkvoorziening uitgeprobeerd in onder andere een spoelkeuken, een magazijn en bij hovenierswerkzaamheden. De introductie van technologie op de werkvloer blijkt kansen te bieden aan mensen met een arbeidsbeperking. De inzet van technologie kan bijdragen aan meer zelfvertrouwen, werkplezier en energie bij werknemers. In de pilots waar een voorleesbril en een spraakherkenningssysteem zijn ingezet, konden werknemers meer taken uitvoeren dan zij voorheen deden. In de pilot van de voorleesbril heeft de technologie ook bijgedragen aan urenuitbreiding en een vast contract voor de betreffende werknemer.
Op basis van de pilotervaringen worden op termijn ook financiële baten verwacht. Te denken valt aan besparingen op uitkeringslasten, kosten voor voorzieningen en kosten voor ziekteverzuim. Voor twee van de zeven pilots (voorleesbril en spraakherkenningssysteem) zijn de financiële kosten en baten doorgerekend. De inzet van technologie levert bij deze pilots meer op dan het kost.
Vervolgstappen
Er kunnen nog geen harde conclusies getrokken worden over de effecten van technologie voor een (duurzame) arbeidsparticipatie van mensen met een beperking. Daarvoor moet de technologie op grotere schaal – bij meer bedrijven en werkenden – en gedurende een langere periode worden getest. UWV verkent samen met de Coalitie voor Technologie en Inclusie de mogelijkheden voor vervolgstappen.
Meer weten?
Lees ook het artikel dat Het Financieele Dagblad hierover schreef of het UWV kennisverslag. Meer weten over de zeven technologische voorbeelden? Bekijk alle pilotbeschrijvingen, businesscases en het eindrapport op de projectpagina of neem contact op met Yannick.
Begeleiding naar werk voor 45-plussers blijft lastig
In de gemeente Almere werden bijstandsgerechtigden van vijfenveertig jaar en ouder intensief begeleid bij het vinden van werk. Ook met begeleiding blijft het lastig voor deze groep om werk te vinden. De afstand naar de arbeidsmarkt is vaak groot door onder andere fysieke problemen en werkervaring in krimpende sectoren. Klantmanagers zijn desondanks enthousiast, omdat zij merken dat ook klanten die (nog) geen werk vinden, wel actiever worden, bijvoorbeeld als vrijwilliger.
Op basis van het onderzoek zijn waardevolle lessen te leren. Lees er meer over in het interview met onze collega’s Hetty Visee en Bob van Waveren. Neem voor meer informatie over het onderzoek en de bevindingen contact op met Hetty of Bob of lees de onderzoeksrapporten, te vinden op de projectpagina.